Mensenmassa als humuslaag voor verenigd Europa

Tentoonstelling: Realities. T/m 25 juli IN Arti et Amicitiae, Rokin 112, Amsterdam. Di t/m zo 12-18u. Catalogus ƒ 50.

Het bosgezicht Nederland in woeste toestand van de schilder Johannes Warnardus Bilders (1811-1890) hangt sinds jaar en dag in de monumentale hal van de hoofdstedelijke kunstenaarsvereniging Arti et Amicitiae aan het Rokin.

Dit groot formaat doek, waaruit een zeker conservatisme en verlangen naar de zeventiende eeuw spreekt, is zo in het interieur opgenomen dat het niet meer opvalt. Tot op zekere hoogte kan dat ook gezegd worden van een ander bosgezicht, namelijk Fucking Europe van Sandra Derks (1960) dat ter gelegenheid van de tentoonstelling "Realities' tegenover Nederland in woeste toestand is komen te hangen. Maar in Derks' bos, dat op het eerste gezicht negentiende-eeuws symbolistisch oogt en dus als vanzelfsprekend in Bilders nabijheid hangt, gebeuren rare dingen. Geen vluchtende dieren of omgewaaide stammen op dit doek, maar een nogal onorthodoxe verbeelding van een verenigd Europa; een seks bedrijvende mensenmassa die als bodembedekkers voor humuslaag spelen tussen de kaarsrechte stammen.

Van de tweeëndertig kunstenaars die aan "Realities' meedoen behoren Sandra Derks en Rob Scholte tot de weinigen die enige stof doen opwaaien en tot nadenken stemmen. Zij hebben in het verleden samengewerkt en dat lijkt ook nu weer het geval te zijn; ze hebben elkaar althans niet dwarsgezeten want om Fucking Europe te kunnen ophangen moest een Scholte worden verhangen. Weinig Arti-bezoekers zal het zijn opgevallen, maar van Nederland in woeste toestand hing naar een idee van Scholte al geruime tijd een reproductie in sterk verkleinde vorm aan de wand waar nu Fucking Europe hangt. Scholtes bijdrage aan "Realities' bestaat hieruit, dat hij die reproductie nu in een zaal toont tussen de kunst van zijn generatiegenoten die zijn uitgezocht op grond van hun vermeend "realisme'. Voor Jan Middendorp, een van de schrijvers in de catalogus is een monochroom, oftewel éénkleurig schilderij het toppunt van abstracte kunst. Het is maar hoe je het bekijkt, want zoals een katholiek een hostie ziet als het lichaam van Christus, zo beschouwde iemand als Yves Klein zijn blauwe, met pure pigment bedekte schilderijen als de meest zuivere vorm van realisme.

"Realities', samengesteld door Magriet Kruyver en Jaap Witzenhausen, is in een andere vorm eerder dit jaar te zien geweest bij Arti's zustervereniging Circulo de Bellas Artes in Madrid. Door enkele sterke bijdragen valt het niet zo op dat de samenstellers er een potje van hebben gemaakt. De tentoonstelling is slecht ingericht: op de korte wanden hangen, volkomen misplaatst, juist de grote schilderijen, zoals het prachtige portret van vijf politieagenten van het ouderwetse Friese type, geschilderd door Siert Dallinga. Op onnavolgbare gronden verdeelde Kruyver en Witzenhausen de exposanten in vijf groepen. Zo zijn de zelfportretten van Philip Akkerman ingedeeld bij de sjabloon-spuitkunst van Hugo Kaagman. Wat hen allen zou binden is het "realisme'. Maar de gortdroge stillevens, compleet met glimmertjes en slagschaduw van het indertijd invloedrijke Arti-lid Jan van Tongeren (1897-1991) heeft net zoveel te maken met Jan Worsts wonderlijke scène met een vrouw, hemelbed en jochie in trapauto als met een Barnett Newman.

    • Mark Peeters