Robert De Niro speelt een van zijn mooiste rollen sinds jaren; Ontwapenend alledaagse politiemannen en gangsters

Mad Dog and Glory. Regie: John McNaughton. Met: Robert De Niro, Bill Murray, Uma Thurman, David Caruso, Mike Starr. In 15 theaters.

Je ziet Wayne en je kent 'm. Blauwe blazer en grijze broek, beide van de soort die altijd kan, nooit flatteert en uitsluitend wordt gekocht door naar middelbare leeftijd neigende mannen wier verschijning lijkt te bewijzen dat de mens nooit bedoeld is geweest om alleen te leven. Robert De Niro speelt met deze Wayne een van zijn mooiste rollen sedert jaren. Wayne is een politieman. Hij maakt zelfs al jaren deel uit van de moordbrigade van Chicago, maar zijn schuchtere gelaatsuitdrukking en zijn licht gebogen schouders maken direct duidelijk dat zijn bijnaam "Mad Dog' alleen ironisch bedoeld kan zijn. Mannen als hij zijn geen heldhaftige jagers, en voor criminelen zijn ze vooral bang. Zijn taak is om op de plaats van een moord de situatie op te nemen. Hij fotografeert het lichaam, concludeert op grond van jarenlange ervaring exact hoe het slachtoffer aan zijn eind kwam, maakt een smakeloos maar leuk grapje en trekt zich ijlings weer terug op het bureau, in afwachting van de volgende melding. Zijn pistool heeft hij al zo lang geleden getrokken dat hij zich niet meer herinnert hoe dat voelt. Net zo min weet hij meer precies hoe het was om een vrouw te beminnen. In Mad Dog and Glory wordt hij gedwongen beide ervaringen weer op te pakken. Dat pistool is eens maar nooit weer: klamme angstdromen krijgt hij ervan. Maar hij redde zo wel het leven van een flamboyante zware jongen en die heeft een onverwachte manier van bedanken in petto: Wayne krijgt een week een meisje te logeren. "Cadeautje' zegt de gangster, die sympathiek wordt door zijn verlangen naar vriendschap met deze verlegen man. "Wat moet ik ermee' denkt Wayne die nog niet eens de buurvrouw over de vloer wil hebben.

Mad Dog and Glory werd geregisseerd door John McNaughton op grond van een scenario van Richard Price. Dat scenario moet de consequent onsentimentele neerslag zijn geweest van wat met gemak een romantische draak had kunnen opleveren. Er valt te genieten van ongebruikelijke, geestige en toch natuurlijk aandoende dialogen, de structuur is hecht, de inhoud is rijk en ook in de bijrollen is er sprake van uitgewerkte, volle personages. Regisseur John McNaughton heeft dat alles moeten typeren en hij deed dat kunstig, zonder franje, met het juiste accent en in precies de geschikte toonaard. Zijn vormgeving benadrukt liefderijk de middelmatigheid van de personages. Hij filmde bestudeerd onbijzonder, op schrale locaties, de goedkoop ogende, bleke kleurstelling van het ouderwetse familieweekblad en met ruime, bijna grove camerastandpunten. McNaughton is als geen ander in staat te laten zien hoe gewoon ongewone mensen zijn. In zijn eerdere film Henry, Portrait of a Serial Killer werkte dat vooral verontrustend: Henry was een seriemoordenaar die zich alleen van de gemiddelde Amerikaanse provinciaal onderscheidde doordat hij een moord per dag pleegt, maar ook een bescheiden man die ieders kennis kon zijn.

In Mad Dog and Glory is opnieuw iedereen ontwapenend alledaags. Dat geldt allereerst voor Wayne, kijk alleen maar hoe hij bij het morgengrauwen, na gedienstig de buren hun krant te hebben gebracht, nog even op de bank uitpuft van zijn nachtdienst en genietend meehumt met Louis Prima's "That Old Black Magic'. Het gaat ook op voor zijn partner (leuk geacteerd door David Caruso), de jonge vechtersbaas met de grote mond en het kleine hartje. En zeker voor de patserige gangster Frank (een zichzelf overtreffende Bill Murray). Die is, hoewel levensgevaarlijk en komisch in zijn herenpretenties, voor alles charmant en eenvoudig in zijn gevoeligheidjes. Hij mag menigeen voor zich laten sidderen, hij is ook een amateur-komiek en zijn bewondering voor Waynes oneliners is oprecht. Zijn snel gekwetste lijfwacht houdt er met zijn filmsterrenmanie een in de VS zeer gebruikelijke hobby op na en klaagt, ondanks zijn kamerbrede schouders, op een manier die je in elke buurtwinkel kunt horen. Ook van de mysterieuze Glory, het meisje dat cadeau wordt gedaan, wist McNaughton nog een doorsnee mens te maken, een zenuwpeesje met vettig haar. Al deze personages vervatte hij vervolgens discreet in het door alledaags absurdisme geteisterde milieu van de kleine, alleenstaande mens. De vele incidentjes - met buren, met collega's - die elke andere filmer uit het scenario zou hebben geschrapt als afleidende bijzaak, greep hij juist aan om die sfeer nog scherper aan te zetten met de notie dat dit de normaalste mensen van de wereld zijn, ook al beleven ze nu even wat merkwaardige dingen.

Voor alle personages komt er een moment dat ze boven zichzelf uitstijgen. Die ogenblikken zijn te mooi om te verraden, maar dat van Wayne was al te zien in de trailer van de film. Voor het eerst sinds jaren voelt hij zich een geslaagd mens en dat uit hij door eer hij het zoveelste bruut afgeslachte lichaam onderzoekt, een muntje in de aanwezige jukebox te gooien. Natuurlijk voor een nummer van Louis Prima, het uitgelaten "I Ain't Got Nobody' dit keer. De manier waarop De Niro zijn Wayne schalks zijn leesbril laat opzetten en met kokette danspassen aan de slag laat gaan is goud waard. Wayne zal gloriëren, zoveel is zeker, alleen zal hij dat doen op zijn manier, niet zoals filmhelden dat plegen te doen.

    • Joyce Roodnat