Feria

Een week lang is er feria, feest, in Granada, de week waarin de dag van Corpus Christi valt. Dit jaar is dat op 10 juni. De katholieke kerk herdenkt op die dag dat het brood en de wijn, die de priester tijdens de mis eet en drinkt, in het lichaam en het bloed van Christus veranderen. Maar de meeste mensen denken daar niet zo bij na. Ze gaan die week gewoon naar de feria.

Wat je daar het eerst ziet, is een enorme poort die gemaakt lijkt van duizenden gekleurde lampjes. Daar loop je onderdoor, en dan kom je op een brede weg. Aan weerskanten zijn kraampjes waar alle soorten snoep en eten te koop zijn. Maar dat is het minst belangrijke gedeelte. Al gauw zie je een grote groene circustent. Daarin wordt elke twee uur, dag en nacht, een circusvoorstelling gegeven. Aan de andere kant van de weg zijn een paar barakken gebouwd waar allerlei artiesten in optreden. Komieken en striptease-danseressen en wat niet al. Als je voorbij de circustent loopt, kom je op een kermis terecht zo groot als je in Nederland nog nooit hebt gezien. Met een reuzerad, roetsjbanen, heel veel draaimolens, een octopus en een spooktent. De muziek is er oorverdovend.

Maar dat alles is nog maar de helft van de feria. Loop je die weg na de verlichte poort verder, dan kom je terecht bij iets dat nog het meest op een eet-drink-en-dans-dorp lijkt. Daar zijn de casetas - tenthuisjes - opgezet van alle clubs en verenigingen van de stad. En van banken en bedrijven, van de gemeente en van de politieke partijen. Het is er dag en nacht feest. Overal draaien haantjes aan het spit om te worden gebraden, worden tonnen bier naar binnen gerold en flessen wijn ontkurkt. Lekkernijen als gebakken bloedworst, geroosterde paprika's, tomaten met olijven staan er uitgestald. Broden als wagenwielen worden in stukken gesneden. En op de dansvloer wordt gedanst.

Kleine meisjes van twee of drie jaar, in snoeperige flamencojurken, dikke oude vrouwen, ook in snoeperige flamencojurken, meisjes in spijkerbroeken en minirokjes, allemaal dansen ze. Sevillana's natuurlijk, de meest populaire dans in Andalusië. En mannen en jongens dansen er ook (maar veel minder), sommigen in paardrijkostuum, met leren beenkappen en platte grijze hoeden. Want wie een paard heeft, gaat te paard naar de kermis. En achter de ruiter zit zijn vrouw of vriendin, haar wijde rokken met duizend stroken uitgespreid tot over de gevlochten staart van het paard.

In een dorp dichtbij Cordoba dat Venezuela heet, wordt de dag van Corpus Christi heel anders gevierd. Daar wordt die dag een processie gehouden en de nacht ervoor worden de straten versierd. Van wel acht kilometer straat wordt de hele grond belegd met zaagsel, dat in heel mooie kleuren is geverfd. De figuren die ze daarmee maken zijn schitterend en worden ontworpen door kinderen van de lagere school. Om acht uur 's morgens begint de processie en van de mooie versiering is daarna niets meer over.

    • Els Pelgrom