Ongewilde euthanasie gevreesd door ouderen bij ziekenhuisopname

EDE, 9 JUNI. Opvallend veel ouderen zijn bang dat zij bij ziekenhuisopname het slachtoffer worden van onvrijwillige toepassing van euthanasie. Ook voelen veel ouderen zich achtergesteld bij jongeren als het gaat om wachtlijsten voor medische hulp.

Dit zijn enkele conclusies uit de telefonische enquête "Ouderen aan de lijn' van de Protestants Christelijke Ouderen Bond. De PCOB heeft de laatste maanden 2.066 ouderen naar hun mening gevraagd over de medische zorg. Vandaag werden de resultaten van het onderzoek gepresenteerd aan staatssecretaris Simons (volksgezondheid).

De geënquêteerde ouderen kwamen uit alle delen van het land, woonden bijna allen zelfstandig en velen waren lid van een ouderenbond (73 procent van de PCOB). De gemiddelde leeftijd was zeventig jaar. Bijna driekwart is sceptisch over de mate waarin rekening met hen wordt gehouden.

Bezorgdheid klinkt vooral door in de opmerkingen dat men de nieuwe euthanasiewet niet vertrouwt. Een aantal ouderen zegt dat men angst heeft voor het “te gemakkelijk” toepassen van euthanasie en stelt ziekenhuisopname daarom zo lang mogelijk uit.

Een overgrote meerderheid (82 procent) vindt dat het heel goed mogelijk is keuzes te maken in de gezondheidszorg zonder dat dit meer geld hoeft te kosten. Volgens veel ouderen gaat teveel geld naar overbodig medicijngebruik. Voor wat betreft de ziekenhuizen is men vaak van mening dat er teveel luxe is en dat de zorg tekort schiet.

Staatssecretaris Simons noemde het opvallend dat uit de PCOB-enquête blijkt dat bij ouderen een grote angst bestaat voor toekomstige ontwikkelingen en dat de ondervraagden niet per se voor een breed basispakket zijn. Simons ziet daarin een aansporing voor de ouderenorganisaties om zich samen met andere organisaties van patiënten en consumenten op te stellen als “derde partij” in de gezondheidszorg, naast zorgaanbieders en verzekeraars.

Als bijna driekwart van de bellers denkt dat er met hun mening geen rekening zal worden gehouden, ligt er nog een groot terrein braak, constateerde de staatssecretaris.