Japan opent aanval op aardappel vanuit Venlo

VENLO, 18 JUNI. Zelfs staatssecretaris Van Rooy kon het niet nalaten: “We are ready for the cup noodle food!” riep zij gisteren uit bij de opening van de eerste Japanse voedingsmiddelenfabriek in Europa, Nissin Foods in Venlo. Vanuit deze fabriek, waarin 50 miljoen gulden is genvesteerd, moeten de instant-noodleproducten Cup Noodle en Top Ramen de Benelux, Duitsland, Hongarije en Scandinavië veroveren.

Werd in de cult-film "Tampopo' nog wat lacherig gedaan over het nationale gerecht "ramen' (zo leerden kostschoolmeisjes voor hun vertrek naar het beschaafde Europa noodles eten zonder te slurpen), bij de Japanners van Nissin kent het vertrouwen in de voortreffelijkheid van hun produkt geen grenzen. Voor Koki Ando, president van Nissin en zoon van de grondlegger, is het geslurp van de noodles-eters het mooiste geluid dat hij kent: “Ik hoor het steeds vaker in de rest van de wereld. Toen mijn vader mij vroeger vertelde dat hij de Amerikanen noodles wilde verkopen, kon ik hem niet geloven, maar inmiddels worden daar al anderhalf miljard porties per jaar verkocht. Dat is twee keer zoveel als tien jaar geleden. En bij u zal het ook zo gaan, de noodle zal de aardappel verdringen, daar ben ik zeker van.”

Om de zegetocht te voltooien van de deegsliertjes, die in de veertiende eeuw dank zij Marco Polo begon, heeft Nissin nu vijftien fabrieken in zeven landen gebouwd, die samen 4,2 miljard gulden omzetten. Nog deze eeuw wil het bedrijf in veertig landen noodles produceren. In Venlo telt Nissin veertig werknemers, eind dit jaar moeten dat er honderd zijn.

Waardoor denkt Nissin te kunnen slagen op de moeilijke Europese levensmiddelenmarkt? Directeur Ken Sasahara van Nissin Foods Nederland: “Het produkt zelf is ons belangrijkste wapen. Ons voedselconcept is uniek. Je koopt een beker Cup Noodles, doet er heet water bij en in drie minuten heb je een voortreffelijke maaltijd van laagcalorische waarde. Je kunt het overal eten, op elke plaats, op elke tijd van de dag. En dat voor iets meer dan twee gulden. Dat is nauwelijks meer dan je voor een kroket betaalt.”

Ook de marketing is gebaseerd op het grote vertrouwen in de smaak van het produkt. Voorlopig komen er geen commercials zoals in de VS, waar James Brown eerst een hap sliertjes neemt voordat hij "I feel good' inzet, maar krijgt het winkelende publiek de ramen bijna letterlijk met de paplepel ingegoten. “We willen de mensen in winkel laten proeven, met commercials kun je ze toch niet van de smaak overtuigen”, zegt directeur Sasahara. De smaak van de soorten ramen is via uitgebreide tests op de Europese papillen afgestemd en zal verder worden verfijnd, verzekert hij: “Waarom zouden we er in Duitsland niet een Sauerkraut- en in Nederland een erwtensoep-smaakje aan geven?”