Wie zo moet rekenen als Oranje verspeelt recht op het WK

ROTTERDAM, 10 JUNI. Met een zware tas in de hand en een stuurse blik op het gezicht stapten ze al snel na de wedstrijd achter hun zaakwaarnemer aan in een auto die hen naar het vliegveld bracht. Dennis Bergkamp en Wim Jonk hebben meer belangen dan alleen het Nederlands elftal. Ze werden al gisteravond in Milaan verwacht, waar ze vandaag bij Internazionale worden onderworpen aan een medische test. Het zijn drukke tijden voor profvoetballers. Zelfs als het voetbalseizoen eindelijk voorbij lijkt, wachten nog verplichtingen. En spanningen, die de door menigeen gewenste prestaties niet ten goede komen.

Het is ze niet gevraagd. Of ze zich zorgen maken over de kwalificatie van het Nederlands elftal voor het wereldkampioenschap, na de trieste 0-0 tegen Noorwegen. Daar stond hun hoofd natuurlijk niet naar. Je zou ze er maar mee lastig vallen. En het was toch al aan hun spel te zien geweest. Bergkamp, afwisselend worstelend met zichzelf en denkend aan zijn tere gestel, als er weer een aanslag op zijn enkels werd gepleegd. Jonk, zoekend, tastend en steeds meer "breed' spelend als de Jan Peters van de jaren negentig, zelden een opportunistische pass.

Het afwezige spel van deze twee-eenheid was illustratief voor de voorzichtige houding van het Nederlands elftal. Niet mogen verliezen, vrijmoedig op de helft van de tegenstander spelen, de verdediging met z'n vieren gesloten houden en toch proberen de Noren te verslaan. Ze kregen zowaar kansen, nog wel een viertal. Maar als om aan te tonen dat het spel van Nederlands beste voetballers naar een bedenkelijk niveau is gezakt, werden ze alle op vrij amateuristische wijze verkwanseld.

En de bondscoach rekent maar door. Als de spelers zich al lang bij de uitschakeling neergelegd zullen hebben, blijft Advocaat innemend geloven in de kansen op kwalificatie. Of ze nu Bergkamp, Jonk, Wouters of Koeman heten, het wereldkampioenschap in de Verenigde Staten is in hun hoofd nog ver weg. Uitschakeling? Morgen wacht weer een belangrijke wedstrijd van hun club. Pas op het moment dat het Wilhelmus hen tot de plicht roept, voelen ze zich weer echt betrokken. En zodra het laatste fluitsignaal heeft geklonken, zijn ze al met hun gedachten bij hun club of zoals iedereen gisteren bij vakantie. Begrijpelijk.

Volgens Advocaat lagen zijn spelers na afloop volkomen uitgeput in de kleedkamer. Enige trots was hem niet vreemd. Niet verwonderlijk natuurlijk die vermoeidheid, na een wedstrijd in de hitte van juni. Niet verwonderlijk na driekwart jaar zware competitie. Van de doorgewinterde Koeman tot de enthousiast debuterende Van Gobbel werd er gesnakt naar vakantie. Zeker als de eerste kansen niet worden benut, erkende Koeman die nog twee competitie- en een paar bekerwedstrijden met Barcelona tegoed heeft, voel je dat. Dan kun je niets extra's meer geven, dan verlang je naar het einde.

Een paar dagen voor de wedstrijd tegen de Noren had Advocaat het thema vermoeidheid nog willen verzwijgen om zijn spelers niet te ontmoedigen. Na afloop van de wedstrijd tegen de Noren kon hij er niet meer omheen. De manier waarop zijn elftal had moeten spelen tegen de defensieve en fysiek sterke Noren, had veel kracht gekost, zeker in deze tijd van het jaar. Nu gaf hij ook toe dat bij de loting voor deze vaste datum de voorkeur was uitgegaan naar een wedstrijd tegen Engeland en op 28 april tegen Noorwegen. Maar dat de Engelsen dwars hadden gelegen. Dus was maar gekozen voor een duel met de Noren. Toen nog niet beseffend dat de Noren zo'n hinderlijke tegenstander zouden worden.

Drie punten heeft Advocaat en zijn elftal moeten afstaan aan Noorwegen. Een nogal gênante score voor een voetbalnatie die zich nog wel eens in staat acht wereldkampioen te worden. De krachtsverschillen zijn in de loop der jaren zo veranderd dat Advocaat nadrukkelijk moet vrezen voor een noodgedwongen afwezigheid op het titeltoernooi in de Verenigde Staten. Alleen een tweede plaats in groep 2 achter Noorwegen is met veel geluk nog mogelijk.

Veel hangt voor Nederland af van de manier waarop de al bijna geplaatste Noren tweemaal tegen Polen ten strijde zullen trekken. De Nederlanders zijn gebaat bij Noorse strijd en punten. Maar ze zullen daarnaast Engeland, dat door het gelijkspel van gisteravond weer kansen heeft, in oktober moeten verslaan en waarschijnlijk ook in het laatste (uit)duel op 17 november Polen. De eerstvolgende wedstrijd is op 9 september Engeland-Polen, waarna op 22 september Noorwegen-Polen volgt en op 13 oktober Polen-Noorwegen. De Polen zouden weleens de kwelgeesten van Oranje kunnen worden. Zoals ze dat een half jaar geleden al waren toen ze Nederland in Rotterdam op 2-2 hielden.

Wie zoveel dient te rekenen als de Nederlanders, verspeelt eigenlijk zijn rechten op deelname aan het wereldkampioenschap. In niets maakten ze gisteravond in de Kuip waar dat ze tot de beste voetballers van Europa, laat staan de wereld behoren. Natuurlijk, het was warm, de competitie was zwaar en lang geweest, de Noren speelden zo verschrikkelijk defensief en Van Basten was er weer niet bij. Maar dan nog heeft het er alle schijn van dat tussen de oude en jonge generatie een groot gat is ontstaan.

De tijd van Van Basten, Gullit, Rijkaard, Wouters en Koeman is bijna voorbij. Bergkamp is een groot talent. Maar dan? Wanneer Advocaat Bosman moet opstellen heeft Nederland een groot spitsenprobleem. Van Vossen heeft weleens iets aandoenlijks door zijn vechtlust (wat de nogal overgewaardeerde Bosman mist), maar blijkt toch minder waard dan de twaalf miljoen die Anderlecht voor hem van Ajax schijn te hebben gevraagd. Niet voor niets spelen buitenlandse spitsen als Pettersson, Romario en Kiprich een belangrijke rol bij de Nederlandse topclubs. Overmars en Blinker zijn getalenteerde buitenspelers, maar een gerichte voorzet valt van hen zelden waar te nemen. En zo verder. De eenvoud slaat toe in het Nederlandse voetbal, zeker wanneer na het vertrek van Bergkamp Romario wordt weggehoond naar het buitenland.

Aanvallend voetbal, voetbal op de helft van de tegenstander, anders kunnen Nederlandse teams zich niet veroorloven, meent de bondscoach. Het klinkt als een excuus wanneer hij de spelopvatting van het Nederlands elftal met die van met name de Noren en de Polen vergelijkt. In Nederland wordt niet vanuit een gesloten verdediging gespeeld om door middel van counters te proberen succes te boeken. Een lovenswaardig streven, maar helaas voor Nederland telt in sport alleen het resultaat.

De Noren vertrokken even vriendelijk als ze gekomen waren. Ons kan niets gebeuren, als we maar niet verliezen, dus spelen we "op de counter', wat bovendien minder vermoeiend is. Meningen over voetbal zullen tot in eeuwigheid verschillen. Maar niemand kan ontkennen dat Rune Bratseth, de 32-jarige Noorse libero, de beste speler van het veld was. Zijn bestrijdingsgebied reikte per speelperiode niet verder dan tweehonderd vierkantemeter. Een stapje naar voor, naar achter, van links naar rechts, zoals de in wanhopig oranje uitgedoste toeschouwers op de tribune zongen. Bratseth speelde indrukwekkend doordat hij zich altijd perfect opstelde en alle duels zonder moeite won.

Dan te bedenken dat Bratseth nauwelijks kon lopen. Het was een gemakkelijke wedstrijd geweest, vooral in de tweede helft, zei de verdediger van Werder Bremen na afloop kalm en opgelucht. Hij verging van de pijn in zijn rechter knie. Een pijnstillende injectie had nog grotere lichamelijke schade veroorzaakt. Maar hij had zich niet willen laten vervangen, dat was niet nodig geweest. Hij had Bergkamp niet gezien. Morgen laat hij zich na maanden van pijn en onzekerheid aan zijn geruneerde knie opereren. Dit wilde hij meemaken: de onmacht van Nederland. Dat zo'n speler zich kan handhaven. Is dat nou zijn klasse of de gebrekkige voetbalkwaliteit dan wel de vermoeidheid van de Nederlanders?