Het zesde gezicht

Dertig? Veertig? Of een leeftijd daar tussenin? Ouder misschien? Groot of klein? Hoe zwaar? Al lang dood?

Wat voor schoenen? De kleur van zijn sokken? Draagt hij een pak? Of hebben z'n broek en z'n jasje niet dezelfde kleur?

Is die hoed van hem of van de fotograaf?

Direkteur of bediende? Rijk of arm? Handelsreiziger, kaasverkoper, kruidenier? Iemand uit de sport? Worstelaar, gewichtheffer, bokser? Of een onderwijzer, een leraar, een professor, al zou je dat van dat gezicht niet denken?

Welk jaar? 1920, 1930 of een dag daar tussenin? Vroeg van huis gegaan? Of is het al laat in de middag? Zit hij in de deftige studio van een fotograaf? Of laat hij zich op de kermis fotograferen?

Voor wie? Voor een vrouw of een vriend? Voor z'n kinderen? Was het iets nieuws? Waarom worden die foto's nu dan niet meer gemaakt?

In welke taal heeft hij de fotograaf bedankt? Hoeveel dagen moest hij wachten voor de foto was afgedrukt?

En hoe heeft hij gekeken toen hij zich voor het eerst zo zag? Toen hij z'n gezicht van alle kanten kon bekijken? Was hij verbaasd, heeft hij gelachen, of keek hij ernstig naar zijn vermenigvuldigde gezicht?

Zou je dat zesde gezicht niet willen zien als je hem in een doos met foto's en prentbriefkaarten op een rommelmarkt ziet liggen?