Beroep tegen vergunning Shell-fabriek afgewezen

ROTTERDAM, 29 JUNI. Shell heeft een door de Zuidhollandse Milieufederatie (ZHM) aangespannen beroepsprocedure tegen de vergunning voor zijn chemische fabriek in Pernis gewonnen. De Raad van State heeft gisteren de bezwaren van de milieufederatie afgewezen, maar tegelijk duidelijker geformuleerd aan welke milieuvoorwaarden Shell Nederland Chemie zal moeten voldoen.

Shell moet op last van de Raad van State een saneringsplan ontwerpen om uiterlijk 1 juni 1997 te voldoen aan nieuwe normen voor de luchtvervuiling. Per 1 juli volgend jaar moet het chemisch bedrijf echter al voldoen aan de norm voor beperking van emissies van kankerverwekkende stoffen.

De Raad van State wees gisteren het verzoek van de Zuidhollandse Milieufederatie af om Shell te verbieden zijn PVC-produktie uit te breiden. Een vergunning is volgens de raad niet het middel om te bepalen welke stoffen al dan niet maatschappelijk gewenst zijn. Shell zegt in een reactie vorig jaar voor 280 miljoen gulden te hebben verbeterd aan de PVC-fabriek in Pernis. Door deze modernisering werd vorig jaar in de PVC-fabriek de "reactiesectie' geheel vernieuwd. Daardoor voldoet deze nu ook volgens de Dienst Centraal Milieubeheer Rijnmond (DCMR) geheel aan de modernste technische eisen (best technical means) en is het volgens Shell “een van de schoonste PVC-fabrieken ter wereld” geworden.

De ZHM wil beëindiging van de PVC-produktie uit oogpunt van “duurzame ontwikkeling”. Volgens Shell kan de toetsing van dat principe aleen in internationaal verband plaatshebben. Het niet verlenen van een vergunning in Nederland zou gemakkelijk leiden tot toename van de produktie elders, bijvoorbeeld in landen met een minder streng milieubeleid.

Wat de luchtverontreiniging door afvalverbrandingsinstallaties op het chemisch complex betreft, heeft de actie van de milieubeweging meer succes gehad. Shell zegt dat intussen metingen hebben plaatsgevonden die zijn gerapporteerd aan DCMR, waarna een saneringsplan is opgesteld dat eveneens is besproken met die dienst. Voor het einde van dit jaar zullen twee verbrandingsinstallaties uit bedrijf worden genomen. De drie overige worden aangepast.

De ZHM stelde zich in de beroepsprocedure op het standpunt dat de emissies van de verbrandingsinstallaties van Shell Nederland Chemie per 1 december 1993 moeten voldoen aan de eisen van de "Richtlijn verbranden 1989' van het ministerie van VROM. Ten tijde van de vergunningverlening was dat volgens Shell nog niet duidelijk, maar door het saneringsplan wordt er nu aan tegemoetgekomen.