De beslommeringen van Jimi Hendrix; Heroine en geldzorgen

John McDermott en Eddie Kramer: Hendrix - Setting The Record Straight. Uitg. Warner Books, 458 blz, Prijs ƒ 65,-

Het aantal geschriften over de in 1970 overleden popmuzikant Jimi Hendrix benadert langzaam maar zeker de stapels papier die aan Elvis Presley en John Lennon besteed werden. In Hendrix' geval is dat des te opmerkelijker, omdat de onovertroffen gitarist en zanger slechts enkele jaren succesvol was en hij tijdens zijn leven niet meer dan drie studioplaten voltooide. Dat Hendrix' muziek tot de verbeelding blijft spreken, mag blijken uit de miljoenen cd's die nog jaarlijks verkocht worden.

Een boek dat de titel Hendrix: Setting The Record Straight draagt, pretendeert dat alle voorgaande biogafieën overbodig zijn geworden. Wat feitelijke informatie betreft is dat vrijwel ondoenlijk na de Hendrix-bijbel Electric Gypsy van Harry Shapiro en Caesar Glebbeek (uitg. William Heinemann, 1990) waarin de kortstondige loopbaan van de stergitarist tot in de kleinste details werd nagepluisd. Een jaar eerder verscheen het ambitieuze Crosstown Trafficvan de Engelse popjournalist Charles Shaar Murray (uitg. Faber & Faber, 1989), waarin de komeetachtige verschijning van James Marshall Hendrix in het brandpunt wordt geplaatst van de na-oorlogse populaire cultuur.

Qua visie en diepgang wint laatstgenoemd standaardwerk het van Setting The Record Straight. De belangrijkste verdienste is dat schrijver John McDermott kon putten uit de herinnering van de in Zuid-Afrika geboren Engelsman Eddie Kramer, die als min of meer vaste opnametechnicus nauw betrokken was bij het artistieke gedeelte van Hendrix' turbulente leven. Ten tijde van het debuutalbum Are You Experienced? ging het er nog onschuldig aan toe, maar omstreeks de opname van Electric Ladyland maakten LSD en hippie-idealen plaats voor herone en geldzorgen. McDermott en Kramer bieden in zoverre een ander perspectief dan eerdere op sensatie beluste biografieën, dat de zakelijke beslommeringen van de Jimi Hendrix Experience realistischer dan ooit in beeld worden gebracht. Zo wordt manager Michael Jeffreys niet langer uitsluitend afgeschilderd als een doortrapte geldwolf, maar komen ook zijn kwaliteiten als sterrenmaker aan bod. Weliswaar verdween er veel geld in de bodemloze put van Jeffreys' privérekeningen, maar zonder deze Machiavelli van het psychedelische tijdperk was de zakelijk onnozele Jimi Hendrix waarschijnlijk nooit zo'n grote ster geworden.

Setting The Record Straight blinkt uit in de manier waarop verslag wordt gedaan van Hendrix' overlijden, op 18 september 1970 in de Londense flat van zijn toenmalige vriendin Monika Dannemann. Zijn onfortuinlijke dood aan de gevolgen van het tegelijkertijd innemen van alcohol en slaapmiddelen kwam voor de betrokkenen als een donderslag bij heldere hemel, op een moment dat Hendrix een periode van muzikale groei en zakelijk optimisme doormaakte. Hier geen uit de lucht gegrepen complottheorieën of zelfmoordverhalen, maar een droge reconstructie van de feiten. Voor Eddie Kramer was er werk aan de winkel, want het album The Cry Of Love moest worden voltooid en de enorme stapel nagelaten geluidsbanden vroeg om een inventarisatie van bruikbaar materiaal. Ongewild gaf Kramer het startschot voor de grote hoeveelheid rommel die postuum op de platenmarkt werd losgelaten. Zijn getuigenissen vormen een interessante voetnoot bij de informatie die er al was, en die uiteindelijk de mythe bevestigt van Hendrix als een ondoorgrondelijk en onnavolgbaar artiest.