Drie theatervoorstellingen op locatie in de Rotterdamse wijk Ommoord; Verrassingen tussen laagbouw en flats

Het driedelige theaterevenement Waan en Werkelijkheid is nog te zien t/m 3 juli. Elke avond vertrekt om 20.15 uur een bus vanaf busstation Martin Meesweg, nabij NS- en metrostation Alexander. Om 20.45 uur vertrekt een tweede bus vanaf het Proveniersplein, achterzijde Centraal Station. Informatie: 010-4256588.

ROTTERDAM, 30 JUNI. Een vrouw in een felrood fluwelen jasje baant zich een weg door hoog opgeschoten brandnetels en bereklauwen. Als ze de stoet mensen op het pad heeft bereikt, blijft ze staan en stelt ze zich minzaam glimlachend voor: “Nancy, uw gids voor deze avond.” Terwijl ze het treuzelende publiek voortdurend maant aan te sluiten gaat ze de groep voor en leidt hen om een dichtbegroeide vijver. Om de paar meter houdt ze stil om ons attent te maken op wat zich tussen de bomen en op het water afspeelt, "een driehoeksverhouding in het gras' bijvoorbeeld, of een romantisch tafereel op een vlot dat vanaf de brug over het water belangstellend wordt gadegeslagen door toevallige passanten.

De scènes, die voor de goede verstaander verwijzingen blijken te bevatten naar Shakespeares Een midzomernachtsdroom en Het Park van Botho Strauss, maken deel uit van Parck, een door choreograaf Piet Rogie opgezette lokatievoorstelling in een heemtuin in de Rotterdamse wijk Ommoord. Het publiek, dat met bussen naar het park is gebracht, wordt op dezelfde avond op nog twee andere lokaties in Ommoord afgezet en krijgt zodoende en passant een indruk van deze na-oorlogse stadswijk in Rotterdam die met de aangrenzende wijk Alexanderpolder op het moment de aanleiding is voor de multidisciplinaire manifestatie AIR (Architecture International Rotterdam)-Alexander.

De tocht naar de speciaal voor deze gelegenheid gemaakte theaterprodukties die "Waan en werkelijkheid' als gemeenschappelijk thema hebben, voert langs uitgestrekte laagbouw en flats. Daartussen is opvallend veel groen te zien. Het idee van Piet Rogie om zijn voorstelling in een heemtuin te situeren typeert de wijk dan ook net zo goed als de twee andere locaties die zijn gekozen om als achtergrond te dienen voor theatrale uitbeeldingen: een zaal in een flatgebouw en een naargeestige donkerbruine ruimte die eens dienst deed als jongerencentrum.

Dat de heemtuin op een lichte zomerse avond het meest tot de verbeelding sprekende decor vormt zal niet verbazen. Als in deze idyllische omgeving plotseling zachte muziek van Richard Strauss of Mahler over het water aanwaait waan je je bijna in een film, maar de veertien acteurs en dansers die, gebruikmakend van bootjes, bruggen en vlonders, steeds op andere plaatsen in het park opduiken maken op vaak komische en verrassende wijze een eind aan die illusie.

Veel intiemer en kleinschaliger is Na de maden, stillevens deel 1, een poppenkastvoorstelling voor volwassenen van Geerten Ten Bosch (beeldend kunstenares) en Harriët van Reek (beeldend kunstenares en kinderboekenschrijfster). Achter twee deuren en een raam zien we onder meer hoe een tafel met tafellakens wordt bedekt, hoe deeg wordt gekneed en hoe water in flessen wordt opgevangen. Het zijn grappige beelden die de aandacht vestigen op twee paar beweeglijke handen en af en toe ook op de theatermaaksters zelf die soms in een deuropening verschijnen en zo de suggestie van hun poppenkastspel teniet doen.

Zo stemmig als de belichting is in Na de maden, zo kil oogt Karoshi van theatermaker Dave Schwab. In het blauwige licht van het leegstaande jongerencentrum bewegen de in zwarte pakken gestoken spelers zich volgens choreografische patronen, nu en dan als ledepoppen op de grond vallend. Ze verbeelden mensen die zich letterlijk doodwerken: een nieuwe, in Japan, ontdekte ziekte die Karoshi wordt genoemd. Uiteindelijk marcheert de groep gedisciplineerd het pand uit. Het publiek volgt en ziet buiten nog net hoe de zwarte schimmen tussen de bomen in het donker uit het zicht verdwijnen. Aarzelend applaudiseert men voor een groot leeg grasveld.

    • Noor Hellmann