Morele verontwaardiging drijft Gouden Strop-winnaar Mendes; Belgische thriller over superkanon

De Belgische auteur Bob Mendes kreeg gisteren de Bruna Gouden Strop uitgereikt, de jaarlijkse prijs voor de beste Nederlandstalige misdaadroman, voor zijn zesde boek, Vergelding. De winnaar over de rode-lopermentaliteit in zijn vaderland. Hoewel: “België bestaat niet.”

AMSTERDAM, 25 JUNI. Met een veelzeggend gebaar tikt de auteur, een voormalige accountant, even op de trofee die hoort bij de Gouden Strop, een object dat het meeste weg heeft van een goudkleurige grafsteen. “Als ik de gave niet had te kunnen leren van mijn fouten, dan had ik deze nooit gewonnen.” Bob Mendes doelt op de forse kritiek die zijn Dag van schaamte (1988) en Het Chunnel syndroom ten deel vielen. In Een dag van schaamte is het Heizeldrama niet het gevolg van grove nalatigheid aan de zijde van de Belgische autoriteiten, maar het gevolg van boze opzet: een joint venture tussen de Rode Brigade en het Lybische "Syndicaat' met als doel enige hooggeplaatste Belgen om het leven te brengen. Een smakeloos verhaal, dat hem op de kwalificatie lijkepikker kwam te staan. Ook het zinken van de Herald of Free Enterprise was in zijn verhaal misdadige opzet.

Bob Mendes: “Nuchter terugkijkend moet ik constateren dat het allemaal te zwart/wit was, te overdreven. Bij de uitgeverij (Manteau, red.) dachten ze met Een dag van schaamte een super bestseller in handen te hebben, maar net als ik waren ze blind voor de zwakke plekken. En toegegeven, die zaten er in ruime mate in. Het gevolg was jammergenoeg wel dat thema van Een dag van schaamte in de recensies zelden aan de orde kwam: de rode-lopermentaliteit, de hoogwaardigheidsbekleders die tijdens het Heizeldrama in vol ornaat met hun blinkende onderscheidingen op de tribune zaten en die na de gebeurtenissen, waar zij persoonlijk verantwoordelijk voor waren, hun onderscheidingen mochten houden.”

Over de stijl van zijn eerste boeken is hij evenmin geheel tevreden: “Mijn kennis van taal was toen veel minder dan nu. Ik schreef als accountant misschien overtuigende bezwaarschriften, maar geen overtuigend proza.”

Wat de jury van de Gouden Strop betreft, is daar met Vergelding verandering in gekomen. In dat boek draait het allemaal rond de Iraakse "reuzenkanon'-affaire met in de hoofdrol de Amerikaanse wetenschapper Gerald Bull, die in 1990 in Brussel werd vermoord, waarschijnlijk door de Mossad. De Belgische industrieel handelsagent Michel Moreels - een fictief figuur met een betekenisvolle naam - raakt betrokken bij een complot dat de Mossad heeft uitgedacht om Saddam te beletten alleenheerser van het Midden-Oosten te worden. De jury oordeelde: “Mendes heeft de beklemmende Iraakse onderdrukkingsmachinerie lancet-scherp beschreven. Vergelding is een vlot leesbare spionageroman met een intelligent geweven plot waaronder de dubbele bodem - later, en o zo logisch - nog een dubbele bodem zit. Een roman van internationale allure.”

Morele verontwaardiging is voor Bob Mendes een van de drijfveren om te schrijven. Mendes (de voornaam Bob is een pseudoniem voor David) werd in 1928 in Antwerpen geboren. Zijn vader werd in de oorlog door de Duitsers weggevoerd en vermoord. De omstandigheden dwongen hem om op vijftienjarige leeftijd te gaan werken. Via jarenlange zelfstudie bracht hij het tot accountant. Thans is hij "uittredend' senior-partner van een accountantskantoor, wat betekent dat hij zijn dagen slijt als "auteur en levensgenieter'.

Morele verontwaardiging is voor Mendes niet alleen een drijfveer, maar ook een noodzakelijke voorwaarde om te schrijven. “Als ik er geen morele verontwaardiging bij voel, interesseert het onderwerp mij ook niet en heb ik ook geen belangstelling om er over te schrijven.”

Maar voorlopig heeft Mendes, door Ward Ruyslinck omschreven als een "fighter for justice', voldoende redenen om te schrijven: aan morele verontwaardiging geen gebrek. Over zijn geboorteland is Mendes bepaald niet content. Gevraagd naar wat er mis is met België, recht hij zijn rug en antwoordt met een snelheid en dictie die doen vermoeden dat de ergenis heel diep zit: “België? België bestaat niet, het is slechts een samenraapsel van twee bevolkingsgroepen. Als het een commerciële onderneming zou zijn, zouden de accountants onmiddellijk rond de tafel gaan zitten om te kijken hoe de tent zo snel mogelijk kan worden opgedoekt. Nu Europa het leger en de munt overneemt, heeft het land geen enkel recht meer om te blijven bestaan. België heeft geen politiek fatsoen. Als een minister hier betrapt wordt op onoirbare handelingen, vormen de overige ministers een beschermende kring rondom hem.”

Dat laatste gedrag constateert Bob Mendes ook bij de Belgische pers. “België is verdeeld in machtsblokken, waarbinnen zelfkritiek niet bestaat. Of die blokken nu bestaan uit Walen of Vlamingen of uit christen-democraten of socialisten. En elk blok heeft z'n eigen trouwe pers. In Vergelding komt een man voor die Le Parrain heet. Hij krijgt in het boek een enveloppe met geld toegeschoven. Het is Saddams geld, smeergeld voor Belgische politici om de leverantie van wapens door Belgische bedrijven aan Bagdad te versoepelen. Het linkse Humo viel over de rol van Le Parrain in het boek. "Le Parrain' was namelijk de bijnaam van André Cools, de vermoorde leider van de socialisten die genoemd wordt in verband met een smeergeldaffaire rond de levering van Italiaanse helikopters aan België. Die suggestie ging Humo te ver, en de rijen werden gesloten.”

    • Eric Slot