Nachtelijke voorlezing van Walcotts Omeros in Carabische sfeer

ROTTERDAM, 18 JUNI. Moe maar voldaan kwamen vanochtend zo'n zestig volhouders de Rotterdamse Schouwburg uitgehobbeld, alwaar ze tien uur lang hadden geluisterd en gekeken naar de vertelling van het epische gedicht Omeros van Nobelprijswinnaar Derek Walcott. De thuisblijvers - en de afhakers - hadden ongelijk want de "Nacht van Omeros' boeide van begin tot eind.

Al bij binnenkomst waande de bezoeker zich op St. Lucia, het geboorte-eiland van Walcott en het decor van zijn epos. In de foyer van de schouwburg werd Carabische muziek gespeeld, er was een "Café Geen Spijt Iedereen Welkom' zoals dat ook bij Walcott voorkomt, en een tentoonstelling lichtte de verwijzingen in Omeros toe: kaarten en boeken over het in 1502 door Columbus ontdekte en in 1979 zelfstandig geworden eiland; stenen en mineralen; een kapperszaak; en boeken van Joyce, Melville, Celan, Hesse en Homerus, het grote voorbeeld van de verteller.

In het door Jan Eijkelboom vertaalde Omeros beschrijft Walcott het onspectaculaire leven op het eiland St. Lucia. Hij overlaadt het echter met zoveel symbolen en vergelijkingen dat het de allure van een twintigste-eeuwse allegorie krijgt. Personages zijn twee vissers, Hector en Achilles. Zij krijgen ruzie om een bloedmooie vrouw, Helena. Een Brits-Iers echtpaar dat op St. Lucia zijn levensavond slijt, slaat knarsetandend Helena's eigenwijze heupwiegen gade. Tenslotte is er een verteller die, na intellectuele omzwervingen door Amerika en Europa, gelouterd terugkeert op het eiland.

De gebeurtenissen worden steevast beschreven in drieregelige strofen. Wat er ook gebeurt in het verhaal, elke betekenis lijkt steeds ondergeschikt te zijn aan dat krachtige, kabbelende ritme. Dat dit ritme tijdens het voorlezen in Rotterdam verloren zou gaan was vooraf duidelijk, maar er kwamen gelukkig andere dingen voor in de plaats. In een samenzweerdige huiskameratmosfeer namen dertien acteurs, geregisseerd door Pieter Vrijman, ieder een gedeelte voor hun rekening. Joop Keesmaat beet de spits af. Hij schonk zichzelf thee in uit een thermoskan en begon op stoere zeemanswijze met de regel: "Zo hakken wij, bij een zonsopgang, die kano's om'. Een rasverteller. Indruk maakte de ernstige voordracht van Francis Wijsmuller, hoewel dit iets met het onderwerp te maken kan hebben. Want zij vertelde over de dood van Hector, die in dit gedicht niet zoals bij Homerus door Achilles wordt afgemaakt, maar gewoon veel te hard in zijn toeristentaxi rijdt en uit de bocht vliegt. Zeer charmant, op het sentimentele af, vond ik de vertelling van Ruurt de Maesschalck, maar ook dit kan met het onderwerp te maken hebben want hier betrof het de passage over de dood van de vrouwelijke helft van het Engels-Ierse import-echtpaar en de aandoenlijke rouw van de doorgaans zo steile ex-militair.

De grootste openbaring van deze estafette was echter dat iedere acteur op zo hoogstpersoonlijke wijze een gedeelte van het verhaal kon vertellen, zonder dat hierdoor de personages ongeloofwaardig werden.