Boek en expositie over grafisch ontwerpster Fré Cohen; Een bewogen kunstenares

Tentoonstelling: Fré Cohen 1903-1943: een bewogen kunstenares. T/m 28 aug. in het Amsterdams Historisch Museum, Kalverstraat 92. Boek "Fré Cohen 1903-1943: leven en werk van een bewogen kunstenares' door Peter van Dam en Philip van Praag, uitg. Uniepers, 160 blz., ƒ 49,00.

Reinheid was in de jaren twintig een veel gehoord begrip in socialistische kringen, ook bij de idealistische Arbeiders Jeugd Centrale (AJC). Een van de toegewijde jonge bezoekers van de Paasheuvel was Frederika Cohen, oudste kind van een geassimileerd joodse diamantbewerker uit het Amsterdamse Betondorp. Zij werd een van de eerste, zo niet dè eerste vrouwelijke grafisch ontwerper in Nederland. Haar werk heeft mede het "gezicht' bepaald van veel socialistische, gemeentelijke en later ook joods instanties en uitgaven.

Niemand, ook zij zelf niet, kon vermoeden dat reinheid, maar dan in de nazistische interpretatie, haar het leven zou kosten. Het is deze maand vijftig jaar geleden dat zij verraden werd op haar onderduikadres in het Overijsselse Borne en snel de giftablette slikte die ze al geruime tijd bij zich droeg. Het Amsterdams Historisch Museum laat nu een selectie uit haar werk opnieuw zien, samen met de eerste catalogue raisonné van haar werk door Peter van Dam en Philip van Praag.

Een pionier in de grafische vormgeving was Fré Cohen niet; ze heeft geen school gemaakt. In haar omvangrijke oeuvre worden de voornaamste stromingen van de jaren twintig en dertig weerspiegeld: van de decoratieve pathos van de Jugendstil, via de hoekige stijl van het blad Wendingen en de Amsterdamse School, naar de Nieuwe Zakelijkheid met zijn industriële esthetiek. Als een sterke onderstroom loopt haar hang naar een gestileerde romantiek, soms op het dweepzieke af. Misschien was het dit samengaan van het meisje en de sierkunstenaar die haar stijl zo herkenbaar maakt.

Na de mulo ging Fré bij een handelskantoor werken. Naast het werk voor de AJC tekende ze ook advertenties voor haar werkgever. Nadat die de directeur van de socialistische uitgeverij Ontwikkeling (later De Arbeiderspers) onder ogen waren gekomen werd zij er in 1923 aangenomen, half als tekenaar, half als administratieve kracht. Op de drukkerij leerde Fré hoe het was om als ontwerpster en enige vrouw tussen - sceptische - mannen te werken. Deze ervaring kon ze goed gebruiken toen ze in 1929 als de eerste vrouwelijke ontwerper werd aangesteld bij de Stadsdrukkerij. Daar werd ze in 1932 wegens bezuinigingen ontslagen, maar haar naam was gevestigd en ze had opdrachten genoeg.

In de loop van de jaren dertig veranderde haar werk. De symboliek uit de socialistische beweging speelde een minder prominente rol en ze maakte meer vrij werk. Haar grote crayon-portretten van onder anderen de pianist Lion Contran en de joodse voorzanger Ruben Gradmann behoren tot de indrukwekkendste stukken op de tentoonstelling in het Amsterdams Historisch Museum. Gaandeweg raakte ze meer betrokken bij het jodendom en ging - hoewel dit weinig invloed had op haar stijl - steeds vaker voor joodse instanties ontwerpen.

Hoewel vaststaat, dat door de oorlog veel van haar werk verloren is gegaan - archieven zijn vernietigd, haar atelier is door de SD leeggehaald - zijn Peter van Dam en Philip van Praag erin geslaagd ruim negenhonderd items bijeen te brengen, variërend van boekomslagen en ex-libris tot kalenders, affiches, advertenties, tentoonstellingsinrichtingen, Amsterdamse stadswapens, zelfs etiketten voor schoolschriftjes die in oplagen van een miljoen zijn gedrukt. Helaas zijn er in de tekst geen duidelijke verwijzingen naar de besproken afbeeldingen. Wel geeft het verhaal - voor zo ver mogelijk - een goed beeld van deze "bewogen kunstenares' en haar omgeving. De auteurs hebben nogal wat foto's van Fré opgediept, met familie of aan het werk, die haar als persoon tot leven helpen te brengen. Het is dan ook jammer dat de mensen die haar gekend hebben en achterin het boek worden bedankt, niet sprekend worden opgevoerd.

Het speurwerk heeft ook niet alle door de tijd geslagen gaten kunnen vullen: over de periodes die zij doorbracht in het Zwitserse "kunstenaarsdorp' Ascona wordt niets gemeld, en haar betrekkingen met de joodse vluchtelingen uit Duitsland blijven schimmig. Toch is dit de bewonderenswaardige neerslag van een intensieve speurtocht, want zowel het werk van Fré Cohen als gegevens over haar leven waren in de halve eeuw sinds haar overlijden verspreid en zelfs in de vergetelheid geraakt.

    • Tracy Metz