Een vangnet in de klas

Het Johan de Witt-college, aan de rand van de Haagse Schilderswijk, is een modelschool. Een scholengemeenschap uit de dromen van ex-staatssecretaris van onderwijs Wallage. Lager-beroepsonderwijs in soorten en maten, MAVO, HAVO, VWO - een supermarkt vol voortgezet onderwijs voor bijna tweeduizend leerlingen.

Maar deze school is meer. Voor negen van de tien leerlingen is Nederlands niet hun moedertaal. Een derde van alle leerlingen komt uit een één-oudergezin. Meer dan de helft van de vaders is werkloos. Bijna driekwart van de ouders heeft hooguit een paar jaar lagere school gevolgd. De Haagse volksmond heeft voor "het Johan de Witt' een bijnaam bedacht die zich laat raden: "het Johan de Zwart'.

""Dit is geen probleemschool en allochtonen zijn niet zielig of achterlijk'', zegt rector G.G. van Biezen. ""Natuurlijk hebben we veel te kankeren over deze school en deze wijk. En natuurlijk maken we ons zorgen over van alles en nog wat. Maar we laten ons daardoor niet verlammen. Wij zoeken geen problemen maar oplossingen. Gelukkig krijgt een school als de onze voldoende extra uren en voldoende middelen om er wat van te maken. Per saldo mogen we echt niet klagen.''

Boegbeeld

De scholengemeenschap heeft een normaal lesrooster van Nederlands en Engels tot biologie en wiskunde. Om trage starters en snelle afhakers te vangen is verder een fijnmazig net gespannen van onderwijsvoorzieningen en hulpdiensten. Het Johan de Witt-college is daarmee ook een boegbeeld van de Haagse onderwijspolitiek: het moet bewijzen dat kinderen uit achterstandswijken heus vooruit kunnen komen in de wereld. ""Op een school als deze beleef je veel en veel meer goeie momenten dan op een keurige school in Voorburg, waar ik ook heb lesgegeven'', meent L.H. van der Holst, conrector in de onderbouw.

""De drang tot socialisatie en emancipatie van de leerlingen is ongelofelijk groot. Ik geef het je te doen: naar school gaan zonder ook maar een greintje hulp of steun van thuis. We hebben een leerling gehad die keihard werkte en steengoed was maar altijd te laat kwam. We begrepen dat niet, zoiets paste niet bij haar. Na talloze smoezen kwam het hoge woord eruit: ze mocht de wekker niet zetten van haar Nederlandse moe en haar Turkse pa die elke dag wensten uit te slapen. Ze werd echt geslagen als ze de wekker had gezet.

""Onze leerlingen leveren een permanent gevecht om vooruit te komen. Ze strijden niet alleen tegen hun achtergrond maar ook tegen zichzelf, tegen hun zelfbeeeld. Kan ik het wel? doe ik het goed? - de puberale faalangst is bij hen vele malen groter dan bij Nederlandse leerlingen omdat ze zo verdomd weinig zekerheden en voorbeelden hebben om zich aan op te trekken.''

""Als we deze kinderen laten stikken'', zegt leraar Nederlands W.J. Smink, ""hebben we een hele generatie uitgeleverd aan verpaupering en criminaliteit. Scholen als deze moeten de Nederlandse oude wijken leefbaar houden.'' Smink heeft ""natuurlijk ook uitgebluste lesboeren'' onder zijn collega's. ""Maar de meerderheid van het docentencorps is sterk gemotiveerd. De sfeer is: deze school màg niet mislukken.''

Schakelklas

Voor leerlingen met een gebrekkige ondergrond is er de "internationale schakelklas' (ISK). In maximaal twee jaar wordt de leerlingen Nederlands geleerd en andere kennis uit het basisonderwijs bijgebracht.

B. van Alphen, coördinator van de schakelklassen: ""Iedereen kent de clichés over randgroep-jongeren: eigenlijk willen ze niet leren, ze stelen als de raven, hun vaders willen liefst zo snel mogelijk kostgeld van ze vangen en verder niks. Ik kijk er wat anders tegenaan. Ik ben zelf opgegroeid in de Schilderswijk. Ik zie veel terug uit mijn eigen jeugd in de jaren vijftig. Hoe kun je behoorlijk je huiswerk maken als je met z'n tienen in een klein rotwoninkje op elkaar gestapeld zit? Is het zo gek dat je op straat gaat rondschooien als er thuis nauwelijks plek voor je is? Is het zo verkeerd dat je pa je 's ochtends en 's avonds kranten laat lopen als hij van 1.600 gulden netto een knots van een gezin moet onderhouden en er in Marokko ook nog het nodige van 'm wordt verwacht?'' De wijk is volgens Van Alphen geen toekomstig getto. ""Dit is gewoon diezelfde ouwe Schilderswijk vol stedelijk proletariaat. De problemen zijn al heel oud, alleen de mensen zijn nieuw. En de oplossing is een kwestie van politieke wil: stadsvernieuwing, onderwijs, noem het rijtje maar op.''

Het "Johan de Witt' beschikt over twee "remedial teachers' voor extra begeleiding van "probleemkinderen'. Aan het begin van het schooljaar worden alle brugklassers getest om inzicht te krijgen in eventuele zwakke begaafdheid en/of ontwikkelingsachterstand. Omstreeks de helft van de brugklassers komt vervolgens in aanmerking voor "remedial teaching'.

A.M.B.L. van Paasen, "remedial teacher': ""Heel veel kinderen op deze school hebben achterstand op allerlei terreinen. Hun motorische ontwikkeling is vaak zwakker, analytisch hebben ze een achterstand, emotioneel kunnen ze flink geblokkeerd zijn. Je merkt dat aan veel verschillende dingen. Als je ze een tekening geeft van stapels blokjes met wisselende hoogte en breedte, dan kunnen ze die vaak niet nabouwen. Ze kunnen het aantal blokjes in zo'n figuur ook niet tellen. Dit hoeft overigens niet alleen te duiden op ontwikkelingsachterstand. De waarneming van niet-westerse kinderen is soms anders dan van westerse kinderen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kinderen die net uit Marokko komen. Als je een Nederlands kind een huis of een auto laat tekenen, krijg je een zij-aanzicht. Een Marokkaans kind legt alles plat: het dak zit niet bovenop het huis en de deur onderin, nee, het dak ligt links en de deur rechts. Er bestaat literatuur die zegt dat bij zwarte mensen de rechterhersenhelft - zeg maar: de holistische kant - het sterkst ontwikkeld is, terwijl westerse mensen "linksbreinig' zijn, wat ze analytisch sterker zou maken. Daar is onderzoek over. Want als dat inderdaad zo is, dan moeten we daarmee rekening houden met ons onderwijs. Dan moeten we onze eisen anders stellen en andere lesmethoden ontwikkelen.''

Zoals meer scholen beschikt het "Johan de Witt' over een "vertrouwensgroep' van docenten. Leerlingen met problemen van welke aard dan ook kunnen bij deze groep aankloppen. De docenten doen het in hun vrije tijd; "taakuren' krijgen ze er niet voor.

L. Nak, "vertrouwensdocent': ""Eén op de tien kinderen hier heeft wel iets: verwaarlozing, mishandeling, een gevecht met de culturele achtergrond, incest, homoseksualiteit. Mijn houding tegenover al die problemen is in de loop der jaren sterk veranderd. Zo omstreeks 1980 was het klimaat: daar heb je de allochtonen, laten we die arme drommels maar eens flink gaan helpen. Dus, hup naar het JAC of naar een wegloopadres als zich een meisje met problemen meldde. Maar al snel kwamen we erachter dat zo'n kind buiten het gezin nog veel ongelukkiger was dan binnen het gezin. We proberen de problemen nu in familieverband op te lossen. Ons doel is de weerbaarheid van de kinderen te vergroten. Ze moeten leren terrein te winnen voor hun eigen, veelal ver-Westerde manier van leven zonder de band met de sterk tradionele thuissituatie te verbreken. En dat is een proces van jaren en jaren. Alleen de tijd helpt, weet ik nu: veel praten, rustig blijven, niets forceren.''

Schoolkontaktpersoon

Zes leraren van het "Johan de Witt' zijn tevens "schoolkontaktpersoon' - of SKP'er, in het jargon van de school. Deze docenten, de meesten zelf afkomstig uit allochtone kring, moeten de banden tussen school en thuis onderhouden.

E. Erdurcan, SKP'er en leraar wiskunde/ algemene techniek: ""Ik beschouw mezelf als ambassadeur van deze school voor de Turkse gemeenschap in de wijk. Tot vijf jaar geleden hielp ik vooral bij praktische zaken: het formulier voor de kinderbijslag invullen en zo. Dat doe ik nu niet meer. De Turkse gemeenschap is veranderd: de eerste generatie Turken heeft nu een tweede generatie die goed is opgeleid en heus zelf z'n weg kan vinden of de weg kan wijzen in de Nederlandse samenleving. Ik werk nu op een ander niveau. Ik probeer contacten tot stand te brengen tussen de Turkse gemeenschap en andere gemeenschappen en dan niet alleen de Nederlandse maar juist ook de andere, de Marokkaanse gemeenschap, noem ze maar op. Ik praat veel met de imams. Laatst zei een van hen bij het vrijdaggebed: ""Als Mohammed nu zou leven, zou hij het eens zijn met heel veel veranderingen.'' Dat zijn belangrijke uitspraken. Die helpen je als je ouders wilt duidelijk maken dat ook meisjes recht hebben op een goeie opleiding. Langs dergelijke wegen probeer ik de school en de leerlingen te helpen.''

Met ingang van het nieuwe schooljaar kunnen leerlingen ook vrijwillig extra lessen krijgen op zaterdag. Met deze "zaterdagschool' heeft het Johan de Witt-college een primeur in Nederland.

G.A.C. Donker, plaatsvervangend rector en initiator van de zaterdagschool: ""Voor ieder diploma in het voortgezet onderwijs heb je tenminste vier jaar nodig. Dat is veel te kort voor veel van onze leerlingen, met hun taalachterstand en hun achterstand op andere gebieden. De echt gemotiveerden willen we extra kansen geven om hun schooltijd zo optimaal mogelijk te gebruiken. De belangstelling onder de leerlingen is groot. En ook onder de docenten is er veel animo. Voor hen is er namelijk een hele gunstige compensatieregeling. Vooral docenten met jonge kinderen zeggen: laat mij maar op zaterdag werken, dat spaart me doordeweeks kinderopvang. Zo helpen we in deze moderne tijden twee verschillende groepen.''

En de leerlingen, wat vinden de leerlingen van deze "zorgzame scholengemeenschap'? ""Leren is leuk'', zegt Arif (13), tweedejaars brugklasser HAVO/VWO. ""Maar soms verwachten de leraren te veel van ons. Dan staan ze te blèren van je-moet-dit en je-moet-dat, want anders... Cool it, denk ik dan. Ik heb wel meer aan m'n hoofd dan alleen die school.''