De verborgen genoegens van Noord-Frankrijk

Reizigers naar het zuiden slaan Noord-Frankrijk meestal over. Na de Belgisch-Franse grens geven ze een extra dot gas om zo snel mogelijk bij Parijs te komen. Maar zij weten niet wat ze missen: het geboortehuis van Matisse, zachte "dauphin', veel oude en moderne kunst, en vismozaieken om van te smullen, onder andere.xp plat,tim55,9,12p3“ni,10

Adressen

Lille: Comite regional de tourisme Nord-Pas de Calais, 26 Place Rihour. Inl 09-3320574004.

Douai: Office du tourisme, 70, Place d'Armes. Inl 09-3327882679.

Le Cateau-Cambresis: Office du tourisme, Hotel de Ville. Inl 09-3327841315.

Valenciennes: Office du tourisme, 1 rue Askievre. Inl 09-3327462299.

Cambrai: Office du tourisme, 48 rue de Noyon. Inl 09-3327783615.

In Noord-Frankrijk is niets te beleven, je moet het zo snel mogelijk achter je laten. Dit misverstand is zo wijd verbreid dat liefhebbers van exquise restaurants op doorreis in Noord-Frankrijk meestal haastig genoegen nemen met nog net niet ontdooide sandwiches uit de diepvries, taaie stukken stokbrood en koffie uit de automaat in de winkels van benzinestations, terwijl zij al dromen van de pittoreske straatjes en musea honderden kilometers verderop. Ze hebben geen idee wat ze missen door Noord-Frankrijk over te slaan.

Aan de snelweg die door Belgie langs Brussel en Bergen loopt, ligt vlak over de Franse grens, bij Valenciennes, zo'n benzinestation waar de snelle toerist in plastic verpakte, zeer lang houdbare pain au chocolat koopt. Maar hij zou ook enkele kilometers verderop in een mooi gerestaureerd pand met binnenplaats en tuin kunnen pauzeren. In de Auberge du Bon Fermier (66, rue de Famars, tel. 27466825) in het centrum van Valenciennes, met zowel een restaurant (Vlaamse Carbonnade) als een cafe. Valenciennes _ op zichzelf geen mooie plaats _ heeft een groot museum met een keur aan grote meesters; van Caravaggio, Rafael en Tintoretto tot Rubens, Jeroen Bosch, Jan van Goyen, Fragonard en Watteau. De collectie is nu elders ondergebracht, omdat het museum binnenkort wordt gerenoveerd.

Een mooie kunstcollectie is ook te zien in het stadje Le Cateau- Cambresis, 31 kilometer naar het zuiden; een tochtje dat de gelegenheid biedt om te ontdekken dat dit Noordfranse landschap veel gevarieerder en veel minder kaal is dan het vanaf de autoroute vaak lijkt. In Le Cateau staat bij een schitterend park het achttiende-eeuwse paleis Fenelon, waar het Matisse Museum is gevestigd (behalve dinsdag dagelijks geopend van 10 tot 12 en van 14 tot 18 uur). Henri Matisse werd in 1869 in de woning van zijn grootouders in Le Cateau geboren. In 1952, twee jaar voor zijn dood, schonk hij zijn geboorteplaats een selectie uit zijn werk om een persoonlijk museum mee in te richten. Er zijn tekeningen, etsen, schilderijen, beelden en gouaches, uit de periode van Matisses studietijd tot aan het eind van zijn leven. “Een deel van het resultaat van een leven van werken dat mij door het lot is opgelegd”, zo karakteriseerde Matisse de verzameling.

Wie inmiddels honger heeft gekregen, kan gaan eten in Le Relais Fenelon (21, rue du Marechal Mortier, Le Cateau, tel. 27842580) een restaurant dat is gevestigd in een oud herenhuis met een schaduwrijke tuin en dat _ anders dan de roze tafellakens doen vermoeden _ schappelijke prijzen heeft (een menu voor 95 franc). Er worden Noordfranse specialiteiten geserveerd, zoals de dauphin, een zachte kruidenkaas. Het restaurant beschikt over drie gastenkamers (met bad 195 franc).

Al snel het dubbele wordt berekend voor een kamer in de buitenplaats Chateau de la Motte Fenelon, enkele tientallen kilometers verder, in Cambrai (Allee Saint Roch, tel. 27836138). Beroemd als oord van rust en goed eten, met menu's van gemiddeld 300 franc. Het museum van Cambrai wordt gerenoveerd en is tijdelijk gesloten.

Het is niet verstandig om daarom maar meteen door te reizen naar het zuiden. Even noordelijk, in Douai, is in een voormalig Karthuizer klooster een prachtig museum ondergebracht _ dat alleen is de reis al waard (Musee de la Chartreuse, 130, rue des Chartreux, Douai, behalve dinsdag alle dagen geopend van 10 tot 12 en van 14 tot 17 uur). Jan van Scorel, Jordaens, Ruysdael, Veronese, maar ook negentiende-eeuwers als Corot, Courbet, Jongkind (Gezicht op Overschie), Sisley en de latere Bonnard en Dufy hangen in de ingetogen sfeer van de kloosterruimten naast beeldhouwwerken van onder anderen Jean de Bologne en Rodin.

Douai, ooit een Vlaamse stad, is nog meer aandacht waard. Er zijn het Belfort, het stadhuis en de kerken. En wie behoefte aan verse vis krijgt, kan terecht bij restaurant Au Turbotin (9, rue de la Massue), dat een goede reputatie heeft met een heel goedkoop menu van 85 franc.

De weg naar het zuiden kan ook over Gent worden genomen, waarbij men vanaf Lille via de A1 richting Parijs gaat. Deze route heeft het voordeel dat er kort na het passeren van de Franse grens bij Villeneuve d'Ascq een afslag van de snelweg is naar Chateau-Cousinerie waar vlakbij, aan de rand van een groot park, het Museum voor Moderne Kunst ligt, met onder meer een unieke collectie uit het werk van de meeste bekende kunstenaars die in de eerste helft van deze eeuw in Frankrijk woonden (Musee d'Art Moderne, 1, Allee du Musee, Villeneuve d'Ascq, behalve dinsdag dagelijks geopend van 10 tot 18 uur). De kern van de collectie van dit museum bestaat uit 220 kunstwerken (schilderijen, tekeningen, grafiek en beeldhouwwerken) die zijn verzameld door Roger Dutilleul (1873-1956) en zijn neef Jean Masurel. De verzameling omvat werk van onder anderen Kandinsky, Picasso, Braque, Modigliani, Utrillo, Van Dongen, Miro en Derain. Hier hangen de schilderijen langs strakke witte wanden; in het appartement van Dutilleul in de Parijse Rue de Monceau stonden ze wegens gebrek aan muurruimte in rijen op de grond. Tot 19 juli is in het museum een tentoonstelling te zien met werken van dertig hedendaagse kunstenaars uit Frankrijk, Duitsland, de Verenigde Staten, Oostenrijk, Zwitserland, Italie en Engeland. Er is werk te zien van kunstenaars als Beuys, Pistoletto, Robert Barry en Wolfgang Laib.

Even verder langs de autoroute is de afslag naar het centrum van Lille. Wie die neemt, riskeert grote vertraging op weg naar het zuiden. Want het is onbegrijpelijk waarom Lille in de eerste plaats bekendstaat als industriestad. Het is een stad met een wonderlijke vermenging van Vlaamse en Franse architectuur, met een prachtige Vlaamse Renaissance Beurs (de binnenplaats vol met handelaren in tweedehands boeken en verse bloemen), een citadel, een oude binnenstad met veel antiekwinkels (Rue de la Monnaie) en het Musee de l'Hospice Comtesse. Het prachtige gasthuis, met een ziekenzaal uit de vijftiende eeuw en een kapel uit de zeventiende eeuw, heeft in de kloostervleugel een museumruimte met wanden vol Delfts-blauwe tegels en Vlaams meubilair. Tijdelijk hangen er ook schilderijen van Willem van Honthorst, Henri met de Bles, Jan van Goyen en Gerard ter Borgh. De schilderijen zijn afkomstig uit het Museum voor Schone Kunsten _ het belangrijkste museum van Frankrijk na het Louvre, dat ook al gesloten is wegens renovatie. Eind volgend jaar wordt het heropend, met alle grote namen uit de kunstgeschiedenis. Van Rubens tot Ruysdael, van Veronese tot Goya, en van Donatello tot Rodin.

Uit Lille moet je je niet te snel losmaken. Beter is het iets te gaan drinken op een van de terrassen aan de Grand Place. Daar is ook Le Furet du Nord _ de boekhandel die beweert de grootste van Frankrijk te zijn. De verleiding om te gaan eten is groot. Restaurants zijn er in overvloed, maar wie het traditionele Lille wil ontdekken gaat naar Le Bistrot de Pierrot (place de Bethune, tel. 20571409), die met een gemiddelde menuprijs van 160 franc niet duur is. Of naar Brasserie de la Paix (25, place Rihour, tel. 20547041), die de helft duurder maar met de houten betimmering van de laatste eeuwwisseling wel uitzonderlijk elegant is.

Er is een restaurant waar iedereen moet gaan kijken, ook degene die er geen warme oesters met champagne en sjalottenmousse wil eten. Dat is A l'Huitriere (3, rue des Chats Bossus) in de oude stad. De mooiste vis- en delicatessenwinkel annex restaurant die ik ooit gezien heb. Het is een Art Deco pand, zowel aan de buitenkant als van binnen versierd met prachtige mozaieken die de visliefhebber het water in de mond doen lopen.