Staat schrikt potentiële beleggers PTT af

ROTTERDAM, 1 JULI. De beursgenoteerde PTT wordt een "dichtgetimmerde' structuurvennootschap waarin de Staat veel te vertellen heeft. Minister Kok (financiën) en minister Maij-Weggen (Verkeer en Waterstaat) hebben in hun wetsvoorstel voor de beursgang van de PTT weinig rekening gehouden met de wensen van grote internationale beleggers. De overheid kan zich daarmee in de vingers snijden.

Een massale deelname van Amerikaanse en Britse beleggers aan de beursgang is immers doorslaggevend is voor een hoge opbrengst voor de staatsaandelen, een bedrag dat het kabinet alvast heeft geboekt voor het terugdringen van het financieringstekort en - bij een latere tranche - voor hoognodige investeringen in de infrastructuur.

Een geringe mate van zeggenschap voor aandeelhouders zal potentiële beleggers afschrikken, zo lieten bankiers al eerder weten. Zeker omdat zij, gezien de overvolle "privatiseringsagenda', de keuze hebben uit een aantal buitenlandsetelecombedrijven dat naar de beurs wordt gebracht ofwel een nieuwe aandelentranche plaatst. De overheid heeft daarom veel haast met de beursgang van KPN.

Van de bancaire raad het "stigma van staatsbedrijf' van zich af te schudden heeft de Nederlandse overheid zich evenwel weinig aangetrokken. Ondanks een minderheidsbelang van 30 procent blijft de Staat niet alleen als concessieverlener, toezichthouder, benoemer van commissarissen, aandeelhouder en verstrekker van geldleningen de gang van zaken bij KPN controleren, maar ontleent aan het zogenoemde bijzondere aandeel ook nog een groot aantal rechten.

De staat kan zijn veto uitspreken over voorgestelde tariefsverhogingen eninvesterings- of fusieplannen van Koninklijke PTT Nederland (KPN). Daar komt nog bij dat KPN een structuurvennootschap blijft, een de afgelopen tijd veel bekritiseerde rechtsvorm waarin aandeelhouders weinig hebben te vertellen. De staat krijgt het recht drie van de negen KPN-commissarissen te benoemen.

De reden voor de bemoeienis van de staat is duidelijk. Gezien de openbare nutsfunctie die het bedrijf vericht wil de de staat veel invloed houden op het wel en wee van KPN. Het bedrijf is “onontbeerlijk” bij een de dagelijkse gang van zaken in onze maatschappij. De overheid wil voorkomen dat KPN “juridisch en/of financieel wordt uitgehold”.

De vraag is of de overheid in dat streven niet te ver is gegaan. In het commentaar op het wetsvoorstel zet de Raad van State vraagtekens bij de creatie van een bijzonder aandeel “waarbij aan de houder van één aandeel met een zeer beperkt financieel belang (...) grote macht wordt toegedeeld”. De Raad vraagt zich af in hoeverre dit valt te rijmen met het streven KPN te laten functioneren als een “marktcomforme” onderneming en in hoeverre dit de opbrengst van de herplaatsing van de aandelen zal drukken.

Doel van de beursgang is dat KPN meer als commercieel bedrijf kan opereren in een zich zeer snel ontwikkelende markt voor informatietechnologie. Bovendien is er steeds minder reden voor overheidsbemoeienis omdat het terrein waarop de KPN exclusieve rechten heeft (de zogenoemde concessies) steeds verder afkalft. Bij de post strekt die concessie zich uit tot brieven tot 500 gram. De mobiele telecommunicatie en communicatie via het kabelnet is al vrij gegeven. Het verzorgen van het binnenlandse telefoonverkeer via een vaste lijn is nu nog een exclusieve plicht van PTT Telecom, maar ook hier zal de liberalisatie de komende jaren toeslaan, zo luidt de verwachting die de overheid zelf in het wetsvoorstel uitspreekt.

In het wetsvoorstel staat een sprekend voorbeeld hoe de overheid de komende jaren de bewegingsvrijheid van het KPN-management kan beperken. PTT Telecom liet eerder dit jaar weten dat de stagnerende winst de komende jaren kan worden opgevijzeld door de - internationaal gezien lage - binnenlandse telefoontarieven te verhogen. Maar de overheid steekt daar een stokje voor.

Minister Maij deelt kortweg mee dat PTT Telecom geen gebruik mag maken van ontstane "ruimte' van de afgelopen jaren, want de index voor tarieven is door het ministerie op 1 januari dit jaar op 100 gesteld. Een lelijke streep door de rekening van KPN, want die tariefsverhoging was hard nodig om ook de komende jaren een hogere winst te laten zien. Juist de belofte van groei betekent een hogere prijs voor het aandeel KPN en dus een hogere opbrengst voor de overheid.