DE MUS

Meesterlijk vond ik het stuk van Adriaan Morriën (Achterpagina, donderdag 24 juni) over De Mus.

Hoewel de taalkundige analyse van Hanlo's gedicht voor vaklieden ongetwijfeld van grote waarde is, werd ik toch het meest getroffen door de zo herkenbare beschrijving van een alledaags fenomeen, zo'n vogeltje dat iedereen wel kent maar eigenlijk allang niet meer opmerkt. Wie kent niet deze sympathieke opportunist, die vroeger nog "brutaal knipoogde', maar heden ten dage alles aan zijn kleine laarsjes lappend ongedwongen op het terrastafeltje mee eet van wat de pot schaft? Wie heeft niet midden op een warme zomerdag het "Philip, Philip' gehoord van een druk converserende mussenfamilie in de dakgoot?

Want laten we wel zijn, iedereen wéét toch dat mussen "Philip' roepen, en niet "Tjielp' of "Tjilp' of zelfs "Sjielp'?