Rembrandts meesterlijke beheersing van de verf

Rembrandt en zijn verven, Ned. 3, 21.22-22.00u

Rembrandt vond dat zijn schilderijen zo gehangen moesten worden "dat men daer wijt ken afstaen'. In zijn atelier mochten bezoekers zijn werk niet van dichtbij bekijken. "De reuk van de verf zou U verveelen', zo waarschuwde hij.

Ondanks deze waarschuwingen van de schilder zelf, is het toch beslist de moeite waard om in het Rijksmuseum het onlangs gerestaureerde Joodse Bruidje eens nauwkeurig te bestuderen. Uit elk detail van kleding, handen, gezichten en achtergrond blijkt Rembrandts meesterlijke beheersing van de verf. Van dichtbij lijkt de oppervlaktestructuur chaotisch. De verf is zeer gevarieerd opgebracht: dikke klodders verf en sporen van een paletmes zijn zichtbaar, maar ook dunne, transparante lagen over elkaar heen. Met deze onorthodoxe verfbehandeling bereikte Rembrandt betoverende effecten.

Een van de deelonderzoeken van het Rembrandt Research Project (RRP) dat in 1968 van start ging is gewijd aan de vraag hoe Rembrandt zijn verven samenstelde, welke pigmenten, bindmiddelen en andere materialen hij daarbij gebruikte. Dit onderzoek wordt geleid door Professor Ernst van de Wetering in samenwerking met wetenschappers van het chemieconcern DSM dat opdracht gaf voor de documentaire Rembrandt en zijn verven.

De grote Rembrandttentoonstelling die in 1991-1992 in Amsterdam te zien was, bood ook inzicht in de multidisciplinaire aanpak van het RRP naar de authenticiteit van Rembrandts schilderijen. De resultaten zijn niet onomstreden en kortgeleden zijn vier leden van het onderzoeksteam opgestapt. De strenge classificatie in A (echte Rembrandts), B (twijfelgevallen) en C (vals) wordt verlaten en Van de Wetering zet het RRP met een kleine staf voort, gesteund door specialisten uit verschillende disciplines.

Bij de analyse van verfmonsters wordt niet alleen gebruik gemaakt van zeer geavanceerde technologie, maar men tracht ook aan de hand van 17de eeuwse receptenboeken zo exact mogelijk te reconstrueren hoe Rembrandt te werk ging. In het laboratorium staan thermometer en ganzeveer, die men in de 17de eeuw gebruikte om de temperatuur te meten, dan ook samen in de kokende lijnolie.

Dankzij dit soort wetenschappelijk onderzoek komen we stap voor stap meer te weten over Rembrandts werkwijze. Hoe zinvol dit ook is, het levert niet altijd even boeiende televisiebeelden op. En soms vraag je je af waarom ze achter zo'n hypermodern beeldscherm gaan zitten als je ook met het blote kan constateren dat Karel Appel veel meer verschillende kleuren gebruikte dan Rembrandt.