De Nimzowitsch van Amstelveen

Een vergeten schaakdenker is de Amerikaan Franklin Knowles Young, die tussen 1894 en 1923 een serie van zeven boeken publiceerde met titels als Chess Generalship, Grand Reconnaissance en Field Book of Chess Generalship, Grand Operations. Samen vormden zij een volledige handleiding voor het schaken, gebaseerd op de militaire strategie.

De strategen aan wie Young zijn schaakwetten ontleende waren niet Steinitz en Philidor, maar Napoleon en Alexander de Grote. De stijl van Young kan blijken uit het volgende citaat. Ik laat het maar in de oorspronkelijke versie staan, want in vertaling zou veel smaak verloren gaan en nauwelijks begrip gewonnen worden. Eerlijk gezegd zou een vertaling mijn krachten ook te boven gaan: ""A Grand Strategic Front is formed by the extension of a salient two points along that diagonal upon which the minor strategic front already is established. It may properly be aligned and reinforced by the minor crochet, the major crochet, the crochet aligned, or supplemented by the formations, echelon, enceinte and en potence.'' Dit citaat werd, enigszins sarcastisch, in het nummer van januari 1955 van Chess Review afgedrukt als "Gedachte van de maand'. Veel invloed had Young niet met zijn fantastische terminologische monsterbouwwerken. Wel zijn er Amerikaanse schakers geweest die hun gebrekkige speelkracht weten aan het feit dat ze in hun jeugd aan een boek van Young waren blootgesteld.

Zo bont als Young het maakte is het later in de schaakgeschiedenis niet herhaald, maar ook praktischer schakers konden behagen vinden in een spel met een bizarre eigengemaakte terminologie. Nimzowitsch met zijn "zwemverbod', "bruggenbouw' en "transplantatie van verlammingsverschijnselen naar het achterland'. Kmoch met zijn "Aussenschnap', "Getarnter Einzelgänger' en "Helfershelfer'. In het begin is het jargon misschien nog bedoeld om zo treffend mogelijk een schaakverschijnsel te beschrijven. Al gauw krijgt het plezier in de systematiek de overhand, geheel onafhankelijk van het studiegebied dat gesystematiseerd moest worden. De terminologie wordt een kunstwerk dat het schaakbord ontstijgt, kunst om de kunst.

Verborgen voor het grootste deel van de Nederlandse schaakwereld blijkt een vergelijkbaar schaakdenker de afgelopen decennia in ons midden te hebben verkeerd: William van Zanten, de Nimzowitsch van Amstelveen.

Ik kreeg een jubileumboek van de schaakclub Zukertort-Amstelveen toegestuurd. L'Échec 100 heet het. Het honderdste nummer van het clubblad. Een verzameling van stukken die de afgelopen achttien jaar zijn verschenen. Door de redactie wordt deze mij voordien onbekende William van Zanten ""een speelse maar systematische, specialistische maar encyclopedische geest'' genoemd. De stukken die hij tussen 1980 en 1989 schreef stempelen hem voorwaar tot een machtig systeembouwer in de geest van eerdergenoemde denkers. Zich beroepend op Robert Musil, ""Gott macht die Welt en denkt dabei, es könnte ebensogut anders sein'' wenst hij zich niet te onderwerpen aan de dictatuur van de toevallige empirische verschijnselen. Eerst het systeem, dan kijken wat je ermee vangen kunt, niet andersom. Negen jaar lang schijnt hij met zijn begrippen als "het hof', "de zone', "de uitgestelde climax' en "de POTVA' (Paarden Op Twee Velden Afstand) de goeroe van de Amstelveense schakers te zijn geweest, soms bespot als Young, vaker eerbiedig geciteerd als Nimzowitsch. ""En wanneer het om een hergroepering gaat, wie stelt zich dan niet onmiddellijk de vraag of deze mechanisch dan wel functioneel van aard is? En wie kan de verleiding weerstaan om niet zo nu en dan de zakjapanner ter hand te nemen om de coördinatiecoëfficiënt van zijn stelling te berekenen?'' Zo eerde Sander Los in 1985 de denkbeelden van zijn mederedacteur.

L'Échec 100 is een aardig boek, niet omdat alle stukken zo mooi zouden zijn, maar omdat er een aanstekelijk vrolijk beeld van het clubleven uit naar voren komt. Er wordt wel erg veel bier gedronken in dit boek. Het is de samenstellers ook opgevallen en ze wijten het in de inleiding aan de lichtzinnige en verwende studentengeneratie van de jaren zeventig, waarvoor het schaken een hinderlijke onderbreking van het drinkgelag zou zijn geweest. Het kan zijn, maar in de jaren dat de ernstige jeugd van nu de pen heeft overgenomen, wordt er nauwelijks minder drank gemorst. Maar bij alle uitspattingen is er ook de serieuze studie en de gemeenschappelijke schaakreizen naar Joegoslavië en Spanje. De club heeft menige steunpilaar van het Nederlandse schaak afgeleverd en al met al krijgt de lezer de indruk dat Amstelveen de afgelopen achttien jaar een aardige club moet zijn geweest om lid van te zijn.

De systeembouwers zijn niet altijd de beste schakers en sommige van de discipelen van William van Zanten hebben het verder gebracht dan de meester zelf, maar bezienswaardige partijen blijkt de Steinitz van Uilenstede toch wel degelijk te hebben gespeeld.

Wit Van Zanten - zwart Cardon, Sas van Gent 1984.

1. e2-e4 c7-c5 2. Pg1-f3 d7-d6 3. Lf1-b5+ Pb8-d7 4. d2-d4 Pg8-f6 5. 0-0 c5xd4 6. Dd1xd4 a7-a6 7. Lb5xd7+ Lc8xd7 8. Lc1-g5 e7-e6 9. Pb1-c3 Lf8-e7 10. Ta1-d1 Ld7-c6 11. Dd4-e3 Dd8-c7 12. Lg5xf6 g7xf6 13. Pf3-d4 0-0-0 14. b2-b4 Lc6-d7 15. Td1-d3 Kc8-b8 16. Tf1-b1 Th8-g8 17. b4-b5 Kb8-a8 18. b5xa6 b7xa6 19. Pc3-b5 Dc7-b6 20. Td3-a3 Ld7-c8 21. Pd4-c6

Zie diagram 1

Zwart gaf op wegens 20...Dxe3 21. Pc7 mat, misschien aanleiding tot de introductie van een nieuw begrip, de POEVA.

Zie diagram 2

Deze diagramstelling zou zijn voorgekomen in een partij tussen twee clubleden, Bosboom-Pieterse, gespeeld ""ooit - ergens''. Ja, dat zal wel. Het lijkt een mystificatie in de geest van Aljechin, die er zijn hand ook niet voor omdraaide om verzonnen zettenreeksen als echt gespeelde partijen te publiceren.

Als de diagramstelling ook een constructie is, dan is het met zorg gedaan, want door het zwarte blokje rechtsboven wordt ons gesuggereerd dat de stelling ontstaan moet zijn uit een lievelingsvariant van Pieterse, 1. e4 c6 2. d4 d5 3. Pc3 dxe4 4. Pxe4 Pf6 5. Pxf6+ gxf6. Hoe dan ook, het partijslot is bezienswaardig, als in een studie "wit begint en maakt remise'.

1. Dg1-a1 Lg7-h8 2. Da1-a3+ Kf8-g7 3. Da3-g3+ Kg7-h7 4. Dg3-d3+ Tb5-f5 5. Dd3xf5+ e6xf5 6. Kh4-h5 Met twee lopers meer kan zwart niet verhinderen dat wit zichzelf pat zet. 6...Kh7-g7 7. h2-h4 Kg7-f8 8. Kh5-h6 Lh8-g7+ 9. Kh6-h5 Lg7-h8 10. Kh5-h6 Lg8-h7 Of 10...Ke7 11. h5 11. Kh6xh7 Lh8-g7 12. h4-h5 Lg7-h6 13. Kh5xh6 Kf8-g8 Pat.

Het boek L'Échec 100 kan besteld worden door ƒ 17,50 over te maken op postbankrekening 3266216 t.n.v. Penningmeester S.V. Zukertort-Amstelveen, Amsterdam.