Kritiek over rente valt slecht in Bonn

BONN, 25 JUNI. De Duitse minister van financiën, Theo Waigel (CSU), is boos op zijn Franse collega Alphandéry. Gisteren nog wees hij de uitnodiging van de Fransman van de hand om vandaag in Parijs over een mogelijk Frans-Duits rente-initiatief te overleggen. Officieel heeft Waigel het te druk, maar in de wandelgangen van Bonn klinkt dat hij zich heeft geërgerd over de toon van Alphandéry's uitnodiging en diens kritische opmerkingen voor de Franse radio over de rentepolitiek van de Bundesbank.

Waigel heeft zijn Franse collega schriftelijk laten weten dat hij in deze voorlaatste week voor het zomerreces van de Bondsdag niet uit Bonn weg kan. Belangrijke onderwerpen wachten immers op politieke afhandeling: de verhoging van benzine-accijnzen, de volksverzekering voor de bejaardenzorg (de Pflegeversicherung), de ontwerp-begroting 1994 en het begin deze week in de regeringscoalitie afgesproken Spaar-, Consolidatie- en Groeiprogramma.

Maar eigenlijk is Waigel boos omdat de Fransman hem en Bundesbankpresident Helmut Schlesinger min of meer naar Frankrijk ontboden zou hebben voor rente-overleg. Bovendien had Alphandéry voor de Franse radio de Duitse rentepolitiek als “te restrictief” gekritiseerd en alvast verteld wat het resultaat van het Frans-Duitse overleg moest zijn: “Duitsland moet een initiatief tot renteverlaging nemen”. Pas daarna kan de rente ook omlaag in Frankrijk, dat daaraan dringend behoefte heeft, meende hij.

Die opmerkingen zijn in Bonn en bij de Bundesbank in Frankfurt hard aangekomen. Daar meent men dat de D-Mark de franc de afgelopen tien jaar voortdurend heeft gesteund, onder meer tegen aanvallen van de internationale geldmarkten. Alphandéry's openlijke kritiek leidde ook tot ergernis omdat de Bundesbank de rente wegens de Duitse recessie wel zou willen verlagen - en dat sinds een jaar ook doet - maar tegelijkertijd zeer behoedzaam moet zijn. De Bundesbank heeft steeds laat weten dat de inflatie, het kostenpeil en de overheidstekorten in Duitsland èn de verdediging van de mark als ankermunt in het Europees Monetair Systeem (EMS) haar daartoe dwingen.

Daarbij draait het meningsverschil tussen Bonn en Parijs om een fundamentele vraag. Moet, in het huidige klimaat van neergang, de stimulering van de economie via renteverlaging niet de voorkeur krijgen boven het strenge monetaire beleid van de Bundesbank?

Minister Alphandéry heeft Waigel gisteren gebeld om hem uit te leggen dat hij niet van plan is geweest om de Frans-Duitse betrekkingen of de monetaire samenwerking te kritiseren. Ook was het niet zijn bedoeling om Schlesinger en Waigel onder druk te zetten om de Duitse geldpolitiek te veranderen. Volgens de Duitse kranten heeft hij daaraan toegevoegd dat Parijs dankbaar is voor de Duitse steun die de D-mark de afgelopen jaren heeft ontvangen. Alpandéry zou bereid zijn op zijn beurt zonodig de D-mark te steunen.

In het Frans-Duitse vriendschapsverdrag is voor ieder half jaar overleg tussen de ministers voorzien, afwisselend in Bonn en Parijs. Doorgaans zijn ook de bankpresidenten van de partij. Het laatste overleg was op 17 februari in Bonn. Langs de Frans-Duitse vriendschapsas wordt nu gezocht naar een nieuwe datum voor overleg.