Proceslust

Litigious, noemen de Amerikanen het. We have become a very litigious society, merkt David Letterman bijvoorbeeld op. Het Nederlands kent litigieus, maar dat is betwist, omstreden, terwijl het Amerikaanse woord meer de drang uitdrukt om over ieder wissewasje een rechtzaak te willen beginnen. Litigeerzuchtig zou je kunnen zeggen, of proceslustig.

Letterman was op weg naar een komisch nummer, toen hij dat zei.

Vanwege die litigiousness wordt je in Amerika voortdurend gewaarschuwd. Eenvoudige dingen worden daardoor ingewikkeld en ingewikkelde dingen onmogelijk. Wie een tarief van een luchtvaartmaatschappij wil weten moet een paar uur geduld hebben (tot de quote-desk een gegarandeerd procedure-bestendig antwoord heeft berekend) en wie wil skidiven (vrije val parachute springen) krijgt van de vliegclub een contract voorgelegd dat voor elke seconde zweeftijd een uur leestijd vergt.

Eerst las Letterman een paar bestaande waarschuwingen op die Amerikaanse fabrikanten op hun produkten zetten, en toen begon hij volgens klassiek satirisch procédé te overdrijven. Maar de requisietenafdeling had zijn best gedaan, zodat ook de fakes er heel echt uitzagen. Een potje Silly Putty: WARNING, silliness of putty may vary. Een kaartje voor de Mets (die het slecht doen dit seizoen): WAARSCHUWING, kan sufheid veroorzaken.

Op het Instituut vertelde een grad student hoe door de litigiousness de lol van dingen kan afgaan. Voor trouwende vrienden had hij een gedicht geschreven, dat hij ze mooi ingelijst wilde aanbieden. Een lijstenmaker kon hij niet betalen, maar je had van die zaken waar je het tegen een kleine meerprijs onder begeleiding zelf kon doen. Had, inderdaad, want toen hij er aankwam werd hem uitgelegd dat ze de selfservice hadden moeten staken: te veel lawsuits. Van mensen die op hun duim geslagen hadden. Enigzins gegeneerd had hij het gedicht maar lijstloos aangeboden.

Het moet gigantisch zijn, wat deze collectieve gekte dit land kost. En alleen de advocaten, die om het geld vechten, en de artsen, die het meestal opstrijken, worden er beter van.

En toch is het besmettelijk.

Ik logeerde in het Chelsea-hotel. Sinds Jan Cremer daar met de sporen van zijn Texas-laarzen over de meubels reed is er weinig aandacht meer aan de inrichting besteed, ook niet aan de kamer waar, te oordelen aan de op het toestel geplakte telefoonnummers, Henk Hofland geregeld verblijft. De deur had zich met zichtbare tegenzin van slot zoveel laten voorzien, maar sluiten was er niet echt meer bij. Er scharrelden een film-, een foto- en twee televisieploegen door het gebouw, omringd door meelopende toekijkers dan wel toekijkende meelopers, en de lobby was één trefpunt van Weltschmerz-achtige neo-punks die niet kwamen of gingen.

De middag van mijn tweede dag kwam ik terug op mijn kamer en kon mijn portefeuille nergens vinden. Na bijna een uur zoeken wist ik het zeker: uit m'n kamer verdwenen. Of? Nee geen geaarzel nu, sprak ik mezelf toe, dat verzwakt je zaak.

De manager reageerde alsof het Chelsea zojuist zijn maagdelijkheid verloren had, maar een vaste resident die voorbij kwam tipte me achteloos dat ik meteen een nieuw slot op de deur moest vragen, want sommige van die dieven kwamen nog terug ook. Zie je wel! Er werd gebeld met de directie, de bellhop haalde m'n andere kostbaarheden en stopte ze in de kluis, en de concierge ging op een nieuw slot uit.

Ga, ga, wij regelen alles, zei mr. Singh de manager, toen ik een afspraak wilde afbellen. Hier, je boodschappen.

Na een paar minuten in de taxi haalde ik het lijstje uit m'n zak en keek eens goed.

Als je hulp nodig hebt, bel K.

Heb het gehoord, wacht wel op je in H., B.

Als H. niet thuis is, probeer W. & A.

En de laatste: Northwest Minneapolis: found wallet. Credit cards, passport, license and cash. Call... Natuurlijk, die balie.

Mijn getob de rest van de avond, over hoe ik Mr. Singh weer onder ogen kon komen, bleek nergens voor nodig. Mr. Singh begreep alles.

Natuurlijk, knikte hij, en om een procedure te voorkomen hadden ze die portefeuille waarschijnlijk wel vergoed. Die nacht belde hij me drie keer wakker om te vertellen hoe mijn portefeuilles reis naar New York vorderde. En, vroeg hij de volgende ochtend, beleefd als altijd, heeft u goed geslapen?