Hof stemt in met legering Duitse soldaten Somalië

BONN, 24 JUNI. Het Constitutionele hof in Karlsruhe heeft geen bezwaar tegen de aanwezigheid van bijna 1700 Duitse soldaten in Somalië in het kader van de VN-vredesoperatie.

De Duitse regeringscoalitie heeft opgelucht gereageerd op deze uitspraak. Duitsland hoeft de 250 militairen die al voor logistieke steun en medisch werk in Noord-Somalië zijn, niet terug te trekken en kan de komende weken nog eens 1430 man uitzenden. De regering moet echter wel op korte termijn instemming van een (eenvoudige) meerderheid van de Bondsdag vragen en krijgen en dat vereiste geldt ook voor vergelijkbare toekomstige gevallen.

Met dit oordeel heeft de hoogste Duitse rechter gisteren een spoedklacht van de oppositionele SPD-fractie in de Bondsdag afgewezen. De SPD, die de Duitse bijdrage aan de VN-acties in Somalië niet "humanitair' maar "militair' en dus strijdig met de grondwet acht, had het hof in Karlsruhe begin vorige week om een verbod gevraagd. SPD-fractieleider Hans-Ulrich Klose erkende gisteravond een “deelnederlaag”, maar hij zei er wel tevreden over te zijn dat het hof het mede-beslissingsrecht van het parlement had onderstreept en “buiten twijfel heeft gelaten dat het om een militaire actie gaat”.

Het rechterlijk oordeel van gisteren spreekt zich niet uit over de vraag of deze inzet van Duitse militairen buiten het NAVO-gebied botst met de huidige tekst van de grondwet. Een uitspraak daarover volgt pas tegen eind dit jaar, net als in het geval van een kort geleden ook in eerste aanleg afgewezen SPD-klacht tegen Duitse deelneming aan de VN-luchtcontroles boven Bosnië in Awacs-vliegtuigen van de NAVO.

Vrij algemeen worden de beide spoed-uitspraken ook gezien als een signaal van het hof aan de Bondsdag en de politieke partijen dat het liever niet via zulke klachtenprocedures scheidsrechter wil worden in politiek-wetgevende kwesties. Of, zoals een tv-commentator het gisteravond zei: “Karlsruhe heeft de bal teruggespeeld naar de plaats waar hij hoort, namelijk naar de politici in Bonn”.

Kanselarijminister Friedrich Bohl (CDU) wilde gisteren niet van winnaars of verliezers spreken. Volgens hem was de uitspraak van het hof vooral van belang voor de internationale geloofwaardigheid van Duitsland en het vertrouwen in zijn buitenlands beleid. De ministers Klaus Kinkel (buitenlandse zaken, FDP) en Volker Rühe (defensie, CDU) lieten zich in gelijke zin uit. Zij beklemtoonden dat over het aanbod van de Duitse regering aan de VN, gedaan op 21 april '93, al tweemaal parlementair gedebatteerd is en dat de coalitiemeerderheid er beide keren mee had ingestemd. Kinkel zei er gerust op te zijn dat de desbetreffende Bondsdagcommissies en de voltallige vergadering van de Bondsdag volgende week weer een meerderheid zullen opleveren.

Rühe en Kinkel vroegen de SPD “nu eindelijk in beweging te komen” en snel mee te werken aan een grondwetswijziging die duidelijke criteria geeft voor deelneming van Duitse soldaten in VN-acties buiten het NAVO-gebied. Volgens Kinkel moet er een einde komen aan de patstelling met betrekking tot de uitleg van de grondwet, die hij “een bezwarende hypotheek” noemde “die al schade aan het buitenlands beleid heeft toegebracht”.

Kinkel heeft de SPD vorige week “voor persoonlijke rekening” als compromis een regeling voorgesteld waarin de Bondsdag met eenvoudige meerderheid over deelneming in vredesbewarende VN-acties beslist en met een meerderheid van twee derden over meedoen aan vredesafdwingende acties (Kampfeinsätze).

De CDU/CSU heeft geprikkeld gereageerd op Kinkels suggestie, die de oppositie over vredesafdwingend VN-werk een feitelijk vetorecht zou geven. De SPD is tot nu toe tegen een wijziging van de grondwet die gewapende acties van Duitse soldaten buiten het NAVO-gebied, en anders dan voor bondgenootschappelijke verdediging, mogelijk zou maken. Er wordt ook wat dit betreft met enige spanning uitgekeken naar de toespraak die de nieuwe partijvoorzitter, Rudolf Scharping, morgen zal houden als hij door een buitengewoon SPD-congres in Essen als eerste man bevestigd is.

De Egyptische secretaris-generaal van de VN, Boutros Boutros-Ghali, liet zich gisteren voor de Duitse televisie verheugd uit over het oordeel uit Karlsruhe. Voor de VN-operaties in Somalië zou het vertrek van het Duitse contingent “grote moeilijkheden meebrengen”, zei hij. Boutros-Ghali, voor overleg met kanselier Kohl en minister Kinkel op bezoek in Bonn, zou Duitsland graag deel laten uitmaken - “bijvoorbeeld met een medisch detachement” - van een nieuwe permanente VN-eenheid voor internationale hulp en crisisbeheersing. Dat staat echter los van de vraag of Duitsland een vaste plaats in de Veiligheidsraad kan krijgen, zei hij desgevraagd.

    • J.M. Bik