De lijdensweg van het konvooi van de hoop

GORNJI VAKUF, 11 JUNI. Dagenlang, vertelt Smiljan Djulabic, heeft het konvooi voor Tuzla te kampen gehad met diefstal, tegenwerking en intimidaties. Gistermiddag is het dan misgelopen. Bij Novi Travnik schoten Kroaten acht, tien, misschien wel veertien chauffeurs dood, terwijl vrouwen met hooivorken op de slachtoffers inhakten.

Djulabic' konvooi was geen gewoon konvooi. Grote delen van Bosnië-Herzegovina zijn afhankelijk van voedselhulp van buitenaf. Nu de wegen in het verscheurde land beheerst worden door plaatselijke bandieten en ongeregelde soldaten die geen enkel bevel meer opvolgen, wordt het steeds moeilijker voedsel aan te voeren. Kroaten en soms ook moslims kapen regelmatig elkaars voedselkonvooien. Op dit moment houdt het Kroatische HVO een Merhemmed-voedselkonvooi vast, terwijl het door moslims gedomineerde BiH-leger hetzelfde doet met een voor Kroaten bestemd Charitas-konvooi.

De voedselvoorraden in Tuzla zijn de afgelopen weken zo dramatisch geslonken, dat inwoners van de stad besloten een uniek konvooi te organiseren. Tuzla is een van de laatste steden in Bosnië waar moslims, Kroaten en Serviërs nog relatief vreedzaam samenleven.

De belangstelling voor deelname aan de voedselactie is dan ook groot: een kolonne van 450 vrachtwagens en bussen en 50 personenauto's vertrekt donderdag om half vijf uit Gornji Vakuf naar het noorden, met de bedoeling langs Travnik naar Tuzla te reizen. In de voertuigen zitten elhonderd mensen, voornamelijk moslims maar ook tientallen Kroaten en enkele Serviërs. “Welkom in Gornji Vakuf” staat er op een bord, maar alle woningen langs de weg zijn uitgebrand of verwoest of zwaar beschadigd

Bij het vertrek krijgt het konvooi bescherming van Britse VN-soldaten. Maar de stoet is te lang om die werkelijk te beschermen.

“De inwoners van Tuzla vormen het beste voorbeeld dat het mogelijk is samen te leven”, zegt Smiljan Djulabic, zelf Kroaat. Het is een belangrijk motief van zijn initiatief, want om die etnische vrede te laten voortbestaan “zijn dit soort konvooien absolute noodzaak”.

Maar de weg naar Tuzla zit vol hindernissen. Het heeft het konvooi al negen dagen gekost om de eerste honderd kilometer vanaf Split af te leggen. In Tomislavgrad wordt het opgehouden door het Kroatische leger, het HVO, eerst met het argument dat “de papieren” niet in orde zijn, later “omdat wij niet wensen mee te werken aan de bevoorrading van het moslimleger”. Djulabic ontkent niet dat een deel van de hulp ook voor soldaten bestemd is. “Maar het volk en het leger zijn één”, zegt hij. Zelf is hij trouwens plaatsvervangend commandant van het Kroatische HVO in Tuzla. “In onze stad vormen we een eenheid”. Na lange onderhandelingen mag het inmiddels in tweeën gesplitste Tuzla-konvooi uiteindelijk verder. In Prozor gaat het weer mis. Kroatische politiemannen onder leiding van de commandant van de militaire politie in eigen persoon stelen twintig tankauto's en 39 personenauto's. Op bevel van de regionale HVO-commandant geven de dieven uiteindelijk 17 tankwagens en een aantal personenauto's terug.

Met het oog op die problemen is in Gornji Vakuf onderhandeld over een vrijgeleide door oorlogsgebied. Terwijl de voertuigen onder bescherming van UNPROFOR stilhouden, steelt een Kroatische bende vijf ambulances en medicijnen ter waarde van 50.000 gulden. Een aantal chauffeurs vlucht uit angst de bossen in en keert pas later terug. UNPROFOR-soldaten weten verdere diefstal te verhinderen maar hebben moeite de orde te bewaren in de chaos. Een mandaat verhindert hen bovendien daadwerkelijk in te grijpen. Donderdagmiddag om half vier melden vertegenwoordigers van UNPROFOR en EG-waarnemers dat alle checkpoints hun medewerking zullen verlenen. Onder de chauffeurs ontstaat een hevige en emotionele discussie over de betrouwbaarheid van de gegeven garanties.

Als het konvooi vertrekt, wordt het uitgewuifd door honderden inwoners van de stad. Sommigen kunnen hun tranen niet bedwingen. Broodmagere kinderen rennen joelend naar de trucks wanneer ze merken dat sommige chauffeurs chocola of crackers uitdelen. Een jongetje op twee houten krukken, zijn been in het verband, rent het hardst. Zijn zakken puilen uit van het snoep. “Dit is een konvooi van hoop en redding”, zegt een man.

Een paar uur later wordt het konvooi bij Novi Travnik aangehouden. Kroatische militairen halen acht, tien of twaalf chauffeurs uit hun auto's. Ze worden weggevoerd en even later worden schoten gehoord. Boerenvrouwen uit de omgeving gaan mensen van het konvooi met hooivorken te lijf. Britse soldaten die de chauffeurs uit handen van de Kroaten willen redden, proberen in te grijpen maar worden beschoten.

Smiljan Djulabic is na het incident met zijn konvooi doorgereden. Vlak voor Vitez houden vijftig gewapende Kroaten het opnieuw tegen. Als ze dreigen auto's op te blazen, komt het tot een vuurgevecht met de Britse soldaten. Drie Kroaten worden daarbij gedood.