Na de vakantie nieuwe acties van "gebruinde' ambtenaren; Bonden zijn gebeten op Lubbers

DEN HAAG, 29 JUNI. Na acht weken actievoeren hebben de gemeente-ambtenaren en hun werkgevers elkaar nog geen duimbreed toegegeven. Vóór de zomer, dachten de werkgevers drie weken geleden nog, zullen de ambtenaren inzien dat hun looneis van 2,5 procent niet reëel is, gezien de financiële positie waarin de overheid verkeert.

Na de vakantie komen de ambtenaren “gesterkt en gebruind” terug, zo verzekerden zij gisteren in Utrecht. Volgens de bonden heeft het weinig zin in een "windstille' periode actie te voeren. Weinig burgers zullen hinder ondervinden van de acties en het politieke signaal blijft uit. Bovendien kunnen de bonden geen acties voeren met veel uitzendkrachten. Voor de gemeentereiniging in Den Haag was dat vorige week de belangrijkste reden de stiptheidsacties te beëindigen.

De boodschap aan het adres van de werkgevers is duidelijk. De aankondiging dat vanaf 13 september meerdaagse stakingen bij het openbaar vervoer en andere, minder in het oog lopende gemeentelijke diensten worden gehouden, moet de werkgevers ervan overtuigen dat de bonden niet met zich laten sollen.

Hoewel eerste onderhandelaar G. van Huygevoort van de AbvaKabo verschillende keren heeft laten doorschemeren dat hij een loonbod van de VNG verwachtte, was de tactiek waarvan de werkgevers zich in zijn ogen bezigden zonneklaar: wacht tot het zomer wordt en de ambtenaren zullen geruisloos naar hun vakantiebestemming afreizen. De VNG ging dan ook niet in op de speculaties van Van Huygevoort.

De gemeente-ambtenaren hebben het voortouw genomen in de acties voor een loonsverhoging van 2,5 procent. Zij zijn begonnen met de acties en de rijksambtenaren, provincie-ambtenaren en de politie volgden in de slip-stream. Maar de werkgevers zijn vooralsnog niet bereid in te gaan op de looneisen.

Hun strategie lijkt te zijn ingegeven door minister-president Lubbers, die het mooie zomerweer en de vakanties “benut” om de acties van de ambtenaren te laten doodbloeden. Hoewel de stakingen en werkonderbrekingen de laatste weken grimmiger en frequenter zijn geworden hebben de burgers er relatief weinig van gemerkt. De acties werden - om uit de handen van de kort-gedingrechter te blijven - op tijd aangekondigd door het landelijk actiecentrum in Zoetermeer, het ongemak werd gespreid over een aantal grote steden en duurde niet langer dan een dag, afgezien van de stiptheidsacties bij de reinigingsdiensten in een groot aantal steden.

De bonden hebben met hun strategie wel irritatie gewekt bij de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Niet alleen wegens de acties bij de stadsreiniging en het openbaar vervoer, maar ook door de individuele gemeenten aan te raden brieven naar de VNG te schrijven waarin zij hun ongenoegen uiten over de “starre houding” van het College voor Arbeidszaken tijdens de vastgelopen onderhandelingen. Een kleine honderd gemeenten zouden aan die oproep hebben voldaan, aldus de bonden. De VNG riep de gemeenten op haar beurt op de rijen gesloten te houden.

De “scheurtjes” die de bonden in het werkgeversblok zagen ontstaan werden op tijd gedicht. De bonden voelden zich daarnaast gesterkt door de opmerking van minister Dales (binnenlandse zaken) dat het kabinet extra geld moest uittrekken om enigszins tegemoet te komen aan de eisen van de bonden. Ook de voorzitter van de VNG, de Haagse burgemeester Havermans, zei dat alleen de geldschieter van de gemeenten, het Rijk, de impasse in de onderhandelingen kon doorbreken door meer geld beschikbaar te stellen.

De enige ambtenaren-CAO die tot op heden wel werd afgesloten - op 28 mei bij de Waterschappen - bleek geen katalysator te zijn voor de onderhandelingen in de overige zeven ambtenarensectoren. De bonden voor het gemeentepersoneel lieten doorschemeren dat zij wel wat zagen in een loonsverhoging van in totaal 2,1 procent (1,8 procent per 1 april 1993 en nog eens 0,3 procent in 1994), “al wordt de prijs na acties altijd hoger”. Het “koopkrachtbehoud voor de meeste ambtenaren”, zoals het laatste VNG-bod luidde, houdt volgens de bonden niet meer in dan een loonsverhoging van enkele tienden van een procent.

De verslechterende economische situatie plaatst de bonden in een moeilijke situatie. De onheilstijdingen buitelen over elkaar heen. In Den Haag houdt men rekening met een stijgend aantal faillissementen in het bedrijfsleven. In zo'n situatie is het vreemd 2,5 procent loonsverhoging te eisen.

De bonden hebben felle kritiek op Lubbers. Verhoging van de salarissen gaat ten koste van de overheidsinvesteringen, meent Lubbers. Hij vindt dat de bonden genoegen moeten nemen met een bod van één procent. De premier maakte daarbij een vergelijking met slecht renderende bedrijven. Als deze vergelijking opgaat had Lubbers als eerste verantwoordelijke allang het veld moeten ruimen “en was de onderneming overheid failliet verklaard of onder curatele gesteld”, aldus de vakbond CMHF.

De strubbelingen tussen de onderhandelaars in de acht sectoren wijzen erop dat de rijksoverheid een gevangene is van zichzelf. Er wordt dit jaar voor het eerst decentraal overleg gevoerd voor de 850.000 ambtenaren, maar het geld komt nog steeds uit één portemonnee. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten kan niet eigenhandig instemmen met een loonsverhoging van 2,5 procent voor de gemeente-ambtenaren. Het geld hiervoor wordt opgebracht via het Gemeentefonds, dat wordt beheerd door minister Dales. Als Dales toestemming zou geven voor een loonsverhoging van 2,5 procent voor de gemeente-ambtenaren raakt zij in de problemen met de onderhandelingen waarbij haar ministerie direct is betrokken. Het politiepersoneel en de rijksambtenaren zouden haar tijdens hun CAO-onderhandelingen herinneren aan de 2,5 procent loonsverhoging voor de gemeente-ambtenaren.

Dat gaat premier Lubbers en minister Kok (financiën), met de benarde economische situatie in het achterhoofd, te ver. De samenhang tussen de CAO-onderhandelingen voor de verschillende ambtenarensectoren lijkt erop te wijzen dat gedifferentieerd onderhandelen een vrijwel ondoenlijke zaak is.

Lubbers opperde enkele weken de mogelijkheid te onderzoeken of een tweejarige arbeidsovereenkomst geen oplossing kon bieden. Die tweejarige CAO zou pas na de zomer moeten worden afgesloten. De nieuwe economische cijfers die de premier in het najaar verwacht zullen weinig florissant zijn. Mogelijk gokken Lubbers en Kok erop dat de bonden hun looneisen zullen matigen onder druk van die cijfers. Zij gaan er wellicht vanuit dat die cijfers ook de publieke opinie in belangrijke mate zullen veranderen. “Ambtenaren zijn tenminste nog zeker van hun baan, in de marktsector hangt de dreiging van ontslag boven het hoofd”, zegt een direct betrokkene. Dan zou de aangekondigde verharding van de ambtenarenacties, vanaf september, vanuit de bevolking meer weerstand kunnen opleveren dan tot nu toe het geval is geweest.