VN-VREDESMACHT

In de vele kritische commentaren in NRC Handelsblad over de effectiviteit van de VN-vredesmacht in Bosnië, Somalië en Cambodja miste ik voorstellen voor verbetering van die effectiviteit. Bijvoorbeeld door een aanvullende niet-militaire aanpak.

Bij VN-operaties moeten twee uitgangspunten in het oog worden gehouden. Politieke en militaire leiders verliezen zelden hun macht door ingrepen of pressie van buiten af, maar meestal pas als hun eigen mensen hen niet meer helpen en gehoorzamen. En met het laatste als doel moet het middel hiermee in overeenstemming zijn. Als het doel is: peacemaking of peacekeeping, peacebuilding of preventieve diplomatie - doelen die de secretaris-generaal van de VN stelt in "An Agenda for Peace' - is dan het geschiktste middel hetzelfde als dat waarmee oorlogen worden gevoerd, gewonnen of verloren?

In het algemeen worden vreemde legers, behalve van bondgenoten, door de bevolking waar ze worden ingezet als vijandig beschouwd. En er hoeft maar weinig onregelmatigs te gebeuren of dat is ook het geval met legers onder de vlag van de VN. Het is de vraag of de bevolking in conflictgebieden niet meer geholpen is met hulptroepen van de VN die grondig getraind zijn in vredeswerk. In het bijzonder met vredeswerkers die hulp kunnen bieden aan die bevolkingsgroepen die proberen een niet-militaire oplossing voor de heersende conflicten te vinden om zo vrede en democratie te bevorderen.

Die groepen, zo leert de praktijk, zijn er overal, ook in Bosnië, Somalië en Cambodja, maar ze worden over het algemeen meer tegengewerkt dan dat ze steun krijgen. Het zou een verbetering zijn als de VN beschikken over mensen die ingezet kunnen worden om in gebieden met spanningen en conflicten de daar aanwezige democratische en vredeskrachten te steunen.

Dat bijscholing van militairen die vredeswerk voor de VN gaan doen nodig is betwijfeld niemand meer. Maar is bijscholing wel voldoende? Is het ook niet wenselijk dat een aantal wordt omgeschoold? Peacemaking, peacekeeping, peacebuilding - om nog maar niet te spreken van preventieve diplomatie - is geen kwestie van militaire en niet-militaire technieken alleen, maar ook van een andere mentale instelling dan die ter bestrijding van vijanden.