"Veranderingen moeten van binnenuit komen'

Veel jonge mensen zijn het materialisme voorbij. Ze zijn redelijk geslaagd, hebben werk, een huis, een auto, kunnen kopen wat ze willen. Maar er ontbreekt iets. Een leidraad, betrokkenheid. En dus zijn ze op zoek naar meer. Vandaag de vijfde aflevering van een serie. Volkert Engelsman, antroposoof en oprichter van Eosta.

“Ik heb vier jaar gewerkt bij de multinational Cargill, een Amerikaanse handelsonderneming in termijngoederen: granen, cacao en dergelijke. Op een gegeven moment kwam ik terecht in het kantoor van de president in Minneapolis. De muren hingen vol met portretten van indianen-opperhoofden. Op mijn vraag "waarom indianen-opperhoofden?' was zijn antwoord: "zij konden nog met de natuur omgaan. In de landbouw van onze tijd is die wijsheid verloren gegaan'. Mijn hart ging sneller kloppen. Ik vroeg hem "dus u staat ook welwillend tegenover de biologisch-dynamische landbouw?' Hij antwoordde: "In het geheel niet. Dat is een grote illusie. Wij moeten die wijsheid opnieuw veroveren via genetic engineering en de zaden zo ver veredelen, dat ze resistent zijn tegen ziekten. Dan zijn er geen bestrijdingsmiddelen meer nodig.' Op dat moment voelde ik een diepe kloof tussen zijn opvattingen en de mijne. Met genetische manipulatie ga je juist voorbij aan de eigenlijke krachten van de natuur. De Indianen zagen de natuur juist als een eenheid en dachten niet aan deeltjes. Niemand kan ecologisch evenwicht creëren onder de microscoop!”

Niet lang na zijn ontmoeting met de Cargill-topman verliet Volkert Engelsman (35) de multinational. Hij richtte samen met studievriend Willem van Wijk in 1990 het bedrijf Eosta op, inmiddels een van de grootste importeurs-exporteurs van biologisch-dynamische (bd) landbouwprodukten van Europa. Bij bd-landbouw wordt de vruchtbaarheid van de grond gestimuleerd door onder andere vruchtwisseling, waardoor ziekten en plagen niet meer chemisch bestreden hoeven te worden. Sinds 1992 levert Eosta voorverpakte bd-produkten aan enkele grote Nederlandse supermarktketens. Albert Heijn toonde geen belangstelling voor bd-produkten en kwam met een eigen label, het "groene blaadje'. De richtlijnen hiervoor waren echter veel minder streng dan die voor bd-produkten. De waardering van de consument voor het groene blaadje was zo gering, dat Albert Heijn er inmiddels mee is gestopt. Volkert Engelsman: “De consument wil duidelijkheid en neemt geen genoegen met vlees-noch-vis-produkten.”

De basis voor Volkerts inzet voor een duurzame landbouw ligt in de antroposofie, waar duurzame ontwikkeling van natuur en maatschappij centrale thema's zijn. De kern van de Antroposofische Vereniging is de Hogeschool voor Antroposofie, die wordt gekenmerkt door een onderzoekshouding waarin de ontwikkelingsweg van de "wordende mens' centraal staat. Volkert: “Rondom de algemeen-antroposofische sectie bevinden zich een aantal vaksecties - landbouw, geneeskunde, pedagogiek. Mijn onderzoek richt zich op de ontwikkeling van een duurzame economie. Eosta is daarvan een van de bouwstenen.”

Zijn ouders waren ook antroposofisch genteresseerd, maar Volkert maakte voor het eerst kennis met de antroposofie in Duitsland, waar hij - toen 15 - terecht kwam op een Vrije School. “Op het VWO in Nederland ging het zo van "Engelsman, denken wij dat wij ons huiswerk hebben gemaakt?' In zo'n sfeer ga je automatisch klieren en gek doen. Op de Vrije School werd amper huiswerk gegeven, maar wat je moest doen deed je, omdat het zo boeiend was.

Je werd er niet alleen aangesproken op je intellectuele, maar ook op je creatieve vermogens. De essentie is dat het onderwijs op de Vrije School uitgaat van de belevingswereld die past bij de leeftijd die je op dat moment hebt. Iemand van 12 is vooral gevoelig voor causaliteit, terwijl een puber van 17 vaak bezig is met maatschappelijke idealen. De Vrije School houdt rekening met zo'n ontwikkeling.''

Toen hij van de Vrije School kwam en moest gaan studeren, had Volkert een duidelijk uitgangspunt. “Ik had twee werelden gezien: de "gewone' en die van de Vrije School. Ik wilde een synthese aanbrengen, de antroposofie werkzaam maken in de wereld waar de gevaren van egosme en materialisme het grootst zijn. Ik ging dus economie studeren.”

Tegelijkertijd verdiepte Volkert zich verder in de antroposofie. “Tijdens mijn studie ben ik liftend enkele top-ondernemers afgegaan van wie ik wist dat ze antroposoof waren. Ik wilde weten hoe ze de antroposofie integreerden in hun ondernemerschap. Zo ging ik langs bij Pfeiffer und Langen, een Duitse suiker-gigant en bij de textielfabriek van Bartelds und Feldhoff. Peter von Siemens, ook antroposoof, heb ik helaas niet kunnen bezoeken.”

Volkert liep stage bij de antroposofische Gemeinschaftsbank in Duitsland en bij het farmaceutisch bedrijf Weleda in New York. Zo ontstond een netwerk van antroposofische contacten. Desondanks ging hij naar Cargill. Volkert: “Ik wilde toch eerst het reguliere bedrijfsleven leren kennen. Parallel was ik ook actief in de antroposofische jeugdbeweging. Bij Cargill heb ik een goede opleiding gehad en leerde het ondernemerschap en de wereldhandel van binnenuit kennen. Na vier jaar - ik was 28 - was het tijd om iets te gaan doen waarmee ik me echt kon verbinden.”

Volkert ging werken bij Proserpina, een verdeelcentrum voor bd-produkten. “Qua lifestyle was dat een flinke stap terug. Maar die deed ik graag.” Na drie jaar op de import- en export-afdeling was de tijd rijp voor het oprichten van een eigen bedrijf. Volkert: “Het kwam daarbij goed uit dat mijn compagnon Willem van Wijk eveneens een dot aan ervaring uit het bedrijfsleven meebracht.”

Eosta is een success story; de omzet groeit gestaag door. Het bedrijf zetelt in een prachtig kantoorpand in Baarn en telt zeven medewerkers. Eosta heeft naam gemaakt met import uit onder andere Egypte, Nieuw-Zeeland, Argentinië, Australië en de USA.

“Mijn ideaal is om de belangen van de economie te integreren met de belangen van het milieu. Het milieu houdt ons een spiegel voor: we kunnen de economie niet langer baseren op wederzijdse uitbuiting, we moeten toe naar een vorm van broederschap. Het eigenbelang van het individu zal plaats maken voor het eigenbelang van de mensheid als geheel. Deze veranderingen moeten echter worden bereikt langs de weg van de zakelijkheid. Ze moeten komen van binnenuit.”

“Greenpeace, de Kerk, Gorbatsjov doen belangrijk werk voor een groeiend milieubewustzijn. Uiteindelijk komt het er echter op aan dat dit bewustzijn tot in de praktijk van de markt doordringt. In de natuurvoedingsmarkt proberen we daar op onze eigen bescheiden manier een bijdrage aan te leveren.”

    • Micha Kat