TALISMAN 86

In Een klok en profil (1965) heeft K. Schippers de twee zinnen van een gedicht omgezet in de reeks woordsoorten die ontstaan bij taalkundige ontleding. Kun je uit die woordsoorten de woorden reconstrueren?

Drie verschillende zinnen kunnen dezelfde reeks woordsoorten vormen. Drie verse kippen mochten andere mand eieren kapotschoppen. Vier verschrikkelijke Finnen wilden hetzelfde rijtje moorden plegen.

Dat waren drie zinnen met achter elkaar: een telwoord, een bijvoeglijk naamwoord, een meervoudig zelfstandig naamwoord, een werkwoord in de derde persoon meervoud, een bijvoeglijk naamwoord, een zelfstandig naamwoord, nog een zelfstandig naamwoord nu in het meervoud, en een werkwoord in de onbepaalde wijs.

Bij Schippers hielp het als je er achter kwam dat het om twee spreekwoorden ging. Dat zijn mijn vijf opgaven ook. Ik gebruik deze afkortingen: Z een zelfstandig naamwoord (in het enkelvoud), W een werkwoord in de derde persoon enkelvoud, B een bijvoeglijk naamwoord, V een voorzetsel en L een lidwoord.

Wat zijn deze vijf spreekwoorden:

1. V Z W Z

2. Z W

3. B W L B (overtreffende trap!)

4. V L Z, V L Z

5. Z W B Z (meervoud!) B.

Zend de spreekwoorden naar Talisman, NRC Handelsblad, Paleisstraat 1 in Amsterdam en win mijn prijs.

OPLOSSING TALISMAN 85

In De Verteller (1970) heeft H. Mulisch de vraag gesteld of je een geheimschrift kan ontwerpen dat elke letter door steeds dezelfde andere letter vervangt, zó dat Nederlandse teksten er Nederlands blijven uitzien. Ik gaf het antwoord op die vraag (Néé, dat kan niet. Klinkers moeten in klinkers overgaan, anders krijg je Joegoslavische klinkerloze woorden. Let nu op de medeklinker S. Die kan in het Nederlands aan het begin van een woord staan vóór drie (schr) of twee (spl, spr, str) andere medeklinkers. Geen enkele andere medeklinker kan dat. Dus waar zou S in moeten veranderen?) maar de vraagsteller wilde dat niet weten en schreef De verteller verteld (1971) om te schelden op degeen die het mysterie verkleind had.

In Talisman 85 vroeg ik u om een code te bedenken en een boodschap, die er na vertaling Nederlandsig zou uitzien.

In die boodschap kon u moeilijke combinaties van schrijf- en spraakstremmingen vermijden.

Mij verraste het kinderliedje:

Et ar oor fluor fluor grutto-grutto-terw

weel gemor mio zeepsop zoot helberm

or wo oor WAO ftaop wo dtyamo dtyamo dtyam...

waarin men een groen groen knolle-knolleland kan herkennen.

Maar mijn prijs ging naar Piet Zwart uit Deventer, die de tien letters ABDGIJKLSW omzette in EVNHOMPRTZ en die een lange tekst op Loe van Gaal (Ria bed Heer) kon coderen, waarvan het einde (Hier kots ik van, ik baal er na zes jaar van. Pik ik het? Gehad met Van Gaal!) in geheimschrift luidt: Goal pist op bed, op veer al de wat meel bed. Kop op gas? Hagen jas Bed Heer!

Zwart krijgt de prijs.