Saddams geduld was al weer op

Het begon allemaal zo mooi, tussen Saddam en Clinton. Als gekozen Amerikaans president kondigde Clinton aan dat hj de kwestie-Irak puur zakelijk zou behandelen - niet emotioneel-persoonlijk, zoals mijn voorganger, bedoelde hij - en sloot hij een normalisatie van de relaties met het bestaande Iraakse regime niet uit, iets dat voor George Bush ondenkbaar was geweest.

Saddam op zijn beurt maakte speciaal ter gelegenheid van Clintons aantreden als president in januari een eind aan een zeer heftige periode van opstandigheid tegen de Verenigde Naties, dat wil zeggen het Westen en de VS in het bijzonder. Hij wilde de nieuwe president een kans geven “een constructieve dialoog” te beginnen. Hij had het geluk dat beleidsmakers in de VS in die tijd Iran opnieuw ontdekten als potentiële dreiging, wat leidde tot oproepen in Washington Saddam gratie te geven.

Maar al vóór dit weekeinde 23 kruisraketten een definitief einde maakten aan de wittebroodsweken was de relatie bekoeld. Saddam, zijnde wat hij is, was absoluut niet van plan voetstoots te voldoen aan alle voorwaarden van de VN voor opheffing van het sinds augustus 1990 geldende handelsembargo, al bleven werkelijke conflicten de eerste maanden uit. Onder die omstandigheden kon Clinton het zich niet veroorloven concessies te doen.

In dit soort zaken is Saddams geduld zeker niet onuitputtelijk, en ruim drie weken geleden zocht Irak dan ook weer eens ruzie met de wereld, via de inspecteurs van de VN die het land conform de bestandsresolutie na de oorlog van 1991 van zijn massa-vernietigingswapens ontdoen.

Pag 5: Resultaat: Saddam continueert activiteit

De Iraakse autoriteiten, die behalve als ze een specifiek conflict uitvechten volgens de VN bijzonder coöperatief zijn, weigerden de plaatsing van televisie-camera's op proefterreinen voor raketten te accepteren. De eerste zetten in de gebruikelijke escalatie waren de afgelopen dagen al gedaan: de waarschuwing van de Veiligheidsraad van de VN (een week geleden) en de mededeling van Clinton dat het de wereld ernst was (afgelopen vrijdag).

Saddams beleid jegens de VN - die voor Bagdad gelijk staan met de VS - vormt de "grote politiek' waarmee hij furore wil maken op het wereldtoneel - en tot dusver in het zand bijt. Maar daarachter verscholen, nauwelijks opgemerkt door de wereldopinie en haar leiders zet Saddam zijn "kleine politiek' van onderdrukking en ondermijning onveranderd voort: de slopende blokkade van en de militaire druk op het semi-onafhankelijke Vrij Koerdistan, de gevechtsactiviteit tegen shi'itische rebellen in het zuiden, de voortdurende tegenwerking van de de VN-hulpoperaties in het noorden en het zuiden, de moorden op Koerden en buitenlandse hulpfunctionarissen - waarmee hij sluipend punten scoort.

Onopgemerkt - dat wil zeggen tot Koeweit in april bekendmaakte een moordkomplot tegen ex-president Bush tijdens een bezoek aan het emiraat te hebben verijdeld. De Amerikanen namen de zaak bijzonder hoog op, hoewel functionarissen op het Pentagon aanvankelijk enige twijfel uitten over de gemelde bekentenissen. De verdachten waren volgens hen wel zeer hard aangepakt tijdens de ondervraging.

Eigen onderzoek door de Amerikaanse Federale Recherche, de FBI, heeft volgens Washington aan alle twijfel een eind gemaakt. Dat er dus een strafexpeditie zou volgen, was herhaaldelijk door functionarissen in Washington aangekondigd. Opmerkelijk blijft overigens dat de Amerikanen toesloegen nog voor het Koeweitse proces tegen de verdachten is afgesloten. Er is daar inmiddels nog één bekennende verdachte over, een tweede heeft zijn bekentenis ingetrokken en de rest ontkent. Even opmerkelijk is dat in tegenstelling tot de voorlaatste strafoefening, in januari, de Veiligheidsraad pas achteraf in stelling werd gebracht. Indertijd ging waarschuwing op waarschuwing aan de feitelijke aanval vooraf.

“We hebben de boodschap gestuurd die we wilden sturen”, zei gisteren president Clinton. Vice-president Al Gore legde de inhoud van die boodschap uit: “dat dit soort activiteit dat Irak instigeerde simpelweg onaanvaardbaar is”. En minister van defensie Les Aspin voegde daaraan toe: “het gaat om een signaal aan de medewerkers van Saddam Hussein om hun te doen begrijpen dat het niet wenselijk is deze man te volgen”.

Zouden die boodschappen inderdaad zijn aangekomen? Saddam heeft bijna drie jaar handelsembargo, een oorlog tegen een coalitie van dertig landen, een aanzienlijke beperking van zijn soevereiniteit door de instelling van "uitzonderingszones' in het zuiden en noorden van zijn land, een reeks strafexpedities door de geallieerden (VS, Groot-Brittannië en Frankrijk) achter de rug. Dat alles heeft geen enkele zichtbare invloed gehad op zijn bewind: de Koerden bij voorbeeld hebben het zeker niet makkelijker gekregen, Saddam zelf niet merkbaar moeilijker.

Er is natuurlijk de feitelijke schade van de aanvallen, in dit geval aan het hoofdkwartier van de Iraakse inlichtingendienst. Maar Irak heeft tot dusverre een groot vermogen getoond oorlogsschade te herstellen, ongeacht de handelssancties. De zware schade aan wegen, bruggen, openbare gebouwen die in de oorlog van 1991 waren vernield, is in hoog tempo hersteld. De nucleaire faciliteit die in januari het doelwit was van een aanval met kruisraketten is ook al weer in gebruik genomen. Alleen de bevolking wordt er niet beter van, maar die komt voor het regime op de tweede plaats.

Er is bovendien de propagandawinst die Irak kan putten uit de moeizame juridische basis van de aanvallen en uit het feit dat er àltijd burgerslachtoffers bij de acties vallen. De VS meten met twee maten, vormt de reactie van de Derde wereld, het Midden-Oosten op de strafacties tegen Irak na de oorlog van 1991. Het enige nieuwe daarbij is dat waar eerder alleen naar Israel werd verwezen, de joodse staat nu naar de tweede plaats is verwezen achter Servië.

Alleen: die propagandawinst heeft verder ook geen concrete gevolgen. Saddam zal nooit echt populair in de wereld worden. En de Arabische landen bij voorbeeld die deelnemen aan het vredesproces met Israel weten dat als puntje bij paaltje komt alleen de VS een geloofwaardige partner zijn, en handelen daarnaar. Het totaalresultaat is uiteindelijk nul: verlies en winst houden elkaar in evenwicht, en Saddam continueert zijn activiteit.