Deutsche Bundesbank verliest grip op Europese rente-ontwikkeling

ROTTERDAM, 21 JUNI. Het anker raakt los en gaat krabben. Deze metafoor werd de afgelopen week vaak gebruikt ter illustratie van de zwakke positie van de D-mark in het EMS.

De zorgwekkende toestand van de Duitse economie heeft zelfs binnen het D-mark-blok een lichte afscheiding veroorzaakt. De gulden is al gedurende enkele weken ongeveer 0,5 procent sterker dan haar voormalige evenknie, de D-mark. Buitenlandse centrale banken, die voor wat betreft hun monetair beleid tot voor kort nog volledig afhankelijk waren van de ruimte die de Bundesbank bood, kunnen tegenwoordig zorgeloos hun rentes verlagen. Afgelopen week verlaagden Frankrijk, Portugal, Spanje en Denemarken hun belangrijkste officiële tarieven.

D-mark. Afgelopen donderdag stond de tweewekelijkse vergadering van de Bundesbank op het programma. Gedurende de dagen voorafgaand aan deze bijeenkomst hadden enkele gezaghebbende Duitse monetaire autoriteiten uitlatingen gedaan die wezen in de richting van een renteverlaging. De financiële markten liepen hierop vooruit. De D-mark moest dan ook terrein prijsgeven, hierbij geholpen door super-speculant Soros. Na afloop van de Buba-vergadering bleek echter dat de niveaus van de Duitse rentetarieven ongemoeid waren gelaten. Wellicht dat de positie van de Duitse munt, naast de bekendmaking van geldgroeicijfers deze week, een rol heeft gespeeld bij deze beslissing. In dat geval echter miste het voorzichtige rentebeleid haar doel. De marktpartijen zijn ervan overtuigd dat renteverlagingen onontkoombaar zijn, gegeven de Duitse recessie, en dat afstel zeker niet zal leiden tot uitstel. Een monetair beleid, waarbij valutaire overwegingen een rol spelen, kan op termijn zelfs contra-produktief werken. Zeker nu het Duitse begrotingstekort nauwelijks onder controle lijkt en er dus geen ruimte meer is voor een fiscale stimulering, wordt het belang van het rentewapen alsmaar groter.

Indien de Duitse monetaire autoriteiten besluiten om hun kruit vooralsnog droog te houden, kan dit in de toekomst leiden tot een nog sterker tegenvallende economische (negatieve) groei enerzijds en extra renteverlagingen anderzijds. De gevolgen voor de D-mark laten zich in dat geval raden.

Franse rentedaling. In Frankrijk overheerst opluchting nu de marges in het EMS groter zijn geworden. Enige tijd geleden nog werd de rente volledig bepaald door de ruimte die de Franse franc had binnen het EMS. Vorig jaar moesten de Franse monetaire autoriteiten de vernedering ondergaan van de correctie van een eerdere renteverlaging, nadat de Bundesbank had besloten de officiële tarieven te verhogen. De verhoudingen zijn echter zodanig veranderd dat de Franse korte rente nu onder de Duitse ligt. Deze sitautie werd vorige week opnieuw bekrachtigd door een onafhankelijke Franse renteverlaging met 0,25 procent. Ook het lange rente écart tussen Frankrijk en Duitsland vertoont een voortdurende daling. Stond dit begin dit jaar nog op één procent, tegenwoordig rendeert een Franse 10-jaars staatslening nog slechts 12 basispunten hoger dan een vergelijkbare Duitse staatslening.

Staatslening. De kracht van de gulden vond zijn weerslag op de rentemarkten. De 10-jaars rente daalde met 8 basispunten naar een niveau van 6,54 procent. De jongste staatslening kon profiteren van het positieve sentiment en haalde boven verwachting 9 miljard binnen. Hiervoor waren voornamelijk buitenlandse beleggers verantwoordelijk (voor naar schatting 60 procent). De financieringsbehoefte van de staat voor 1993 (geschat op 45 miljard) is nu voor ongeveer 75 procent gedekt.

Verenigde Staten. De inflatievrees, die de Amerikaanse beurs enkele weken in bedwang hield, is afgelopen week afgenomen. Nadat twee weken geleden een gunstige index van producentenprijzen bekend werd, bleek afgelopen week dat ook de consumentenprijzen een soortgelijke ontwikkeling lieten zien. In mei steeg deze index met 0,1 procent; minder dan waarmee de markt rekening hield. De Amerikaanse rente, positief benvloed door deze cijfers, moest tegen het einde van de vorige week toch nog een veer laten. De 10-jaars rente bleef per saldo onveranderd op een niveau van 6,54 procent.

Toch kunnen buitenlandse beleggers terugkijken op een geslaagde week. De dollar steeg met 6 cent naar het hoogste niveau van 1993: 1,89 gulden. De dollar vertoont de typische kenmerken van een bull-markt. Negatief nieuws wordt genegeerd, positief nieuws wordt wordt aangegrepen om de "greenback' naar boven te sturen.

Bron: Institute for Research and Investment Services, Joint Venture Rabobank/Robeco