Meerderheid Kamer tevreden over resultaten van Antillen-overleg

DEN HAAG, 2 JULI. Een meerderheid van de Tweede Kamer is tevreden over de resultaten van het overleg vorige week met Aruba en de eilanden van de Nederlandse Antillen over de toekomstige verhoudingen met Nederland.

Tijdens een debat gisteravond zeiden de meeste fracties het wel te betreuren dat Nederland vorige week geen inhoudelijke afspraken heeft kunnen maken met het hoofdeiland van de Antillen, Curaçao. Dit eiland streeft naar een autonome status binnen het koninkrijk maar accepteert niet dat Nederland daarbij voorwaarden stelt op terrein van rechtshandhaving, behoorlijk bestuur en financiën.

VVD-woordvoerder Wiebenga had een afwijkend en kritisch oordeel over de resultaten van het tot nu toe gevoerde overleg. Volgens hem is het huidige Antillenbeleid “een rommeltje”. Net als de meeste andere woordvoerder kwam Wiebenga tot de conclusie dat in de bilaterale gesprekken vorige week Curaçao gesoleerd is van de andere eilanden. Hij beoordeelde dit echter negatief. “De taktiek van verdeel en heers is hier niet gewenst. Het beleid had erop gericht moeten zijn het uiteenvallen van de Antillen te voorkomen.” Volgens Wiebenga kan Curaçao “op deze manier status aparte wel vergeten”. Hij pleitte voor de invoering van een toelatingsbeperking om te voorkomen dat hoogopgeleiden de Antillen verlaten.

CDA, PvdA, GroenLinks en D66 vinden echter dreigementen aan het adres van Curaçao niet de aangewezen methode. “Matteklopperij kunnen we beter aan het Simplisties Verbond overlaten”, zei het D66-Kamerlid Tommel.

Premier Lubbers toonde zich optimistisch over de afspraken die vorige week met Curaçao in Willemstad zijn gemaakt. De toezegging van het eiland om in augustus met Nederland de bilaterale gesprekken voort te zetten en met eigen gedocumenteerde voorstellen te komen over de aanpak van bestuurlijke en financiële problemen, noemde Lubbers positief. “Dat is meer dan een procedurele afspraak. Ik verwacht niet dat alles wat toegezegd is in twee maanden ook gereed is maar het geeft de gelegenheid om te bezien of we tot iets of tot niets komen.”

De Kamer sprak haar bezorgdheid uit over de houding van Curaçao, maar volgens een meerderheid is er sprake van een lichte verbetering. “Curaçao begint aan een inhaalmanoeuvre”, verklaarde de CDA'er Krajenbrink. “Men lijkt nu aan de slag te willen.”

Verschillende woordvoerders plaatsten verder grote vraagtekens bij het voornemen van Curaçao om nog dit jaar een referendum over een nieuwe staatkundige structuur te houden en een eigen grondwet te ontwerpen. Volgens Jurgens (PvdA) hoeft Nederland de uitkomst van de volksraadpleging niet te accepteren. “Je kunt geen referendum organiseren over iets wat niet besloten is,” aldus Jurgens.