Buitenlandse bedrijven negeren Noord-Nederland

Groningen, Friesland en Drenthe hebben vorig jaar geen enkele nieuwe vestiging van een buitenlands bedrijf mogen begroeten, zo vermeldt het jaarverslag van de Noordelijke Ontwikkelings Maatschappij (NOM).

Een jaar geleden, bij de presentatie van het vorige jaarverslag, liet de NOM weten te rekenen op de komst van twee tot vijf bedrijven. In 1991 wist de NOM twee bedrijven binnen te halen.

De NOM is een door de overheid opgerichte investerings- en ontwikkelingsmaatschappij die tijdelijk financiële steun verleent aan ondernemingen die de economie in de regio kunnen versterken.

Overigens zijn dit jaar twee Amerikaans bedrijven in Noord-Nederland neergestreken. Het biotechnologiebedrijf Invitrogen Corporation heeft het Groningse Leek gekozen voor de vesting van een distributiecentrum dat binnen enkele jaren moet uitgroeien tot een produktielokatie met vijftig werknemers. Daarnaast heeft S.C. Johnson Polymer, onderdeel van Johnson Wax, aangekondigd in Friesland een vestiging te openen die 150 arbeidsplaatsen oplevert.

De winst van de NOM verminderde van 13,4 miljoen in 1991 tot 8,1 miljoen gulden in 1992. De winst uit verkochte deelnemingen daalde van 21 miljoen naar 12,9 miljoen. De inkomsten uit dividenden, rente en provisies groeiden van 11,2 naar 13,7 gulden.

De NOM had eind 1992 voor 172,8 miljoen gulden aan participaties in 65 ondernemingen.