Voetbalsport gedijt bij frisse wind uit noorden

ROTTERDAM, 9 JUNI. De voetbalwereld wordt aangenaam verrast door een frisse wind uit het noorden van Europa. Na de Deense en Zweedse demonstraties van enthousiasme en ongecompliceerd voetbal tijdens het Europees kampioenschap, volgden de Noren met een openheid die allerminst misstaat in de voetbalsamenleving die door verzakelijking en wiskundig aandoende spelsystemen haar aantrekkingskracht verliest.

Het is mogelijk dat na vanavond, indien het elftal van Noorwegen van Nederland verliest, bovenstaande conclusie enigszins voorbarig is geweest. Maar dan nog heeft het gedrag van de Noren niets van zijn charme verloren. In de selectie van coach Olsen heerste in de aanloop naar het duel in Rotterdam een klimaat dat een verademing is vergeleken bij de hooghartige, geheimzinnige, zogenaamd professionele sfeer die rondom Nederlands beste profs wordt gecrëeerd.

Natuurlijk, voetbal is een doodernstige zaak, vooral wanneer de kwalificatie van het Nederlands elftal voor het wereldkampioenschap in het geding is. Bij een nederlaag kunnen de Nederlanders en hun oranje aanhang volgend jaar tijdens de titelstrijd in de Verenigde Staten thuis blijven. Maar dan nog heeft de ernst waarmee bondscoach Advocaat en zijn geselecteerden zich dezer dagen weer voorbereiden, niets te maken met het volkse karakter dat hoort bij voetbal. Een oefenpartijtje achter gesloten hekken, waarachter jongetjes en hun ouders zich verdringen om een glimp van hun sterren te kunnen opvangen, zoals afgelopen zaterdag in Noordwijk. Het werkt afstotend.

Opstellingen worden niet eerder dan een uur voor de wedstrijd bekend gemaakt door verschillende coaches. Warrige uiteenzettingen over mogelijk te spelen systemen. En na de wedstrijd de analyses: wiskunde voor het voetbalvolk. De trainersopleidingen moeten wel loodzware studies zijn. Nog altijd staat de manier in het geheugen gegrift waarop de Deense bondscoach Möller-Nielsen zijn selectie diende voor te bereiden op het recente Europees kampioenschap. Zonder voorbereiding behaalden de Denen de titel. Het "Deense model' werd de succesformule aanvankelijk eerbiedig genoemd. Maar al gauw haastten de concurrerende coaches zich het Deense succes te baseren op toeval.

De Noor Olsen is als coach meer analyticus en mathematicus dan de Deen Möller-Nielsen. Hij maakt wel terdege studie van spelopvattingen, maar hij laat zijn elftal tenminste herkenbaar voetbal spelen. Met aanvalslust en enthousiasme als belangrijkste ingrediënten. Op die manier kweek je ook saamhorigheid. Onderling begrip groeit sneller als men elkaars taal verstaat. In de Nederlandse competitie geeft Feyenoord dankzij coach Van Hanegem het goede voorbeeld. Ondanks de vele technische tekortkomingen. Maar ook die zijn enigszins vergelijkbaar met de Noorse balvaardigheid.

Dat de voetbalsamenleving verzakelijkt, vercommercialiseert en verhardt moge duidelijk zijn. De emotie rondom fantastische solisten wordt systematisch onderdrukt. Het collectief dient te triomferen. Dat schijnt het wij-gevoel ofwel het chauvinisme te bevorderen. Artiesten dienen zich ondergeschikt te maken aan de teamgeest. Het voetbalgezin als hoeksteen van de voetbalsamenleving. Vanavond zullen er genoeg potentiële artiesten in de Kuip voetballen, zoals Bergkamp, Jonk en mogelijk Blinker. Maar de vrees bestaat dat van individuele acties weinig te genieten zal zijn. Tenzij het tactish concept het toelaat.

In de sfeer van verharding en verzakelijking - professionalisering - past ook de aandacht die de vakkundige elleboogstoot van Jan Wouters op het gezicht van de Engelse spelmaker Paul Gascoigne kreeg. Zo hier en daar is mondjesmaat in de media kritiek geuit op Wouters' doeltreffende noodmaatregel - zonder Gasgoigne was Engeland in de tweede helft geen schim meer van het elftal in de eerste helft. Maar van officiële Nederlandse zijde is niets meer vernomen.

Uit angst. Elke kritische kanttekening bij de handelwijze van Wouters had kwalificatie voor het wereldkampioenschap kunnen kosten. En het Nederlands elftal moet naar Amerika, vinden de bestuurders en de hongerige sponsors. Dat Wouters zoiets doet, valt hem nauwelijks aan te rekenen. Hij is opgegroeid bij FC Utrecht, Ajax en Bayern München, in een professionele sfeer waar je zover gaat als de scheidsrechter toelaat. Arie Haan zei eens: “Voetballers zijn net kinderen. Die tasten de grenzen van de ouderlijke tolerantie af, zoals voetballers de grenzen van de scheidsrechterlijke tolerantie.”

Leo Beenhakker, ex-bondscoach, zei in HP/De Tijd dat het “typisch Nederlands” is om daar over door te zeuren. Misschien is het wel typisch Nederlands om te zwijgen over Nederlandse wandaden en ophef te maken over de buitenlandse, vooral Duitse en Italiaanse. Zodra Gentile, Goicoechea, Matthäus en Boli een zware overtreding maakten werden ze achtervolgd met scheldnamen als "de slager van Bilbao'.

Guido Tognoni van de wereldvoetbalfederatie sprak in het Duitse blad Der Kicker zijn verontwaardiging uit over de actie van Wouters. Hij meende dat de Nederlander was ontsnapt aan een schorsing. Maar dan hadden de Engelsen hem wel moeten aanklagen. Zo werkt dat niet in de voetbalsamenleving. "Maten naaien' doe je op het veld, niet daarbuiten. Gascoigne zei met een stalen gezicht voor de tv-camera dat Wouters zijn excuses had aangeboden. Hij is een goed politicus geworden, die Engelsman.

Hoe fris en amateuristisch de Noren zich nog blijven gedragen, hangt af van de belangen. Zodra zij het territorium van de gevestigde orde hebben betreden, zullen zij zich waarschijnlijk conformeren aan de heersende regels. Voorlopig genieten zij nog van hun vrijheid en laten zij de voetballiefhebber genieten van de vrijheid van hun voetbal. Wat dat betreft zou het aangenaam zijn wanneer Noorwegen, evenals nieuwkomer Griekenland en waarschijnlijk ook Zwitserland, zich kwalificeert voor het wereldkampioenschap. Voetbal vraagt om frisse geesten.

    • Guus van Holland