'Kasparov krijgt nooit wat voor elkaar van waarde'; "Alles wat hij de afgelopen jaren ondernam was impromptu'

WENEN, 15 JUNI. Twee venijnige prikken over en weer zorgden er de afgelopen dagen voor dat het steekspel tussen de wereldschaakbond FIDE en de muitende Professional Chess Association van Garri Kasparov en diens uitdager Nigel Short danig opleefde. Zaterdag verzond de FIDE het bevrijdende bericht dat de match om het wereldkampioenschap tussen Anatoli Karpov en Jan Timman met een prijzenfonds van 4 miljoen Zwitserse francs onderdak was gebracht in Nederland en het sultanaat Oman.

Met geen woord repte de verklaring over de rivaliserende match van Kasparov en Short in Londen. Wel werd in bombastische taal gesproken van “een nieuw hoogtepunt in de rijke historie en stralende toekomst van de FIDE”. De tegenzet van de PCA liet niet lang op zich wachten. Gisteren werd bekend dat Kasparov in Groningen steun had gevonden om een eigen kwalificatietoernooi te organiseren dat, geholpen door een vette prijzenpot, moet gaan concurreren met de wereldkampioenschapscyclus van de FIDE. Anatoli Karpov vernam het nieuws in Wenen en reageerde voor zijn doen luchtig en laconiek op de riposte van Kasparov. “Ik denk nog steeds niet dat er een lange toekomst voor ze in het verschiet ligt. Kasparov krijgt nooit wat voor elkaar dat blijvende waarde heeft. Alles wat hij de afgelopen jaren ondernam was impromptu of à l'improviste.” Het klinkt venijnig maar de ex-wereldkampioen spreekt het met een bijna verveeld automatisme uit.

Karpovs gelatenheid contrasteert fel met de onomwonden verontwaardiging van Jan Timman in diens eerste reactie. Ook hij laat weten dat hij de PCA nog steeds wenst te zien als een “eendagsvlieg”, maar tegelijkertijd voelt hij zich danig beledigd door Kasparovs en Shorts hardnekkige pogingen om hun tent op te zetten in zijn achtertuin. Voordat ze bij Groningen aanklopten zochten de PCA-kopstukken eerst toenadering tot de toernooi-organisatoren van Tilburg en Wijk aan Zee. Timman concludeert bits: “Ik kan dit alleen maar zien als een poging om mij een hak te zetten.” Karpov wil zich niet al te druk maken over de nieuwste ontwikkelingen. Zijn verontwaardiging over de chaos die Kasparov en Short met hun afscheiding teweegbrachten, lijkt goeddeels geweken. “Ik heb de knop al weer een tijdje omgedraaid. Ik heb nu andere dingen te doen.” Zoals het bijwonen van een omvangrijk randprogramma tijdens de mensenrechtenconferentie van de Verenigde Naties in zijn hoedanigheid van president van de Internationale Associatie van Vredesstichtingen, een niet-regeringsgebonden organisatie die zetelt in Moskou.

Met groot genoegen stort de workaholic Karpov de uren van zijn agenda in de Oostenrijkse hoofdstad vol. Na een dagje vergaderen en drie uur in het fitnessgedeelte van het hotel wil hij tijdens een verlaat diner ook nog wel over schaken praten. Maar, zoals gezegd, de woorden zijn afgewogen en de toon bedaard. Alleen de naam Kasparov werkt nog steeds als een vuurrode lap. “Waar ik wel zeer verbaasd over ben is het gedrag van Kasparov. Samen met Short heeft hij actief geprobeerd om onze match te torpederen.”

Aanvankelijk hadden Karpov en Timman zeer goede hoop dat Griekenland hun match wilde organiseren. Uiteindelijk konden hun contacten niet een de helft van de tweekamp voor hun rekening nemen. “Het handelen van Kasparov en Short was moreel en sociaal volstrekt onaanvaardbaar. We zoeken nu naar harde bewijzen, maar dan zullen ze er ook gekleurd opstaan.” Juridische stappen sluit Karpov niet uit maar die lijken hem de zorg van de FIDE.

Bij verder vragen blijkt de grootste boosdoener in dit geval echter Short te zijn, die getrouwd is met een Griekse en gebruik gemaakt zou hebben van zijn connecties in Athene om de match te verhinderen. Volgens Karpov maakte de engelsman handig gebruik van het Griekse corruptieschandaal dat eind maart losbarstte. “Men vertelde mij dat Short in naam van de The Times, die zijn match met Kasparov sponsort, verklaard zou hebben dat The Times de wereld wel het fijne zou laten weten van het corruptieschandaal als Griekenland de match zou organiseren.”

Na deze aanteiging keert Karpov ontspannen keuvelend zonder veel moeite terug naar rustigere bespiegelingen. “Ach, eigenlijk is het ook wel goed dat we twee matches hebben met zo'n hoog prijzengeld.” Dat lijkt in niets op zijn onversneden woede een maand geleden over het verziekte sponsorklimaat, wanneer er twee schaakbonden zouden zijn. Eigenlijk wil hij zich ook in de eerste plaats eens rustig gaan voorbereiden op zijn match tegen Timman. “Ik heb net negen toernooien achter elkaar gespeeld, het laatste eind mei. Net als bij eerdere matches heb ik nu een speelvrije periode van drie maanden.”

De oud-wereldkampioen zal zich grondig voorbereiden en zeker niet het ongeremde optimisme delen van de mensen die met Timmans debâcle in Kuala Lumpur in het achterhoofd een gemakkelijke overwinning voorzien. “Normaal gesproken geldt dat als het belang van een match groter is de score niet zo hoog uitvalt.”

Zal hij zich net zo grondig voorbereiden als voor zijn match tegen Kasparov? Even aarzelt hij, voordat hij aankondigt: “Ja natuurlijk. Mijn team zal misschien iets kleiner zijn omdat ik geen problemen met Timman verwacht. Ik zou geen apart delegatiehoofd nodig hebben. Met Kasparov was de kans op schandalen wel erg voor de hand liggend. Tegen Jan ben ik gewend om normaal te schaken. Dat hebben we altijd gedaan, zodat de beste kon winnen.”