Europese rente-estafette inmiddels gestart

AMSTERDAM, 16 JUNI. Profiterend en ter ondersteuning van de zwakke D-mark hebben diverse Europese centrale banken hun rentetarieven neerwaarts aangepast. Nadat de Ierse centrale bank twee weken geleden het voortouw nam, hebben inmiddels ook de Deense, de Franse en de Portugese centrale bank dit voorbeeld gevolgd.

De renteverlaging-estafette is derhalve weer gestart. Het estafette-stokje zal weldra de Bundesbank bereiken en het ziet er steeds meer naar uit dat zij het stokje zal overnemen. Nu een aantal Europese centrale banken met een renteverlaging ruimte voor de Bundesbank hebben gecreëerd, lijkt het slechts een kwestie van tijd te zijn voor de Bundesbank om actie te ondernemen. Te meer daar Issing, lid van het Bundesbank-directorium, de Duitse inflatiecijfers bagatelliseerde en benadrukte dat het hoge geldgroeicijfer van april (inmiddels neerwaarts aangepast tot 7 procent) van incidentele aard was. Het klimaat voor een renteverlaging is derhalve vrij mild geworden.

Zoals eerder in deze rubriek is vastgesteld, speelt het rentebeleid van DNB in het Europese rentebeleid een belangrijke rol. Een Duitse renteverlaging kan namelijk naar voren worden gehaald als DNB eerst de rente verlaagt. Daarmee wordt de positie van de gulden immers verzwakt, ofwel de positie van de D-mark in het EMS versterkt. Gelet op de ontwikkeling van de gulden/D-markkoers heeft DNB in beginsel alle ruimte voor een onafhankelijke rentestap. Met een koers van rond de 1,1215 gulden, noteert de D-mark ruim onder de spilkoers van 1,1267. Ondanks de aanhoudende kracht van de gulden hield DNB maandag het beleningstarief stabiel op 7,0 procent. Uit tactische overwegingen heeft DNB de looptijd van de nieuwe belening op drie dagen gesteld. Dit impliceert dat donderdagmiddag, vlak na de reguliere tweewekelijkse vergadering van de Bundesbankrat, de tariefstelling van de nieuwe belening moet worden vastgesteld. Overigens zou DNB, onafhankelijk van een eventuele rentestap door de Bundesbank, het beleningstarief met 0,1 procentpunt kunnen verlagen. De hoogte van de voorschotrente (6,75 procent), die fungeert als bodem voor het beleningstarief, is geen beletsel. De ontwikkeling van de geldmarkttarieven laat zien dat de marktpartijen vertrouwen hebben in een verlaging van de beleningsrente. Vanmorgen moest voor eenmaands interbancaire deposito's 6,9 procent worden betaald, tegen 7,0 procent een week geleden. Of de Bundesbank reeds morgen de monetaire teugels laat vieren, blijft een open vraag. Enerzijds kan de kans klein worden geacht, omdat vanmorgen het zogenaamde Repo-tarief (vergelijkbaar met het Nederlandse beleningstarief) ongewijzigd op 7,6 procent werd gehouden. Anderzijds zou uit technische overwegingen een verlaging van alleen het Lombardtarief (het plafond van de geldmarktrente) kunnen worden doorgevoerd. Met zo'n verlaging zou de Bundesbank voorsorteren op een discontoverlaging, terwijl daarmee ook de Europese partners een positief signaal wordt gegeven.

Bron: Economisch Bureau ING Bank