Slechte organisatie VN bemoeilijkt de vredestaken

NEW YORK, 18 JUNI. Bij de Verenigde Naties begint langzaam het besef door te dringen dat de organisatie niet is opgewassen tegen de enorme vredestaken die ze op zich neemt. Te vaak wordt besloten tot operaties, zoals militair toezicht op de veiligheidszones in Bosnië, die al bij voorbaat tot mislukking zijn gedoemd. Voor zover de problemen al worden onderkend, wijten de leden ze aan slecht management en gebrekkige coördinatie binnen de organisatie terwijl het evenzeer een gebrek is aan politieke wil om van de VN-bemoeienis een werkelijk succes te maken.

Niet alleen in de landen waar de VN opereren maar ook op Manhattan in het VN-hoofdkwartier aan de East River is de toestand chaotisch. Meer dan tien dagen geleden eiste de Veiligheidsraad de arrestatie van de Somalische krijgsheer Mohamed Aideed, maar kennelijk hield iedereen dat voor een loze dreiging. De aankondiging gisteren dat vredestroepen in Somalië Aideed vroegen zich over te geven, verraste de persvoorlichters in het VN-gebouw. Vragen als waar hij moet worden vastgezet en wie hem kan berechten veroorzaakten lichte paniek. “De juridische afdeling is dat allemaal aan het uitzoeken”, zei een ongemakkelijke woordvoerder Joe Sills.

Zijn reactie is typerend voor de VN die na Bosnië nu ook de moeilijkheden in Somalië steeds groter zien worden. Daarnaast zijn vredestroepen ook nog in twintig andere landen actief. Sinds 1987 zijn er meer vredesoperaties begonnen dan in de veertig jaar daarvóór. Secretaris-generaal Boutros-Ghali brengt het hele raderwerk in de hoogste versnelling, maar onderdelen zijn eerst aan revisie of zelfs vervanging toe. Een onderbemande staf voor vredesoperaties van vijfendertig man ziet zijn werkzaamheden met de dag toenemen.

Hoewel de Veiligheidsraad beseft dat het anders moet en in een recent rapport onderstreept dat “drastische maatregelen vereist zijn”, doet de raad het voorkomen dat de moeilijkheden een interne zaak zijn. Verbetering van planning en coördinatie in de top, meer parate troepen en materieel en, ten slotte, opleiding van nationale eenheden voor de VN-vredestaak zijn noodzakelijk. Maar is daarnaast de bereidheid om de VN-taken politiek en financieel te steunen wel aanwezig? Gevraagd naar wat er aan denkbeelden over vredesoperaties binnen de Veiligheidsraad leeft, antwoordt een diplomaat: “De Veiligheidsraad houdt zich daar nooit zo mee bezig, ze hebben liever te maken met concrete situaties.”

Bosnië, Somalië, Mozambique, Cambodja, Libanon, El Salvador, Irak - de VN zijn actief in alle werelddelen behalve Australië. Het verloop van de grootscheepse vredesoperaties in Somalië en Bosnië legt de feilen van de VN genadeloos bloot. In beide gevallen konden pas na lang overleg en het steeds verder afzwakken van resoluties besluiten worden genomen. Voor Somalië waren eerst de manschappen niet beschikbaar. In Bosnië stelden de Amerikanen geen troepen beschikbaar en wilden zij alleen vanuit de lucht assisteren. Daar waren Groot-Brittannië en Frankrijk weer fel tegen omdat dan hun manschappen gevaar liepen.

Bosnië is het duidelijkste voorbeeld van het falen van de VN. Secretaris-generaal Boutros Boutros-Ghali heeft deze week om 7.500 extra blauwhelmen voor Bosnië gevraagd. Hij heeft echter 34.000 extra manschappen nodig om de resolutie van de Veiligheidsraad over de bescherming van zes moslimenclaves in haar volledigheid te kunnen uitvoeren. De lidstaten zullen in de nabije toekomst bij elkaar niet meer dan 7.500 man beschikbaar stellen.

Daarom is Boutros-Ghali gedwongen te kiezen voor de "lichte optie': 7.500 man die, gesteund door vliegtuigen, de enclaves moeten beschermen en die daarbij zijn overgeleverd aan de medewerking van de Bosnische Serviërs. De operatie is tot mislukken gedoemd. Beloftes van Bosnische Serviërs zijn er niet. Zelfs àls die 7.500 extra blauwhelmen er ooit arriveren, blijft de situatie in en rondom de enclaves levensgevaarlijk. Dat geeft men bij de VN in de wandelgangen ook volmondig toe. “Niemand heeft ooit de illusie gehad dat de enclaves werkelijk veilig zijn of worden”, zegt een VN-diplomaat. “Het gaat er alleen om toch een gebied voor de moslims te claimen.”

De organisatie neemt enorme vredestaken op zich, maar is niet opgewassen tegen de consequenties ervan. Vooral sinds het ineenstorten van het Warschaupact en het aantreden van Boutros-Ghali anderhalf jaar geleden is de bemoeienis van de VN met probleemgebieden - Cambodja, Joegoslavië en Somalië - toegenomen. De Veiligheidsraad heeft nauwelijks meer met veto's van permanente leden te maken en produceert de ene resolutie na de andere. Voor problemen die met de uitvoering ervan gepaard gaan of die daaruit voortvloeien wordt meestal een ad hoc oplossing bedacht, die telkens weer de kiem van de mislukking in zich draagt.

Somalië dat - na veel en lang aarzelen - werd geholpen door de vreedzame invasie van Amerikanen, leek een voorbeeld van hoe het ook kon onder VN-vlag. En zolang de in totaal 38.000 Amerikanen er waren om de orde te handhaven, ging het goed en konden honderdduizenden van een wisse hongerdood worden gered. Nauwelijks hebben de Amerikanen hun hielen gelicht of slecht bewapende Pakistanen worden door de brutaalste krijgsheer, Mohamed Aideed, in een hinderlaag gelokt en gedood.

Aideed was degene die in december vorig jaar pas na veel onderhandelen akkoord ging met de humanitaire hulp van de VN. Hij beidde zijn tijd en grijpt nu zijn kans. De VN hebben in zoverre gefaald dat de ontwapening van krijgsheren als Aideed vanaf het begin een doelstelling had moeten zijn. Boutros-Ghali heeft dat ook vanaf het begin gepropageerd maar heeft de VS daar niet van kunnen overtuigen. Dat was een fout, erkent men bij de VN. Nu er tientallen slachtoffers onder de burgerbevolking en onder UNOSOM-eenheden zijn gevallen is er een gespannen situatie ontstaan waarin alsnog algehele ontwapening wordt nagestreefd.

De voormalige speciale VN-gezant voor Somalië, Mohamed Sahnoun, liet zich gisteren kritisch uit over de problemen waar de VN zich nu voor gesteld zien. Sahnoun werkte vorig jaar met Boutros-Ghali aan het voorbereiden van een humanitaire hulpoperatie in Somalië maar kwam in botsing met hem en ruimde daarna het veld. Sahnoun ziet het als een management-probleem binnen de organisatie. De VN nemen zoveel op zich zonder aan de uitvoering van al hun resoluties te denken dat het organisatorisch aan alle kanten kraakt. De verslechterde toestand in Somalië is volgens hem het gevolg van slechte communicatie tussen de VN en de Somaliërs. De VN moeten volgens Sahnoun ook veel efficiënter leren werken.

Sinds Boutros-Ghali's aantreden en de indiening van het rapport waarin hij zijn geloofsbrieven presenteerde - An Agenda for Peace - is er nog geen nieuwe aanpak van de vredestaken uit de bus gekomen. Het rapport ging over preventieve diplomatie, peacemaking, peacekeeping en post-conflict peacebuilding. Alle problemen die de VN aan den lijve ondervinden staan in dat rapport al netjes op een rijtje. Peacemaking is alleen mogelijk als bij de betrokken partijen de wil bestaat om conflicten op te lossen, peacekeeping kan alleen met de toestemming van de betrokken partijen. Een militaire operatie die nodig is om de vrede te herstellen, als alle andere middelen hebben gefaald, “is essentieel voor de geloofwaardigheid van de Verenigde Naties”, aldus Boutros-Ghali.

Dat rapport verscheen heel wat drastische resoluties geleden. Het aantal taken is sindsdien sterk toegenomen, maar voor de consequenties blijven de lidstaten terugschrikken: geen manschappen, geen geld. Het budget van de VN komt steeds meer onder druk te staan. Al jaren wordt het ene gat met het andere gedicht. De begroting voor vredesoperaties dit jaar is 3,6 miljard dollar, meer dan het dubbele van 1991. De VS morren dat ze één miljard dollar per jaar bijdragen - al is dat slechts één dollar op elke 2.016 die aan Amerikaanse defensietaken worden uitgegeven. Daarbij zijn de VS ook een notoire wanbetaler die altijd achterlopen met het betalen van de contributie. Op dit moment houden vijfentwintig van de honderdtachtig lidstaten de zaak draaiend.

Boutros-Ghali heeft een goed idee van wat hij wil maar hij kan moeilijk delegeren. De secretaris-generaal die zichzelf bij zijn aantreden één termijn van vijf jaar heeft gesteld, heeft wel een duidelijk doel voor ogen. In 1995, bij de vijftigste verjaardag van de VN, moet de wereldvrede weer een stukje dichterbij zijn en de VN als organisatie geheel vernieuwd.