PKK voert negen jaar oorlog

Negen jaar lang voert de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) van Abdullah Öcalan nu oorlog tegen de Turkse regering voor een onafhankelijk Koerdistan. Die strijd heeft intussen meer dan 6.000 mensen het leven gekost, maar het verklaarde doel is niet dichterbij gekomen. Verderaf zelfs misschien: geen enkel land in de regio wenst een onafhankelijk Koerdistan en mede met het oog op de argwanend begroete opkomst van het door het Westen beschermde Iraaks-Koerdische Vrij Koerdistan hebben Iran en Syrië hun steun aan de PKK de laatste tijd op een lager pitje gezet. De Iraakse Koerden op hun beurt, die van Turkse hulp afhankelijk zijn, hebben het Turkse leger bijgestaan in hun jongste winteroffensief tegen de PKK.

De PKK werd officieel in 1978 door militante marxisten opgericht, en is sindsdien niet minder radicaal geworden. Zij staat bekend om haar bloedige acties, niet alleen tegen alles wat met het Turkse gezag - tot en met de door Turkije aangestelde Koerdische dorpwachters en hun gezinnen - te maken heeft maar ook in onderlinge afrekeningen, op Turks grondgebied maar ook onder Koerdische vluchtelingen in West-Europa. Niettemin heeft zij haar positie onder de naar schatting 5 miljoen Koerden in het zuidoosten langzaam maar zeker verbeterd, doordat de Turkse strijdkrachten - meer dan 100.000 man elite-troepen zijn in het gebied gelegerd - niet minder hard te keer gaan en de Turkse politiek aarzelt met werkelijke hervormingen te komen, hoewel de scherpste restricties op uitingen van de Koerdische identiteit inmiddels zijn ingetrokken. Een Koerdische partij, de HEP, is met 16 zetels in het Turkse parlement vertegenwoordigd.

De organisatie is sinds haar oprichting uitgegroeid van een handjevol guerrillastrijders tot zeker tienduizend manschappen. Abdullah Öcalan, een student politieke wetenschappen, is vanaf het begin de spil. Hij verblijft wisselend in Syrië en Libanon. De laatste tijd tekent zich verzet af tegen Öcalans koers, waarbij nòg radicalere facties diens bereidheid tot een vergelijk met Ankara te komen, zoals bleek uit het eenzijdige bestand van eind maart, lijken te dwarsbomen. De dood van tientallen ongewapende Turkse militairen in een PKK-hinderlaag, eind mei, en de PKK-acties van gisteren in West-Europa komen hier kennelijk uit voort.

Om de bevrijdingsstrijd te kunnen financieren heeft de PKK zich de afgelopen jaren ontwikkeld tot de belangrijkste drugleverancier van Europa. Dit zou gedeeltelijk in samenwerking met de Turkse mafia gebeuren. De Verenigde Staten hebben Syrië enkele dagen geleden aangezegd om de PKK het land uit te zetten. Niet alleen wegens de nieuwe opleving van geweld in Zuidoost-Turkije - en het hernieuwde dreigement om ook toeristische doelen in Turkije aan te vallen - maar mede omdat er volgens de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Warren Christopher een samenwerkingsverband bestaat tussen de PKK en Hezbollah, aldus berichten in de Turkse krant Hürriyet van dinsdag, in de drugsactiviteit in de Oostlibanese Beka'a-vallei.

De PKK heeft eveneens een sterke basis onder de 400.000 Turkse Koerden die in Duitsland leven en de kleinere gemeenschappen in andere Europese landen. In Duitsland en in Frankrijk hebben regeringsfunctionarissen zich de laatste tijd bezorgd getoond over het toenemend geweld tussen Koerden en Turken daar ter plaatse. In die kringen is ook gewezen op de inspanningen van de PKK Koerdische migranten te werven voor wat de Europese autoriteiten als terroristische missies beschouwen.