SHV-topman stelt ondernemers gewetensvragen

HAARLEM, 11 JUNI. Een moment van bevreemding was er gisteren in het Concergebouw in Haarlem, toen Paul Fentener van Vlissingen, directievoorzitter van de grootste Nederlandse familie-onderneming SHV, het gedicht "Constante' van Gerrit Achterberg voordroeg voor honderden ondernemers op het 210e jaarcongres van de Nederlandsche Maatschappij voor Nijverheid en Handel. Maar spoedig kreeg Van Vlissingen bijval met "de uitdaging van de 21e eeuw waarin verandering de enige constante is'. De Nederlandse ondernemers hadden hun "denktank' gevonden.

Ruim twee eeuwen geleden kwamen in Haarlem industriëlen bijeen met het doel de economie te vernieuwen als "Oeconomische Tak van de Hollandsche Maatschappye der Weetenschappen'. Aanvankelijk zochten de ondernemers mogelijkheden om vindingen uit de wetenschap toe te passen in het bedrijfsleven. Na de Franse Tijd liet het tot Nederlandsche Maatschappij voor Nijverheid en Handel omgedoopte genootschap de stem horen op het gebied van sociale wetgeving en onderwijs. In de twintigste eeuw was de Maatschappij een drijvende kracht achter uiteenlopende instellingen als het Koninklijk Instituut voor de Tropen, de Koninklijke Nederlandse Jaarbeurs, Nijenrode, Teleac en de Industriële Raad voor de Oceanologie. De Maatschappij wil dat haar 43 departementen ideeën genereren, maar zodra deze leiden tot organisaties trekt de Maatschappij zich terug om iets nieuws te entameren.

Dank zij haar reputatie kan de Maatschappij sprekers van formaat contracteren. Zo traden gisteren minister Andriessen en VNO-voorzitter Rinnooy Kan op. Andriessen, die met zijn verwijzingen naar zijn verleden als voorzitter van de raad van bestuur van Koninklijke Van Leer gevoelige ondernemerssnaren weet te beroeren, kon echter niet op het applaus rekenen dat Fentener van Vlissingen ten deel viel.

De SHV-topman bezit waar veel ondernemers van dromen: de status van een telg uit de negende generatie van grootindustriëlen, de onafhankelijkheid van een grootaandeelhouder-directeur en het succes van leider van een sterk groeiende multinational met vorig jaar een half miljard gulden winst. Hij combineert deze voorsprong met de eruditie van iemand die vrijwel dagelijks discussieert met ministers, grootindustriëlen en kunstenaars uit de hele wereld en zich desondanks kwetsbaar en dienstbaar weet op te stellen.

Hij waarschuwde zijn gehoor dat niets zo gevaarlijk is als succes. “Wat gebeurt er met IBM die zestig jaar zestig procent van de computermarkt in handen heeft gehad? Waarom is General Motors uit zijn versnelling geschoten? Zij hebben geen antwoorden op de veranderende samenleving.” Ondernemers moeten volgens hem investeren in verandering en het management moet de hang van werknemers naar zekerheid tegengaan.

“De waarde van een bedrijf wordt in toenemende mate bepaald door de werknemers. Je kunt je afvragen of een balans niet een slechte weergave is van de bezittingen van een bedrijf. Neem Hoogovens: allemaal actief. Maar ik ken iemand in Amerika die met een goedkoper produktieproces in één klap Bethlehem Steel en US Steel in problemen heeft gebracht.” De verwijzing naar Hoogovens leverde Van Vlissingen in de pauze een kleine reprimande op. Zoiets doet men bij de Maatschappij niet in het openbaar.

Wel bespreken de leden samen ethische kwesties. Bij voorbeeld of een ondernemer, om in Nederland werkgelegenheid te redden, in een land mag investeren dat de mensenrechten schendt. Minister Andriessen en Crown van Gelder-directeur Veth zouden de investering afwijzen, terwijl Joh. Enschedé-directeur Tensen het werknemersbelang zou laten prevaleren. Andriessen zou wel een bestaande vestiging openhouden. “Bij Van Leer hebben we altijd in Zuid-Afrika gezeten, maar ik wilde niet naar Chili.”

Van Vlissingen stootte zijn Zuidafrikaanse vestigingen wel af, zij het onder druk van actiegroepen en verzekeringspremies. Nu staat Zuid-Afrika inmiddels weer op de lijst van landen die in aanmerking kunnen komen voor een vestiging van SHV, zo verklaarde de SHV-topman desgevraagd na afloop van het congres.

Van Vlissingen toonde moeite te hebben met ethische vraagstukken voor zijn buitenlandse vestigingen. De SHV-topman noemde als voorbeeld Maleisië dat van SHV eist sommige bevolkingsgroepen te discrimineren bij sollicitatie. “Ik ben daar mee akkoord gegaan toen de minister mij verzekerde dat het enige alternatief een Noordierse oplossing is.”

Andriessen vindt dat je de Nederlandse gedragscode niet moet exporteren: “Je moet je in Nigeria gedragen als de beste Nigeriaanse staatsburger.” Van Vlissingen blies echter investeringen in "een Zuideuropees land' (naar verluidt Griekenland) af, omdat die alleen doorgang konden vinden wanneer hij 50.000 dollar in een partijkas zou storten. Hij ontmoet hiervoor binnen SHV kritiek. “De locale directie heeft spijt, omdat er nu een concurrent zit. Zij meent dat ik mijn Noordeuropese normen niet aan hen mag opleggen,” aldus Van Vlissingen. In zijn betoog over "de eeuw van de afbraak van het idealisme' klonk bezorgdheid of in de toekomst dit soort beslissingen niet anders zal uitvallen. Ook in de ethiek is tenslotte de enige constante de verandering.

Een doelgehouden immerheid

zijt gij mij tegenwoordig,

los van verleden tijd;

geen heden onderhorig;

geen toekomst toegewijd;

naar leven evenboortig

en tegelijkertijd

ten dode gelijksoortig.(GERRIT ACHTERBERG)

    • WABE van ENK