Armeniërs rukken op tot in Agdam

BAKU, 5 JULI. De Azerbajdzjaanse stad Agdam staat op het punt in handen te vallen van de Armeniërs. "Zelfverdedigingseenheden' uit de vooral door Armeniërs bewoonde enclave Nargorny Karabach drongen dit weekeinde door tot in het centrum van Agdam.

Terwijl Azerbajdzjaanse troepen in paniek uit Agdam vluchtten, richtte de vorige week benoemde Azerbajdzjaanse premier Huseynov een oproep tot alle weerbare mannen om zich per 8 juli te melden; wie in gebreke blijft staat “harde bestraffing” aldus Huseynov in een toespraak op de televisie. Hij richtte zich met name tot de soldaten die Agdam ontvluchten. “Diegenen die zwakheid tonen in het gezicht van de vijand hebben niet het recht zich Azeri te noemen. Zij zullen ter verantwoording worden geroepen wegens het ontvluchten van het slagveld.”

Agdam ligt even ten oosten van de enclave Nagorny Karabach, waarom al vijf jaar oorlog wordt gevoerd. Volgens de burgemeester van Agdam is de stad langdurig met artillerievuur bestookt, waarbij talrijke doden en gewonden zouden zijn gevallen.

In Azerbajdzjan is de situatie na de verdrijving van president Elçibey door Huseynov nog verre van stabiel. Zaterdag greep de politie hard in tegen duizenden aanhangers van Elçibey, die een demonstratie hielden voor de terugkeer van de president. Ze togen naar het hoofdkantoor van het Volksfront, Elçibeys partij, en riepen leuzen voor hun leider en tegen “de fascist” Huseynov en Elçibeys voorlopige opvolger, de voormalige communist Geidar Alijev. De politie moest zich uiteindelijk terugtrekken, toen ze er ondanks haar harde optreden niet in slaagde de betogers te verspreiden. (Reuter)