Popartiesten "unplugged' in hun opnamestudio

2 Meter Sessies, Ned. 3, 21.26-21.55u.

Zelfgeproduceerde popprogramma's van de Nederlandse omroepen horen thuis in de komkommertijd, omdat ze zelden aan een niveau van goedbedoeld amateurisme ontstijgen. De televisieversie van Jan Douwe Kroeskes 2 Meter Sessies spant in dat opzicht de kroon, want de makers hebben geen enkele moeite gedaan om de gefilmde radiosessies visueel aantrekkelijk te maken. We zien artiesten modderen in de opnamestudio, gebogen over microfoons en met argwanende blikken richting camera.

Kroeske probeert er een draai aan te geven, door verband te leggen met MTV Unplugged. "Wat ik op dat moment nog niet kon weten," zegt hij over het begin van zijn radiorubriek in 1987, "was dat akoestische muziek uit zou groeien tot een belangrijke stroming in de rockindustrie." Alsof akoestische muziek een uitvinding was van de platenmaatschappijen, die hun artiesten uit artistieke overwegingen opdroegen om de versterkers aan de kant te schuiven. De Unplugged-connectie wordt onmiddellijk gelogenstraft door het eerste nummer van de groep World Party, met de elektrische gitaar van zanger Karl Wallinger prominent in zicht. De beelden van de altijd dolenthousiaste Jan Douwe ("Dankjewel! Fantastisch! Heel goed!") achter het mengpaneel tonen niet alleen hoe nauw de presentator bij deze intieme onderonsjes met de artiest betrokken was, maar vestigen tegelijk de aandacht op de galmpjes en echo's die naderhand nog aan de opname werden toegevoegd. Vooral bij World Party levert dat een gekunstelde geluidsbalans op. Zo'n groep doet alleen mee aan de alom heersende sessiegekte om de aandacht te vestigen op nieuw plaatwerk.

De Nederlandse groep Sjako onderstreept het muzikaal vakmanschap met een drummer die geen drumstel nodig heeft om het ritme aan te geven. De versleten hippiemuzikant Jim Capaldi uit Traffic geeft een minder florissante blik in de keuken van het artiestenbestaan. Nadat hij zijn hartverscheurende pianoballade met hangen en wurgen heeft voltooid, moet hij de presentator teleurstellen. Oude Traffic-nummers vertolkt hij niet, want "dat was Steve [Winwood], man." De droeve blik, vol van treurnis over zoveel onbenul, tekent het onbeschaamd voyeurisme van deze eerste aflevering. Een artiest die in de opnamestudio werkt aan eerlijke en persoonlijke muziek, kan daarbij geen pottenkijkers gebruiken.

    • Jan Vollaard