Overschot aan vleeshaken treft Coveco

AMSTERDAM, 22 JUNI. Met de aangekondigde sluiting van een varkensslachterij in Borculo van vee- en vleesconcern Coveco is de slachtcapaciteit in Nederland opnieuw ingekrompen. Niettemin zijn er in Europa nog steeds te veel vleeshaken.

Coveco, het een na grootste vee- en vleesonderneming in Nederland, kondigde vorige week de sluiting aan van haar vestiging in Borculo, waar 280 mensen werken. De helft van de werknemers kan aan de slag bij de vestigingen in Almelo, Gieten, Twello en Weert. De andere werknemers verliezen hun baan.

Volgens de directie van Coveco wordt met de sluiting 12 miljoen gulden op jaarbasis bespaard. Daarnaast wil het vleesconcern nog eens 3 miljoen gulden besparen door efficiëntiemaatregelen bij de andere vestigingen te treffen.

Vorig jaar was nog sprake van een eventuele fusie tussen Coveco en marktleider Cehave/Encebe. Deze fusie is afgeketst. Uit de bespreking werd volgens Coveco duidelijk dat nauwere samenwerking met een andere partij geen reëel perspectief bood om de gevolgen van de overcapaciteit in de slachterijen het hoofd te bieden.

De varkensvleesbranche heeft vorig jaar geprobeerd afspraken te maken over een zogeheten warme sanering van de varkenssector. De branche kampte destijds met een overcapaciteit van 25 procent. Uiteindelijk zijn de pogingen om tot een gezamelijke vermindering van de capaciteit te komen op niets uitgelopen. Ceveco-woordvoerder mr. F.A.B. Essink: “Nu wordt een koude sanering voorzien.” Vorig jaar ging slachterij Stroomberg in Ede al failliet en sloot Encebe een vestiging in Oudewater.In de Coveco-slachterij in Borculo waren vorig jaar speciale voorzieningen getroffen om varkens te slachten die bestemd zijn voor de Japanse markt. Japan stelt strenge eisen aan vlees uit het buitenland om de invoer van dierenziektes te voorkomen. Zo dienen die varkens zelfs speciaal worden gefokt voor de Japanse markt.

Coveco wil het slachten van de varkens voor Japan voortzetten in Twello. Volgens Essink is Japan een interessante groeimarkt. Vorig jaar steeg de consumptie van varkensvlees in Japan met één kilo per persoon per jaar. Coveco wil deze markt voorzichtig maar gestaag betreden.

Coveco had het Rotterdamse organisatie-adviesbureau KWW in de arm genomen om te laten onderzoeken hoe het bedrijf moest worden gereorganiseerd. Het adviesbureau vond dat centralisatie van de produktie de beste manier was om te komen tot een verdere kostenreductie. Ondanks de sluiting van Borculo blijft Coveco zo'n 3 drie miljoen varkens per jaar slachten. Vorig jaar had Coveco het aantal slachtingen per week al verminderd van 73 naar 63 duizend.

Nu Coveco zelfstandig doorgaat, streeft het bedrijf naar het beheersen van "de hele vleesproduktieketen', van fokkerij tot detailhandel. Daarbij ziet Coveco vooral kansen op de markt voor vlees met extra garanties over kwaliteit en produktiewijze.

Na de sluiting van Borculo heeft Coveco nog 1600 mensen in dienst. Eind 1991 werkten nog zo'n 2000 mensen bij het vleesconcern. Vorig jaar boekte Coveco een netto resulaat van 1,2 miljoen gulden (1991: verlies 18,3 miljoen) bij een omzet van 1,8 miljard gulden. Ruim 1 miljard was afkomstig van export.