Basketbal wacht cruciale keuzes

ROTTERDAM, 30 JUNI. De Nederlandse basketbalbond zoekt een nieuwe topsportcoördinator en binnenkort ook een nieuwe bondscoach. Coach Ton Boot is weg bij Den Helder, de club die jarenlang het grootste deel van de nationale selectie leverde, en heeft nog geen nieuwe baan. “Als ik mocht beslissen zou ik Boot vragen of hij bondscoach wil worden”, zegt Jan Willem Jansen, vorig seizoen coach van eredivisieploeg Canadians Amsterdam.

Het Nederlands team bereikte het afgelopen weekeinde een dieptepunt uit de nationale basketbalgeschiedenis. Het team, waarvoor zeven basisspelers hadden bedankt, wist zich niet te kwalificeren voor het Europees kampioenschap in 1995. Nederland verspeelde dit jaar ook al deelname aan het EK dat momenteel in Duitsland wordt afgewerkt, speelt de komende twee jaar geen internationale wedstrijden en mag pas in 1995 een gooi doen naar deelname aan het EK in 1997.

De huidige bondscoach Randy Wiel zal de bond verzoeken om zijn contract, dat nog ruim vier jaar door loopt, te ontbinden. Hij kiest voor een carrière in de Verenigde Staten. De bond is ook op zoek naar een nieuwe topsportcoördinator, die de technische zaken van een nieuw beleidsplan (Nederlands team, competitie en jeugd) moet vormgeven. Bovendien treedt de voorzitter van de topsportliga binnenkort af, nog geen half jaar na zijn benoeming.

De invulling van de vacatures is cruciaal. Want de bond zal de komende twee jaar de grootste moeite hebben de gelederen te sluiten en dreigt zich te isoleren van clubs en spelers. De Federatie van Eredivisie Basketbalclubs (FEB) - de tien topclubs - heeft deze week besloten dat haar ideeën over de toekomst van topbasketbal in Nederland te veel verschillen met de visie van de bond, om nog verder te overleggen. “Het bestuur luistert niet meer, neemt ons niet meer serieus als gesprekspartner”, zegt FEB-voorzitter Peter Vogelaar. De eensgezind operende FEB gaat zelfstandig haar eigen ideeën uitwerken en heeft bedankt voor deelname aan een "projectgroep' van de bond over de toekomst van het topbasketbal. De pas opgerichte Spelersraad, annex spelersvakbond (een initiatief van drie internationals) zit vrijwel geheel op de lijn van de FEB.

Voor de functies van topsportcoördinator en bondscoach ligt een combinatie Jansen-Boot voor de hand. Beiden worden door de clubs en de topspelers serieus genomen en hebben dezelfde ideeën. Boot uitte de laatste jaren herhaaldelijk felle kritiek op het beleid van de basketbalbond. Gevraagd of hij interesse zou hebben in de functie van bondscoach of topsportcoördinator, aarzelt hij voor hij voorzichtig een antwoord formuleert. “Daar zou ik over moeten nadenken. Misschien zijn die functies wel te combineren.” Boot denkt niet dat zijn openhartige houding een aanstelling onmogelijk maakt. “Ik ben geen zuurpruim, maar had kritiek omdat het pijn deed dat het basketbal achteruit ging. Het was inhoudelijke kritiek, die helaas soms persoonlijk werd opgevat. Als om die reden de afstand te groot zou zijn, stellen ze rancune boven kwaliteit. Want daarop zou ik eventueel worden aangenomen.”

Jansen heeft gesolliciteerd naar de functie van topsportcoördinator. Bij een sollicitatiegesprek zal hij pleiten voor de komst van Boot. “We moeten jonge spelers opleiden. Dat is net iets voor Boot”, zegt Jansen. “Je kan de uitschakeling van het Nederlands team desastreus noemen, maar het is ook een kans om opnieuw te beginnen. Wij zijn niet slechter dan België, we hebben evenveel talent. Alleen organisatorisch is het hier slechter. Het mag nooit voorkomen dat er acht spelers bedanken voor het Nederlands team.”

“Je kan nu de beste mensen op de juiste plaatsen zetten”, zegt Jansen. “Voor het Nederlands voetbalteam wil men Cruijff. Bij basketbal praat je dan over Boot. Er is een sterke man nodig, misschien wel "dictatoriaal'.”

Zowel Boot als Jansen ziet de oplossing in de jeugd. Door de populariteit van het Amerikaanse basketbal boekte de bond een ledenwinst van zes procent. “Dat is verheugend”, zegt Boot. “Maar het is een toevalligheid.” Die niet kan verbloemen dat dat de jeugd (rond achttien jaar) de aansluiting met het eredivisieniveau gaat missen. “Het overbruggen van die kloof duurt vijf jaar.” Hij kan dan ook niet begrijpen dat het afgelopen jaar financieel fors is gekort op de jeugdteams. Die werden niet uitgezonden naar internationale toernooien. “Beleid is lange termijn. Je moet radicaal voor de jeugd kiezen. Maar dat gebeurt nog te weinig door de democratische structuur van de basketbalbond. Dat is leuk in vredestijd, maar het is nu oorlogstijd.”

Wat de eredivisieclubs steekt, is dat de bond niet wil inzien dat de positie van de eredivisie te veel verschilt van de rest van het Nederlandse basketbal om het op een hoop te gooien met bijvoorbeeld de vrouwencompetitie. “De bond heeft een beleidsplan aangenomen op de jaarvergadering”, zegt Vogelaar. “Dat is curieus want daar praat het recreatieve basketbal, niet de topclubs. De belangen van de topclubs - met budgetten van twee tot zes ton per club - zijn zo groot, dat die zelf willen beslissen.”

De FEB gaat daarom haar competitie zelf uitbaten, zal één sponsor zoeken voor de hele competitie, voert onderling overleg over spelerssalarissen, budgetten, overschrijvingen van spelers en jeugdopleiding. De competitie loopt geen gevaar. FEB en bond bereikten de afgelopen maand nog wel overeenstemming over een nieuwe opzet. Maar wat betreft de verdere organisatie van het seizoen is de bond in het defensief gedrukt. Tekenend is de krampachtige houding van de bond toen de FEB met de NOS ging praten over het uitzenden van wedstrijden op televisie. De bond stuurde de NOS een brief, waarin de zender erop werd gewezen dat de FEB geen recht van spreken had.

“Er is maar één orgaan dat een competitie organiseert”, zegt Peter Notten, directeur van de basketbalbond, beslist. “Dat is de bond, in overleg met de clubs. De bond heeft ook het auteursrecht op de wedstrijden. En de clubs kunnen met de NOS geen afspraken maken waar de bond zich dan aan zou moeten houden. De bond overlegt ook met de TROS en Veronica”.

Notten gaat er nog steeds van uit dat dat de clubs en de bond voor negentig procent op dezelfde lijn zitten. Hij ontving deze week een brief van de FEB, die aankondigde dat de bond volgende week inzage krijgt in haar plannen. Dat verbaasde Notten. “Vorige maand was onze analyse van de situatie nog dezelfde. Kennelijk is er iets veranderd. Maar ik houd het er op dat het "aanloopproblemen' van de samenwerking zijn.”