Zonder wreedheid

Na Maradona, Gullit en LeMond is nu ook Ivan Lendl in de (sportieve) dood verzegeld. Met een smash ten gronde gestuikt, wankelend weer opgestaan en met een ziel vol scherven weggelopen. Exit Lendl. Wat nu nog komt, biedt het houvast van stromend water: eervol sterven is een geringere straf. Toch zal ik Lendl missen.

Vijftien jaar lang is de Tsjech een eenling gebleven op en rond de tenniscourts. Hij serveerde, retourneerde, volleyde en won met het gezicht zo gesloten als een kolenschop. Het hele systeem van wat eens zijn land was, lag gebeiteld tussen kin en schedel. De ascese van verdriet was er altijd. Nooit een samba in de heupen, nooit een spectaculaire duikvlucht, nooit eens een carambole van geluk en genot. Een oude eik in tennisbroek die geleerd heeft als een robot te rammen.

Driemaal winst op de US Open, idem dito op Roland Garros, de zegekoning van de Australische Open, goed voor een bankkluis met 250 miljoen gulden en nóg had Ivan Lendl de wereld niet bereikt. Deze genadeloze atleet bleef het IJzeren Gordijn in zich dragen. Altijd en overal de Mystery Man op gras en gravel. Lendl was een speler voor Wimbledon waar zelfs de wit gelakte, met koper beslagen netpalen klappertanden van respect. Veertien keer heeft hij het geprobeerd, veertien keer werd hij door het heilige gras uitgelachen. Oké, verliezen van Becker, Courier of Edberg kan nog, dat is sterven in de hemel. Maar naar huis geknald worden door ene Arnaud Boetsch is een vernedering te ver. Boetsch... die naam alleen al.

Mijn liefde voor Ivan Lendl is er nog groter op geworden. Misschien is het wel tijd voor een poster boven het bed. De schoonheid van de 33-jarige Tsjech was zijn extreem volgehouden getuigenis dat sport een vak is. Niets minder, niets meer. Altijd gaf hij de indruk dat hij op de fiets naar het tenniscourt was gekomen. Boterhammetjes onder de snelbinders. Nooit heb ik hem gezien met zo'n Italiaans vijf-dagen-baardje; van oorbellen wist hij alleen dat ze waren uitgevonden. Tussen Lendl en de tenniswereld lag de geurscheiding.

Ontroerend mooi waren de momenten dat de veteraan zijn racket aan het aanspannen was. Zijn ogen werden dan nog glaziger alsof hij geschrokken was van de geheimzinnige energie in die dunne draadjes. Weer op weg naar de baseline wierp hij voor het serveren de rechterschouder met een rukje naar boven om de spieren los te schudden. Lendl kwam nooit met van die korte, parmantige Agassi-pasjes aangelopen. Hij schreed ook niet met de valse traagheid van koningen en presidenten. Hij liep gewoon het gras op, lichtjes lusteloze tred, zoals ijzervlechters door de fabriekspoort stappen. Ivan Lendl hield er een intern beloningssysteem op na. Aan het zegegebaar na een wedstrijd kon je nooit zien hoe gelukkig hij was. De arm even in de hoogte als een roestige staak, de variant van een glimlach rond de mondhoeken en de ogen onverminderd vol koude lava, zo stond hij daar dan. De Tsjech onderging iedere céremonie protocolaire als een versteende zwerver die de grens is overgekomen zonder herinneringen. Roem maakte hem nog zuiniger in woord en gebaar dan hij al was. Deze kampioen zou je niet horen zeggen dat tachtig procent van de vrouwelijke collega's uit vette varkens bestond.

Lendl is weg, voor mij mag het licht op Wimbledon uit. Het heiligste aller toernooien is trouwens toch niet meer wat het was. Vroeger zag je rond centre court nog van die mooie antieke gezichten. De toeschouwers op de tribunes bleven vooral betoverd door hun eigen spiegelbeeld. Een enkel hoog kreetje van bewondering, een bewogen oooh of een zucht waren zowat de enige tekenen van leven. En als er gelachen moest worden, ging het handje voor de mond.

Wimbledon anno 1993 is de karikatuur van een boosaardig land. Joelende tribunes, ordinair gekrijs, zelfs applaus als een bal bij een dubbele fout in het net strandt. Ik zie ook geen mooie hoeden en geen mooie jurken meer. Weg rang en stand, weg aristocratische suffigheid, weg rituelen van sacrale implosie. De staatsie is gestorven aan het succes van Wimbledon. Zelfs de malse regenbui is uit de traditie gestapt.