FME legt "ongehoorzaam' Inventum forse boete op

ROTTERDAM, 2 JULI. De vereniging van werkgevers in de metaal en elektrotechnische industrie (FME) heeft het aangesloten bedrijf Inventum een boete opgelegd van 300.000 gulden. Inventum krijgt deze boete omdat de onderneming in maart op eigen houtje een overeenkomst over arbeidsvoorwaarden met de vakbonden sloot. Dit is volgens de statuten van de FME verboden.

Enkele dagen geleden heeft de FME een brief aan Inventum gestuurd waarin ze de boete oplegt. Ook heeft het bestuur van de FME besloten Inventums lidmaatschap van de werkgeversorganisatie voor een half jaar te schorsen. Inventum heeft boos gereageerd. “De FME is een instelling die service verleent aan zijn leden. Ze mag niet bepalen hoe de bedrijfsvoering eruit moet zien”, aldus R. Coljee, hoofd personeelszaken bij Inventum.

Coljee zegt dat het bedrijf overweegt in beroep te gaan bij de FME of de beslissing aan te vechten bij het Europese Hof van Justitie. Ook denkt Inventum erover het lidmaatschap van de FME op te zeggen.

In maart braken stakingen uit in de metalelektro omdat de FME weigerde de kabinetsingreep in de uitkeringen bij arbeidsongeschiktheid (WAO) verplicht voor alle werknemers aan te vullen. De directie van Inventum, die juist in gesprek was met een Amerikaanse overnamekandidaat voor de divisie luchtvaart, wilde een staking voorkomen. Ze bood een loonsverhoging van 2,8 procent en collectieve reparatie van het zogeheten WAO-gat.

De FME beschouwt dit als het afsluiten van een eigen collectieve arbeidsovereenkomst (CAO), iets wat in de statuten van de werkgeversorganisatie verboden is. Zowel Inventum als de Industriebond FNV zien de overeenkomst echter als uitvloeisel van eerdere afspraken die gemaakt werden op het gebied van werkgelegenheid en investeringen.

Districtbestuurder A. Haubrich van de Industriebond FNV noemt de boete “van de zotte”. Volgens Haubrich probeert de FME op deze manier zijn leden weer op één lijn te krijgen. “Iedereen moet terug zijn hok in. Zo probeert de FME opnieuw een monopoliepositie aan de onderhandelingstafel te krijgen”, aldus Haubrich.