Handel à la Balladur

GELEIDELIJK WORDT DUIDELIJK wat Edouard Balladur bedoelde toen hij verklaarde dat de handelsvraagstukken in de wereld slechts met een globale aanpak konden worden opgelost. Gisteren heeft de Franse premier aan de vooravond van een reis naar Washington daarover meer inzicht verschaft. Balladur wil vier dingen tegelijk bereiken: Frankrijk uit zijn isolement verlossen waarin het door zijn stugge landbouwpolitiek verzeild is geraakt, door het stigmatiseren van een gemeenschappelijke vijand een handelsoorlog met de Amerikanen vermijden, de goedkope import uit Azië (en Oost-Europa) weren en de markten in datzelfde Azië en Latijns Amerika openen voor Europese produkten. Het is een vernuftige combinatie die Frans rechts voor de tijd van een regeerperiode aan een politiek platform in eigen land kan helpen.

De plannen van Balladur zoeken aansluiting bij de nieuwste mode in het handelsoverleg: in Amerika bekend als "fair trade', waarmee een vette streep wordt getrokken onder het beginsel van vrijhandel. Landen, dan wel groepen van landen als de Europese Gemeenschap, laten de internationale arbeidsverdeling niet aan de markt over, maar treden met elkaar in onderhandeling om de voordelen èn de pijn van onderlinge handel "fair' te verdelen. Van dwarsliggers kunnen de produkten worden geweerd.

Nu Europa, en Frankrijk niet in de laatste plaats, door een golf van mogelijk structurele werkloosheid wordt geteisterd, biedt de norm van "fair trade' de instrumenten om de concurrentie dwars te zitten en toch te loochenen dat er protectie wordt bedreven. Daarbij is het onvermijdelijk dat de concurrentie in de morele verdomhoek wordt geplaatst: zij pleegt immers geen "faire' competitie, ofwel zij doet aan "sociale dumping'. Balladurs socialistische voorgangster Edith Cresson had al eens gezegd dat de Fransen hun verkorte werkweek en hun verlengde vakantie toch niet konden opgeven in hun strijd om de markt met Aziatische “mieren”. Die uitspraak staat inmiddels als motto boven Frankrijks handelsbeleid dat bovendien ter acceptatie aan de partners wordt aangeboden.

EEN LANG verwaarloosd maar interessant deel van de wereld is bezig zich een vaste en gerechtvaardigde plaats op de wereldmarkt te verwerven. Dat heeft ingrijpende gevolgen, al was het maar omdat de economische ontwikkeling zich er in een "primitievere' fase bevindt dan in de gevestigde industrielanden. Maar dat wijst niet op normloosheid of kwade trouw. Zomin als de maatschappelijke sclerose in Europa voorzien en bedoeld is.

De concurrentie uit de lage-lonenlanden kan het Westen helpen de eigen kwalen met vindingrijkheid te overwinnen, zij het dat het elastische Amerika betere kansen heeft dan het verstarde Europa. Wat Balladur voorstelt, zou betekenen dat de verkalking in de rijke landen voortwoekert en de nieuwkomers allesbehalve "fair' van verdere ontplooiing worden afgehouden.