Wereldmuziek verandert de aardbol in een plezierig dorp; World Roots is meer dan festival

Het World Roots Festival 93 begint 22/6 met Women of the World: de a-capella-groep Donnisulana uit Corsica, zangeres Yulduz Usmanova uit Oezbekistan en het Finse vocale kwartet Värttinä. Vervolgens t/m 27/6 15 attracties uit 13 landen. Zes daarvan zijn samen met 24 andere "wereld'-acts te horen op de dubbel-cd "Strictly Worldwide!' (Eurostar 39810962), te koop op het festival.

Morgenavond begint in de Melkweg in Amsterdam het World Roots Festival 93. Het gebouw is met het oog daarop verpakt in spiegelend zilverfolie want "De Wereld, dat zijn wij zelf'. Andere glitter wordt donderdag toegevoegd door het Arubaanse "looporkest' Caribbean Brass International dat, beginnend bij het Leidsebosje, dansend de weg naar de zaal gaat wijzen. Daarbij worden met gulle hand kortingkaarten uitgedeeld voor een tropisch avondje Caribbean Sounds. De sounds komen van deze brassband, van de kawina-groep Mi Oso es mi Kas, acht vrouwen en acht mannen sterk, en van de met honderd metalen "pans' gewapende Renegades Steel Band Orchestra, afkomstig uit Trinidad.

Veel tamtam deze keer dus voor het World Roots Festival, meer dan vorig jaar. En dat is nodig ook, want een volle zaal voor "vreemde' muziek krijgt ook De Melkweg niet meer vanzelf.

Frans Goossens en José Theelen, sinds jaar en dag de organisatoren van het festival, vertellen dat de tijden veranderd zijn en ook waardoor. De zogenaamde "wereldmuziek' is over Nederland verspreid tot in de kleinste uithoeken toe. Met de komst van gratis openlucht festivals als Poetry Park in Rotterdam, Mundial in Tilburg en Suriname aan de Maas, ook al in Rotterdam, lijkt het hele jaar wel World Roots Festival.

Het publiek ziet de wereld steeds meer als een "global village': komt een groep nu niet, dan wel over een paar maanden en anders ziet men ze wel in Senegal zelf. Was tien jaar geleden het optreden van een Afrikaanse band op zich al iets bijzonders, het spannende van 'er komen negers uit Afrika' is er inmiddels een beetje af. De Afrika-hausse is nog niet helemaal weggeëbd, maar wel minder heftig geworden.

Gelukkig had De Melkweg dat laatste voorzien. Het als 'Africa Roots' begonnen festival verruimde in '87 aanzienlijk de blik, met prettige gevolgen voor de programmering. Jovan Stojiljkovic en zijn blaasorkest uit wat toen nog Joegoslavië heette, wie had ze willen missen? Of de in '89 optredende Sabri Brothers uit Pakistan, inmiddels rijp voor een groter circuit en - misschien nog een grotere sensatie - de 'meidengroep' Zap Mama uit Brussel die vorig jaar zo'n klapper was. In december '92 stonden zij opnieuw in de Melkweg, in februari op vier andere podia in Nederland en eind juli a.s. zingen zij drie avonden achtereen in de Amsterdamse Stadsschouwburg, een steenworp van de Melkweg vandaan.

Groepen 'ontdekken' en ze vervolgens naar grotere zalen zien vertrekken, geeft dat de organisatoren niet een vervelend gevoel? “Zo hoort het toch?” is Goossens' eerste reactie. “Je wil de dingen waar je in gelooft toch graag zien groeien. Ook popacts als Pearl Jam en Nirvana, die nu in enorme zalen spelen, hebben hier hun Nederlandse debuut gemaakt. We hebben nu eenmaal een voortrekkersrol en kunnen vaak trots zijn op een primeur. Een grotere populariteit betekent vaak dat een groep niet meer in onze zaal past en ook te duur voor ons wordt.

“Je kunt dat jammer vinden maar het is een normale ontwikkeling. Moeilijker te verkroppen is het feit dat je soms, als de business groter wordt, ineens in een hoekje wordt gezet. Niet door de artiesten zelf maar door hun managers die altijd hogerop willen. Als ze hun acts elders voor een paar duizend gulden meer kunnen slijten, dan zijn wij ineens geen partij meer. Dat was ons bijna gebeurd met de Senegalese zanger Baba Maal, de topattractie van ons festival, die vrijdag optreedt.

“In oktober hadden wij al afspraken gemaakt, maar toen het festival dichterbij kwam en er zaken moesten worden gedaan, bleek zijn management hem inmiddels aan Drum Rhythm te hebben verkocht. Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad om dat weer recht te trekken. Uiteindelijk mogen we niet eens klagen want vrijwel altijd geeft het geld de doorslag. Zo zit de wereld nu eenmaal in elkaar. Dat is niet fout, maar voor ons wel eens jammer. Wij kunnen als Melkweg maar weinig betalen en zonder het Forum zou het nog moeilijker zijn.”

Het Forum is het vorig jaar opgerichte European Forum of Worldwide Music Festivals, een organisatie van twintig festivals uit tien Europese landen die allemaal wereldmuziek programmeren. In Nederland zijn behalve World Roots ook Poetry Park en de Music Meeting in Nijmegen er bij aangesloten. Door gezamelijke inkoop van artiesten en de concentratie van festivals in de periode mei tot en met augustus kunnen de kosten worden beperkt.

Praten over geld is soms nodig, veel liever hebben Goossens en Theelen het echter over wat het World Roots Festival zo aardig maakt: het speelplezier van de musici die er echt op uit zijn het publiek te bereiken. “Westerse rock- en popmusici willen vaak alleen maar laten zien hoe boos of gefrustreerd ze zijn, desnoods met hun rug naar de zaal. Het World Roots Festival trekt een zeer gemêleerd publiek, jong en oud, van bleekwit tot blauwzwart, van alle religies en politieke gezindten. Zelfs zonder de illusie dat het de wereld verbetert, is het belangrijk dat mensen elkaar ontmoeten, met elkaar praten en dansen.

Een in De Melkweg ontstane "wereldromance', het is wel geen doel maar toch een leuke bijkomstigheid. Net zo aardig als het feit dat er op het komende festival even veel vrouwen als mannen op het podium staan. Dat er bij de keuze van de muzikale acts wordt gelet op smakelijkheid, is een kwestie van wijs beleid.

“Als een westerling in Japan gelijk rauwe vis voorgeschoteld krijgt, gaat het mis, hij moet eerst wennen aan een nieuwe keuken. Dat laatste geldt ook voor ons programma: het moet wel verteerbaar zijn. Maar dat verschuift natuurlijk voortdurend, net als het menu in Nederland. Twintig jaar geleden zag je hier zelden een paprika en nu telen we ze zelf. De grenzen verleggen en de zintuigen nieuwe prikkels geven dat is de functie van het Roots Festival, in de breedst mogelijke zin. Met het afdraaien van een serie concerten zijn we niet tevreden. De Melkweg is geen Concert Hall zoals Paradiso zich ziet, maar een club met alles wat daarbij hoort.”

Het laatste blijkt uit de versiering van het festival. Het doorlopend filmprogramma Wereldmuziek in Beeld richt de aandacht op rootsmuziek uit onder meer Papoea Nieuw Guinea, Java en Marokko. Er zijn exposities van wandkleden, schilderijen en foto's uit diverse landen. Er is een Afrikaanse modeshow, een workshop Oegandese dans en een markt met goederen uit de hele wereld. Frans Goossens: “Laatst was de president van Oeganda op de tv en die zei: we willen helemaal geen ontwikkelingshulp, we willen gewoon handel drijven. Dat vonden we een heel verfrissend standpunt. Heb jij iets dat ik niet heb, mooi, dan kunnen we misschien iets met elkaar ruilen. Dat geldt natuurlijk ook voor onze muziek.”