EG kritiseert financiële steun Boelwerf

BRUSSEL, 5 JULI. De Europese Commissie heeft zware kritiek op de financiële steun van de Vlaamse overheid aan de Boelwerf, waardoor het voortbestaan van de werf weer onzeker is geworden.

Commissaris Van Miert (concurrentie) zei zaterdag dat de goedkope overheidskredieten waarmee de op stapel staande schepen worden afgewerkt, ruimschoots de normen uit de zevende EG-richtlijn voor de scheepsbouw overschrijden. Een definitieve beslissing had de Commissie echter nog niet genomen.

De Boelwerf werd begin april van faillissement gered door een akkoord tussen de Nederlandse Begemann-groep en de Vlaamse overheid. Begemann en de Vlaamse overheidsholding Gimvindus zouden beiden 500 miljoen frank voor de werf betalen. Begemann zou 51 procent van de aandelen verwerven, Gimvindus 49 procent. Samen zouden ze de komende jaar nog 2 miljard frank in de laatste grote scheepswerf van België investeren.

Daarnaast verstrekte de Vlaamse regering een krediet van 1,6 miljard frank om de op stapel staande schepen te kunnen afwerken. Een zelfde bedrag zou door de reders moeten worden voorgeschoten. De plafonds voor overheidssteun aan de scheepsbouw zijn daarmee volgens de Commissie met 600 miljoen frank overschreden.

De Begemann groep stelde zijn investering afhankelijk van goedkeuring van het akkoord door de Europese Commissie, die nu dus niet lijkt te komen. Van Miert zei zaterdag voor de televisie dat met dergelijke goedkope overheidsleningen reders straks geheel op kosten van de belastingbetaler hun schepen kunnen laten bouwen. Hij liet ook weten dat met het akkoord tussen de Begemann-groep en Gimvindus het personeel van de Boelwerf geen dienst is bewezen. Volgens Van Miert moet het voor alle betrokkenen van het begin af aan duidelijk zijn geweest dat de EG-richtlijn dergelijke steunbedragen niet toestaat.

De Vlaamse minister-president Luc van den Brande zegt in een reactie dat de criteria voor steunverlening door de Commissie niet juist worden genterpreteerd. Volgens hem mag er meer steun worden gegeven als de capaciteit van een scheepswerf wordt afgebouwd. Omdat de personeelssterkte van de Boelwerf met een derde wordt verminderd, is daarvan duidelijk sprake, zo meent hij. Van den Brande zegt "verwonderd' te zijn over de uitlatingen van Van Miert, omdat de definitieve beslissing nog moet worden genomen en het overleg nog gaande is. De bonden zijn er vooral boos over dat het slechte nieuws bekend werd, precies een dag nadat het voltallige personeel op vakantie ging.

De Europese Commissie zet ook vraagtekens bij de wijze waarop Begemann de overname van de Boelwerf heeft gefinancierd. Gimvindus zou de deelname van Begemann voorfinancieren en zich daarvoor laten terugbetalen in Begemann-aandelen. Deze zijn echter de laatste tijd sterk in waarde gedaald. De Commissie wil nu dat een onafhankelijke accountant de waarde van de aandelen bepaalt.