MOSHOOD ABIOLA; Miljonair als premier

Bij zijn geboorte op 24 augustus 1937 gaven Abiola's ouders hem de bijnaam Kashimawa, wat zich laat vertalen als "laten we zien of deze blijft leven'. Abiola was het 23ste kind van zijn vader, alle andere 22 waren voor hun vierde maand overleden. Abiola groeide op in diepe armoede en werkte zich daarna op tot multimiljonair. “Ik zag armoede, ik vocht tegen armoede en won de strijd tegen armoede. Er bestaat armoede in Nigeria en samen met de Nigerianen zal ik de strijd tegen armoede leiden”, hield hij de bevolking tijdens zijn verkiezingscampagnes voor.

In zijn succesvolle zakenleven opereert Abiola als een keiharde kapitalist, hoewel hij zich een sociaal-democraat voelt. Hij ontwikkelde zich als verkoper van brandhout tot eigenaar van kranten, een luchtvaartmaatschappij, boerderijen, banken en een oliemaatschappij. Ruim zevenduizend arbeiders werken in dit privérijk van Abiola.

Zijn goede naam verdiende hij met filantropische activiteiten, door het steunen van onderwijs- en sociale projecten. Hij voert de in Nigeria begonnen internationale campagne aan voor schadevergoeding door het Westen wegens leed aangedaan aan zwarten tijdens de slavenhandel.

Zijn slechte naam kreeg hij door wijdverspreide beschuldigingen van corruptie. In 1968 ging hij in Nigeria werken bij het Amerikaanse Internationale Telefoon- en Telegraafbedrijf (ITT) om in 1971 ITT-vicedirecteur voor Afrika en het Midden Oosten te worden. Volgens publikaties, onder meer in de Washington Post, zou hij miljoenen dollars aan talrijke regeringsfunctionarissen hebben gegeven om overheidscontracten in de wacht te slepen voor ITT. Vanwege deze corrupte praktijken componeerde de Nigeriaanse musicus Fela Ransone-Kuti het lied ITT, International Thief Thief. Zijn tegenstanders verwijten hem niet alleen grootschalige corruptie maar tevens dat ondanks de overheidscontracten voor de ITT Nigeria's telefoonlijnen tot de slechtste van Afrika behoren.

Howel hij wegens zijn zakenbelangen altijd goede politieke contacten onderhield met politici, bekleedde hij nooit een politieke functie. Hij was geldschieter tijdens het burgerregime van president Shagari (1979-83) van de conservatieve regeringspartij, de Nationale Partij van Nigeria (NPN). Met de huidige militaire president Babangida onderhoudt hij vriendschappelijke relaties. Toen Babangida, woedend over een kritisch artikel in een van Abiola's publikaties de krant sloot, ontsloeg Abiola de hoofdredacteur van het betreffende dagblad, waarna de president de maatregel introk.

Abiola voerde zijn campagne onder de leuze Hoop '93. Hij beloofde de armoede uit te bannen en de trots van de Nigerianen te herstellen. Abiola werd door de Sociaal Democratische Partij (SDP) aangewezen als presidentskandidaat en hij moest zich dus van zijn linkse kant laten zien. Vermoedelijk zijn deze verkiezingsbeloftes slechts loze kreten. Abiola zal de nadruk leggen op "big business' en het land als een groot bedrijf proberen te besturen. Daar liggen immers zijn talenten. Buitenlandse waarnemers menen dat de SDP hem zal beletten sterke bezuiningsprogramma's zoals gewenst door het Internationale Monetaire Fonds door te voeren.

Abiola is een Yoruba uit het zuidwesten. Nog nooit eerder was een zuiderling een democratisch gekozen president van Nigeria. Abiola is echter, in tegenstelling tot de meeste zuiderlingen, wel een moslim. Waarmee de islamitische bevolking van het noorden zich toch misschien in Nigeria's nieuwe president kan vinden.

    • Koert Lindijer