Oorlog Bosnië in nieuwe fase

Het incident bij Vitez, waar gisteren Britse VN-soldaten, ingezet ter bescherming van een hulpkonvooi, drie Kroatische aanvallers doodschoten, brengt de oorlog in Bosnië in een nieuwe fase, daarvoor staan de omvang en de ernst van het incident borg. De kwetsbaarheid van de blauwhelmen is door de schietpartij immers aanzienlijk vergroot.

Het incident is niet het eerste waarbij doden vallen als gevolg van ingrijpen door blauwhelmen. Een woordvoerder van de VN in Sarajevo zei gisteren niettemin dat militairen van de VN-troepenmacht UNPROFOR “bij vele gelegenheden” waarbij ze werden aangevallen, het vuur hebben beantwoord, maar dat voor het eerst is bevestigd dat daarbij doden zijn gevallen.

De Kroaten in Vitez wisten dat het konvooi met voedsel en medicamenten door de Britse VN-soldaten in hun Warrior pantserwagens werd beschermd; de leiders van het Kroatische leger (HVO) hadden in Gornji Vakuf een schriftelijke veiligheidsgarantie afgegeven. Toch openden de Kroaten bij Vitez de aanval - en niet voor het eerst tijdens de reis van dit konvooi, want bij Novi Travnik waren enkele uren eerder zeven of acht moslim-chauffeurs uit hun cabines gehaald en doodgeschoten, zonder dat de Britten dat konden voorkomen. Bij Vitez liep het anders: ze schoten terug en ze schoten raak.

Tot dusverre zijn de blauwhelmen in Bosnië door de drie strijdende partijen op grote schaal voor hun eigen doeleinden misbruikt. Het werken is hun in talloze gevallen onmogelijk gemaakt. Ze zijn beschoten, beroofd, gegijzeld, genegeerd, bespot. Nu ze voor het eerst daadwerkelijk hebben teruggeschoten, komt de weg open te liggen die heel Bosnië in de loop van de afgelopen vijtien maanden in een bloedbad heeft veranderd: de weg van de wraak en de escalatie.

Drie dode Kroaten in Vitez stellen de VN-troepen, in eerste instantie de Britten, maar ook die uit andere landen, bloot aan hinderlagen waarin ze zuiver uit wraak gericht onder vuur worden genomen. Dat kan al op zeer korte termijn het eind inluiden van de formele onpartijdigheid die ze in het driepartijenconflict op de Balkan steeds hebben ingenomen: ze kunnen de facto partij in het conflict worden.

De internationale gemeenschap mag dan nog steeds delibereren over militair ingrijpen, daarvan trekt de oorlog zich niets aan. Kroaten vallen Britten aan, Britten schieten terug, en met onmiddellijke ingang kan geen UNPROFOR-soldaat zich meer veilig voelen. De diplomatie produceert verklaringen, de oorlog voldongen feiten.