Verdere discontoverlaging in Nederland lijkt nabij

ROTTERDAM, 28 JUNI. Opnieuw zien de rentemarkten zich gesteld voor majeure veranderingen in de financieel-economische verhoudingen.

Terwijl in Japan de val van de regering Miyazawa lijkt te wijzen op een trendbreuk in de Japanse politieke verhoudingen, heeft de verzwakking van de Duitse mark er toe geleid dat voor het eerst in 26 jaar de Franse officiële rente onder het Duitse discontotarief is gekomen. Op de Nederlandse obligatiemarkt zette de rente de dalende trend gestaag voort: de 10-jaars rente kwam vorige week weer onder de 6,5 procent. Verzwakking D-mark. Door de opeenstapeling van politieke en economische problemen na de Duitse eenwording heeft de mark veel van haar glans verloren. Kon de Duitse munt vorig jaar ten tijde van de valutaire stormen in het EMS en de twijfels over Maastricht nog profiteren van het safe haven effect, inmiddels komt steeds duidelijker naar voren dat Duitsland kampt met de ernstigste crisis sinds de tweede wereldoorlog. De laatste weken is de mark naar de bodem van het EMS weggezakt, en liggen de geldmarkttarieven van Nederland, België en Frankrijk al geruime tijd onder de Duitse geldmarktrente.

Op de kapitaalmarkt in het vooralsnog alleen de Nederlandse rente die onder de Duitse lange rente ligt, waarbij tegelijk de gulden onveranderd een ijzersterke positie in het EMS blijft innemen.

Het is evenwel Frankrijk dat de aandacht trekt: na de negende renteverlaging van de regering Balladur kwam vorige week de officiële Franse interventierente onder het Duitse disconto. De tien-jaars rente op Franse staatsleningen is de Duitse obligatierendementen tot op 3 basispunten genaderd. Bundesbank behoedzaam. Deze verzwakking heeft het beleidsdilemma voor de Duitse centrale bank aangescherpt: enerzijds vraagt de recessie om een soepeler rentebeleid, anderzijds dient zij te waken voor de positie van de mark. Dit laatste geldt niet alleen het EMS, maar de laatste tijd ook de Amerikaanse dollar. Mede vanwege de toenemende twijfel in de markt (er werd zelfs gespeculeerd over een devaluatie van de Duitse valuta) zag de Bundesbank zich genoodzaakt de verruiming van het monetaire beleid te temporiseren. Bovendien is na de invoering eind vorig jaar van de bronbelasting op rente-inkomsten sprake van een forse kapitaaluitstroom, hetgeen gezien de tekortsituatie op de lopende rekening eveneens noodzaakt tot een behoedzaam rentebeleid. Vorige week werd de repo rate met slechts eenhonderste procentpunt verlaagd. In haar laatst verschenen maandrapport van de Bundesbank was de toonzetting evenwel iets optimistischer, zij het nog met nodige voorbehoud. Op termijn zal, aldus ook Bundesbankraadsleden, het beleid gericht blijven op renteverlagingen. Ankervaluta('s). Voor de Franse minister Alphandery was een en ander reden nogmaals het krappe rentebeleid van de Bundesbank te bekritiseren. Ook in Frankrijk doet zich in steeds sterkere mate de recessie voelen, maar voor een verdere renteverlaging op eigen kracht is de positie van de frank (die in het EMS onder de D-mark ligt) nog niet sterk genoeg.

De minister nodigde tegelijk de Duitse monetaire autoriteiten uit voor een gecoördineerd rente-overleg, en nam de Franse centrale bank de gelegenheid te baat om te wijzen op de gedeelde verantwoordelijkheid van zowel mark als frank als ankervaluta. EG-voorzitter Delors sprak in voorzichtiger bewoordingen, en wees op het feit dat er meer "hardcore' valuta zijn en benadrukte daarnaast de tijdelijkheid van het loslaten van het D-mark-anker.

Het is inderdaad nog altijd zo dat de status van ankervaluta op de financiële markten wordt verdiend, waarbij ook zaken als vertrouwen en liquidititeit een rol spelen. De Duitse minister Waigel liet in een reactie weten dat vaststelling van het Duitse rentebeleid een zaak is voor de Bundesbank; het overleg zelf werd afgezegd, officieel met als reden de drukke werkzaamheden rond de Duitse begroting. Bundesbank bestuurder Issinger merkte slechts op, dat de lagere mark moet worden gezien als een correctie op de forse stijging in het afgelopen jaar: het is volgens hem niet zozeer de zwakte van de D-mark als wel dat andere valuta, zoals de dollar, minder zwak worden. Deze speldeprikken over en weer behoren tot de monetaire politieke folklore van de laatste anderhalf jaar, maar de spanningen, versterkt door de dreigende Europese recessie, kunnen wel een risicofactor gaan vormen voor de stabiliteit van het EMS. Guldensrente lager. Voor andere landen blijft in deze omstandigheden de ruimte voor onafhankelijke renteverlagingen bestaan. Recentelijk hebben Nederland, België, Frankrijk, Ierland en Portugal de officiële tarieven verlaagd. De Nederlandsche Bank verlaagde het speciale beleningstarief met 0,1 procent-punt, tot een niveau van 6,9 procent. Daarmee ligt dit tarief vlak boven de voorschotrente, hetgeen impliceert dat bij een voortgaande rentedaling een nieuwe discontoverlaging noodzakelijk is.

Met name op grond van de doorzettende groeivertraging in continentaal Europa blijft het rentebeeld op de financiële markten voorzichtig optimistisch. De inflatieverwachtingen geven evenmin aanleiding tot zorg. Volgens een recent EG-overzicht loopt met uitzondering van Griekenland in alle EG-landen het inflatietempo terug, ook in Duitsland. Ons land neemt met een prijsstijging van ruim 2 procent een middenpositie in. Vergeleken met medio vorig jaar toen het inflatietempo ruim boven de 4 procent lag, is de prijsstijging al met bijna de helft afgenomen.

Bron: Institute for Research and Investment Services, Joint Venture Rabobank/Robeco