Helft Eureka-bedrijven tevreden; Fransen sluiten voorzitterschap Europees technologieproject af

PARIJS, 24 JUNI. Het Amerikaanse defensieproject SDI is dood, maar Eureka leeft. Onder dit onofficiële motto bood de Franse regering gisteren zeshonderd gasten een copieus diner aan in de Galerie des Batailles in het voormalige koninklijke paleis in Versailles.

Tien jaar geleden, op 10 maart 1983, lanceerde de Amerikaanse president Ronald Reagan zijn strategische defensie-initiatief (SDI), het project om Amerika te beschermen tegen een aanval met strategische raketten. In juni van dat zelfde jaar stelde president Francois Mitterrand 'Eureka' voor als een gemeenschappelijk Europees antwoord op het Amerikaanse technologie-offensief dat achter SDI verscholen ging. Bovendien wilde Europa de technologische achterstand op Japan inlopen.

Enkele weken geleden werd SDI als programma officieel ten grave gedragen in de Verenigde Staten. Maar Eureka leeft nog, zoals minister Andriessen (economische zaken) vandaag vaststelde in een rede op de elfde ministersconferentie waarmee het (tijdelijke) Franse voorzitterschap van Eureka eindigde. Het duurde tot 1985 voordat het Europese technologie-programma daadwerkelijk van de grond kwam. Sommigen zoals Hans van den Broek, de toenmalige Nederlandse minister van buitenlandse zaken, vreesden dat Eureka een vileine Franse poging was om de Atlantische solidariteit te ondergraven.

De afgelopen acht jaar zijn in de twintig deelnemende landen (de twaalf EG-landen, de zes EVA-landen alsmede Hongarije en Turkije) in totaal 800 projecten goedgekeurd om nieuwe technologisch hoogwaardige produkten te ontwikkelen. Bedrijven wier voorstellen voor dergelijke markt-gerichte projecten worden goedgekeurd, krijgen een subsidie van 25 procent van de kosten. Met deze projecten was een totale investering van zo'n 34 miljard gulden gemoeid. Ruim 50 procent van de bedrijven die aan een Eurekaproject hebben deelgenomen, meent dat het programma heeft bijgedragen aan versterking van hun positie in Europa.

De Eureka-ministersconferentie in de Parijse Cité des Sciences et de l'Industrie keurde vandaag 193 nieuwe projecten goed, een record in de geschiedenis van Eureka. In 61 gevallen zijn daarbij Nederlandse ondernemingen betrokken, waarmee Nederland na Frankrijk (honderd projecten) op de tweede plaats komt. Nederland komt op de zesde plaats als alle 800 projecten van de afgelopen acht jaar in aanmerking worden genomen.

Tweederde van de nieuwe projecten heeft betrekking op milieu, informatica en nieuwe produktiemethoden. Er zijn tien projecten van autofabrieken (Renault, Peugeot, Volvo, Fiat) alsmede Siemens en ABB. Vijf projecten, met een totale investering van 700 miljoen francs, zijn voorgesteld door Renault. De Franse autofabrieken beschouwen Eureka als een alternatief voor programma's voor research en ontwikkeling waarop ze tevergeefs bij de Europese Commissie in Brussel hebben aangedrongen.

De populariteit van Eureka blijkt uit de deelname van een Japans bedrijf aan een Europees staalproject en de aanvraag van Rusland om lid te mogen worden. De Eureka-ministers besloten dat Moskou - dat tien jaar geleden SDI nog meer vreesde dan Europa - welkom is zodra Rusland over de nodige wetgeving inzake bescherming van patenten en intellectuele eigendom beschikt.

Vorige maand bleek uit een onderzoek naar het verloop van twintig voltooide projecten met Nederlandse deelnemers dat de meeste Europese technologieprojecten zelden mislukken zelden als gevolg van technische problemen. Veelal waren een gebrek aan communicatie tussen de deelnemers, overspannen ambities of het ontbreken van steun binnen deelnemende bedrijven debet aan het falen. Een kwart van de onderzochte projecten liet uit op een fiasco.